Nationaal Instituut voor de Statistiek België

Ministerie van economische zaken

60% van de Belgische huishoudens verklaart zonder moeilijkheden rond te komen

maar 16% heeft het moeilijk tot zeer moeilijk

Technische omschrijving

De huishoudbudgetenquête meet de uitgavenstructuur van een Belgisch huishouden. Over de periode van 1 juni 1997 tot 31 mei 1998 noteerden 2.213 representatieve huishoudens hun inkomsten en uitgaven. Tevens evalueerden zij aan de hand van acht vragen hun eigen situatie ten opzichte van armoede of welstand. De gegevens die door de huishoudens in de steekproef werden geleverd, werden geëxtrapoleerd naar de ongeveer vier miljoen huishoudens die ons land telt. Zij zijn beschikbaar in een reeks tabellen waarin de huishoudens werden geklasseerd volgens gewest, aantal actieve personen in het huishouden, aantal kinderen ten laste, leeftijdsklasse, beroepsstatuut, bevolkingsdichtheid, inkomensklasse en huishoudtype.

Het subjectief armoedegevoel

Ongeveer 16% van de Belgische huishoudens verklaart het moeilijk (10%) tot zeer moeilijk (6%) te hebben om met het maandelijks huishoudelijk inkomen rond te komen. Ongeveer 60% van de huishoudens heeft het daarentegen vrij makkelijk (54%) tot zeer makkelijk (6%). De problemen zijn vooral acuut in Brussel (vrijwel 25% van de huishoudens omschrijven hun toestand als moeilijk tot zeer moeilijk), terwijl het grootste gevoel van tevredenheid heerst in Vlaanderen (66% van de huishoudens).

Weinig Belgische huishoudens beschouwen zichzelf als rijk (0,3%) of arm (0,9%), maar een gelijkaardig percentage situeert zich boven (15,8%) of onder (16,1%) het gemiddelde.

4,3% van de Belgische huishoudens verklaart soms moeilijkheden te hebben met het dekken van de voedselbehoeften, maar in Brussel loopt dit percentage op tot het dubbele (8,8%). 7% van de huishoudens heeft het soms moeilijk met het betalen van verwarming, en tussen de 10 en de 11% heeft het moeilijk met dokters- of tandartsrekeningen. Maar ook hier liggen de percentages veel hoger in Brussel (17 tot 22% voor dokter en tandarts) en Wallonië (13 tot 15% voor dokter en tandarts) dan in Vlaanderen (ongeveer 7,5%). Gemiddeld 18% van de Belgen heeft het moeilijk met het betalen van kleding of schoeisel, maar voor Brussel loopt dit op tot bijna 35%.

11% van de Belgische huishoudens verklaart het afgelopen jaar financiële moeilijkheden te hebben gehad, waardoor ze hun huur, telefoon, elektriciteit, gas en dergelijke niet tijdig konden betalen. Bij 2% van de huishoudens kwamen deze problemen dikwijls voor. Ook hier bestaan opvallende verschillen tussen Brussel en Wallonië (resp. 18 en 15% hebben soms of dikwijls moeilijkheden) en Vlaanderen (slechts 7% met moeilijkheden).

Gemiddeld 54% van de Belgische huishoudens verklaart het afgelopen jaar een gedeelte van het inkomen te hebben gespaard. In Vlaanderen kon 60% van de huishoudens iets opzij zetten, terwijl dit in Brussel (44%) en Wallonië (46%) daalt tot onder de helft.

22% van de huishoudens vindt dat hun levensstandaard de laatste 10 jaar sterk is achteruitgegaan. Het gevoel van achteruitgang is echter meer algemeen in Brussel (30%) en Wallonië (29%). Vooral de verandering in tewerkstelling (40%) blijkt hierin een rol te hebben gespeeld. Bijna 30% van de huishoudens ervaart daarentegen een verbetering t.o.v 10 jaar geleden. In ongeveer de helft van de gevallen is ook hier de verbetering het gevolg van een verandering in tewerkstelling.

