Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie

Rotterdam, 3 februari 2000

Chemische industrie reikt voor de derde keer studiebeurzen uit AANTAL AFGESTUDEERDE CHEMICI BLIJFT DALEN

Het aantal eerstejaars chemiestudenten aan de Nederlandse (technische) universiteiten blijft teruglopen. Indien hierin geen verandering komt, zullen er over een paar jaar zo weinig chemici afstuderen dat nog maar aan de helft van de totale vervangingsvraag in Nederland kan worden voldaan. Mede door de verlenging van de studieduur wordt verwacht dat er in 2004 minder dan 400 chemici zullen afstuderen tegen ongeveer 600 in 1999. In 1996 bedroeg dat aantal nog 800.

Drs. Peter Noordervliet, algemeen directeur van de Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI), verklaarde dit op 3 februari in Rotterdam bij de uitreiking van 72 studiebeurzen aan vwo-leerlingen en studenten die uitblinken in het vak scheikunde. Het is voor het derde achtereenvolgende jaar dat de VNCI, waarbij nagenoeg alle chemische bedrijven in Nederland zijn aangesloten, deze beurzen ter beschikking stelt. De VNCI besloot hiertoe in 1997 om te voorkomen dat chemische bedrijven in de toekomst gedwongen worden in het buitenland of bij andere disciplines naar gekwalificeerd personeel te zoeken. Doel van het VNCI-studiebeurzenproject is jong talent te stimuleren om te kiezen voor een studie aan een Nederlandse scheikundefaculteit, en op die manier de daling van het aantal eerstejaars chemie aan (technische) universiteiten af te remmen.

Onder voorzitterschap van Prof.dr.ir. J.A. Moulijn (TU Delft) selecteerde een onafhankelijke commissie met vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven en van universiteiten 72 uitblinkers. Een en zestig beurzen van ƒ 2.000,- werden uitgereikt aan goed presterende studenten scheikunde die hun eerste, tweede of derde jaar hebben afgerond.
Zeven dubbele beurzen van ƒ 4.000,- werden uitgereikt aan studenten die hoge cijfers haalden voor zowel tentamens als practica, en daarnaast ook extra studiepunten hadden vergaard.

Door verruiming van het reglement stond inschrijving dit jaar ook open voor de laatste klas van het voortgezet onderwijs, omdat daar de keuze voor een vervolgstudie wordt gemaakt. Met deze verbreding van het studiebeurzenproject wil de VNCI meer samenhang brengen in de activiteiten die zij onderneemt voor jongeren om de belangstelling voor chemie en het werken in de chemische industrie een impuls te geven. Leerlingen met een 10 voor hun CSE scheikunde en de finalisten van de Nationale Chemie-Olympiade konden de studiebeurs aanvragen. Voorwaarde was dat ze scheikunde of chemische technologie zouden gaan studeren aan een Nederlandse universiteit. Prof. Moulijn overhandigde vier cheques van ƒ 2000,- aan deze, inmiddels eerstejaars, studenten.

De VNCI besteedt veel aandacht aan het scheikundeonderwijs in Nederland. Naast het adoptieproject, dat een kader biedt voor structurele samenwerking tussen middelbare scholen en bedrijven in de directe omgeving, is er vorig jaar het project "Meet the Boss" gestart. Meet the Boss is een discussiebijeenkomst in debatvorm tussen middelbare scholieren en een chemiebaas over chemie in de breedste zin van het woord en de chemische industrie in het bijzonder. De "Nationale Chemie-Olympiade" biedt scholieren reeds een aantal jaren de mogelijkheid om de kwaliteit van hun zelf ontwikkelde scheikundeproject te toetsen. Winnaars dingen mee naar een internationale prijs.

Deel: ' Aantal afgestudeerde chemici blijft dalen '




Lees ook