expostbus51


Ministerie van Financien


https://www.minfin.nl

FINANCIEN:Aanvullende verklaring Nationaal Forum

PERSBERICHTNR. 99/033 Den Haag 9 februari 1999

AANVULLENDE VERKLARING NATIONAAL FORUM OVER EURO

Het nationaal Forum voor de Introductie van de euro heeft vandaag een aanvullende verklaring afgegeven over het distributiescenario voor de invoering van de euro. Hieronder volgt de letterlijke tekst van deze verklaring.

9 februari 1999

Distributie van de chartale euro in 2002:
Nadere verklaring van het Nationaal Forum voor de introductie van de Euro

Zeer recent hebben de Europese Centrale Bank en de Europese Commissie het standpunt bekend gemaakt dat distributie van eurobiljetten en
-munten aan het publiek niet zal zijn toegestaan voorafgaand aan 1 januari 2002.

Dit nieuw gegeven werpt een ander licht op de beide door het Nationaal Forum in een eerder stadium geanalyseerde distributiescenario.s.

Zonder voorafgaande bevoorrading van het publiek ontvalt een wezenlijk element aan een omschakeling ineens op 1 januari 2002. Deze door MKB-Nederland en de Raad Nederlandse Detailhandel voorgestane 'big bang' variant behoort dan niet meer tot de mogelijkheden.

Ook het NFE-scenario van een korte omschakelingsperiode van maximaal vier weken (zie NFE-advies van 9 november 1998) wordt door dit nieuwe feit beïnvloed. In dit scenario werd verondersteld dat beperkte bevoorrading van het publiek met uitsluitend euromunten voorafgaand aan 1 januari 2002 mogelijk zou zijn. Zonder dit element zal het publiek pas vanaf 1 januari 2002, tegelijk met de eurobiljetten, over euromunten kunnen gaan beschikken.

Het is verheugend en van groot belang dat alle deelnemers in het Nationaal Forum zich in het licht van deze nieuwe inzichten bereid hebben verklaard om mee werken aan de uitwerking van een zo kort mogelijke omschakelingsperiode die voor alle betrokkenen bovendien ook inhoudelijk goed begaanbaar is. Een gelijkgerichte inspanning en goede samenwerking van alle partijen is daarvoor immers cruciaal.

Evenzeer relevant is de uitspraak van de Europese Centrale Bank en de Europese Commissie dat bevoorrading van banken en toonbankinstellingen met eurobiljetten en - munten voorafgaand aan 1 januari 2002 wel toelaatbaar zal zijn, mits voortijdige verspreiding ervan onder het publiek kan worden uitgesloten. Dit biedt Nederland de mogelijkheid om van gerichte bevoorrading in het nationale scenario naar eigen goeddunken gebruik te maken. Voorkomen moet worden dat hierdoor een concurrentieverstoring optreedt ten nadele van het kleinbedrijf.

Alle deelnemers in het Nationaal Forum zijn van oordeel dat hiermee het stadium is aangebroken om de voorbereiding van de introductie van de chartale euro in Nederland eendrachtig ter hand te nemen.

De deelnemers in het Forum onderschrijven daarbij de volgende uitgangspunten.
. Binnen de benadering van het kabinetsstandpunt (brief Minister van Financiën aan Tweede Kamer d.d. 8 december 1998) zal een zo goed mogelijk omschakelingsscenario met zo laag mogelijke maatschappelijke kosten worden uitgewerkt. Alles op alles zal worden gezet om tot een zo kort mogelijke periode van geconcentreerde omwisseling te komen. Indien een kortere periode van geconcentreerde omwisseling realiseerbaar blijkt, kan in een later stadium ook worden bezien of het verantwoord is om de gulden eerder dan 28 januari 2002 de hoedanigheid van wettig betaalmiddel te laten verliezen. . De logistieke en veiligheidsrisico.s en kosten dienen voor alle betrokken partijen te worden geminimaliseerd.

Daarnaast tonen alle NFE-partijen de bereidheid om, op basis van deze uitgangspunten, zich de komende tijd maximaal in te zetten om de modaliteiten van het scenario nader uit te werken. Uitwerking van onder andere de volgende elementen wordt daarbij nagestreefd. . De daadwerkelijke omwisseling van gulden naar euro zal tijdens de omschakelingsperiode zoveel mogelijk buiten de toonbankinstellingen om plaatsvinden. Onder meer zal uitwerking worden gegeven aan stimulansen voor het publiek om gebruik te maken van de omwisselfunctie van banken en postkantoren. De door de minister in het vooruitzicht gestelde financiële vergoeding voor de inname van guldenmunten is hierbij een belangrijk element.
. De distributie van euromunten en biljetten aan het publiek vanaf 1 januari 2002 geschiedt zo snel mogelijk (haalbaar en veilig), aangezien dit de duur van de feitelijke omschakeling bekort. De geldautomaten geven vanaf E-day daarom nog uitsluitend eurobiljetten.
. Elektronisch betalen (pinnen en chippen) zal een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan het bespoedigen van het proces. De partijen in het Forum dragen, vanuit hun eigen rol en verantwoordelijkheid, bij aan een structurele bevordering van deze wijze van betalen.
. Relevant voor de snelheid van de omschakeling is ook de mate waarin toonbankinstellingen euro.s als wisselgeld terug geven. Hoe eerder en massaler dit gebeurt, des te sneller zal de gulden uit het betalingsverkeer verdwijnen. Nader bezien zal moeten worden wat hier haalbaar en zinvol is.
. Met inachtneming van bovenstaande zetten alle betrokken partijen zich maximaal in om de duur van de omschakeling zo veel mogelijk te beperken. Een substantiële verkorting van de feitelijke omschakeling wordt beoogd. Haalbaarheid en veiligheid blijven evenwel richtinggevend.

Bij de uitwerking van de modaliteiten die een en ander mogelijk moeten maken, is niet alleen de duur van de omschakelingsperiode van belang. Voor de detailhandel is evenzeer relevant dat de modaliteiten gericht op een snelle omschakeling niet leiden tot onnodige of onevenredige belasting van de toonbankinstellingen. Ook voor andere groeperingen is de inhoud van het omschakelingsscenario naast de duur ervan van grote betekenis. Dat geldt onder meer voor de kwetsbare groepen waarvoor het Nationaal Forum en het kabinet de aandacht hebben gevraagd.

Met deze inzet willen de deelnemers van het Nationaal Forum aan de slag.

Woordvoerder: Drs R.P.Florisson

06-53130580


09 feb 99 18:37

Deel: ' Aanvullende verklaring distributiescenario invoering euro '




Lees ook