Ongeveer 20% van de ondervraagden vinden dat de huishoudens van hun kinderen het slechter (17,5%) of veel slechter (2,5%) hebben, terwijl 30% van de huishoudens vinden dat hun kinderen er beter (25%) tot veel beter (5%) voorstaan.

Tenslotte blijkt het gevoel van subjectieve armoede vooral sterk bij de huishoudens zonder actief lid, waarvan slechts 22% zonder moeilijkheden rondkomen en 54% hun economische toestand als beneden de middelmaat beschouwen. Ook alleenstaanden van jonger dan 30 jaar en alleenstaanden met kinderen van 16 jaar of jonger (waarvan 6,3% zichzelf beschouwt als arm), verklaren vaker in financiële moeilijkheden te verkeren.

Percentage huishoudens dat verklaart met economische moeilijkheden te kampen en percentage huishoudens met mogelijkheid tot sparen Komen Economische toestand
moeilijk rond makkelijk rond onder gemiddelde boven gemiddelde mogelijkheid tot sparen

Rijk (algemeen gemiddelde) 16,4 60,1 16,3 15,8 53,8

Brussel 24,9 49,4 21,8 18,1 44,2

Vlaanderen 13,4 66,0 14,3 16,9 60,1

Wallonië 18,7 53,5 17,9 13,1 46,3

Zelfstandigen 19,5 59,7 19,4 19,4 47,2

Arbeiders 16,4 55,9 14,8 8,4 56,7

Bedienden 11,7 64,7 9,1 21,0 63,4

Niet actief 43,9 21,9 53,9 5,8 22,8

Gepensioneerd 12,8 66,8 14,4 13,5 53,1

Alleenstaand ouder dan 65 jaar 18,5 58,6 21,6 10,2 47,1

Alleenstaand 30-64 jaar 25,4 47,4 33,5 12,6 48,3

Alleenstaand jonger dan 30 jaar 35,3 40,5 38,3 11,4 60,0

Alleenstaand met kinderen van 16 of jonger 30,3 30,0 41,1 11,4 29,3

Percentage huishoudens dat verklaart moeilijkheden te hebben in het dekken van bepaalde essentiële behoeften
Moeilijkheden om de behoeften te dekken of rekeningen te betalen voor :
voeding kleding dokter verwarming huur, electriciteit, gas...

Rijk (algemeen gemiddelde) 4,3 18,4 10,2 7,0 11,0

Brussel 8,8 34,5 17,5 9,8 18,3

Vlaanderen 2,2 12,7 7,1 3,9 7,1

Wallonië 6,5 23,0 13,2 11,4 15,1

Zelfstandigen 6,3 17,3 12,6 12,1 11,5

Arbeiders 3,2 17,3 7,0 5,8 12,8

Bedienden 2,0 16,7 3,8 2,9 10,2

Niet actief 18,4 50,2 36,7 22,1 33,5

Gepensioneerd 2,9 14,5 12,2 4,9 4,2

Alleenstaand ouder dan 65 jaar 4,6 17,7 15,4 8,3 5,0

Alleenstaand 30-64 jaar 10,4 32,5 22,4 11,8 20,0

Alleenstaand jonger dan 30 jaar 15,2 50,6 14,9 9,5 52,6

Alleenstaand met kinderen van 16 of jonger 20,9 45,9 19,4 17,1 30,5

Subjectieve evolutie van de levensstandaard in vergelijking met 10 jaar geleden en met de situatie van de kinderen

10 jaar geleden Situatie van de kinderen
veel slechter verbeterd slechter verbeterd

Rijk (algemeen gemiddelde) 21,7 30,3 19,0 28,8

Brussel 29,6 26,5 18,1 24,1

Vlaanderen 16,2 33,8 16,7 30,8

Wallonië 28,5 25,8 24,1 26,5

Alle gedetailleerde tabellen zijn beschikbaar op papier of diskette in onze informatie- en documentatiecentra.

Laatst gewijzigd op: 31-08-99 © 1998/1999 NIS, Ministerie van Economische Zaken

Deel: ' 60% Belgische huishoudens komt zonder moeilijkheden rond '




Lees ook