tweede kamer der staten generaal

aan de voorzitter van de tweede kamer der staten-generaal

's-gravenhage, 11 april 2000

onderwerp: kamervragen

hierbij doe ik u mede namens mijn ambtgenoot van het ministerie van onderwijs, cultuur en wetenschappen de antwoorden toekomen op de vragen gesteld door het lid stellingwerf van de rpf, over de driejarige opleiding van het rotterdamse scheepvaart- en transportcollege van 28 maart 2000.


1. heeft u kennisgenomen van het bericht dat een driejarige opleiding aan het rotterdamse scheepvaart en transportcollege geen kwalificatie lijkt te bieden voor het diploma stuurman/schipper - kapitein voor de rijn- en binnenvaart, terwijl de studenten en hun ouders aan het begin van de opleiding het tegendeel was beloofd.
ja.


2. deelt u de opvatting dat de betrokken studenten en hun ouders hierdoor zwaar worden gedupeerd?
dit is afhankelijk van het antwoord op de vraag of voorafgaand aan deze opleiding door het stc de studenten een volledige kwalificatie als stuurman of schipper in de binnenvaart in het vooruitzicht is gesteld, indien zij deze opleiding met succes zouden afronden. over onder andere deze vraag heeft tussen stc en ouders en leerlingen op maandagavond 3 april nader overleg plaats gevonden.


3. biedt het stc op grond van de wet educatie beroepsonderwijs (web) een beroepskwalificerende opleiding op mbo-niveau?
ja. deze opleiding is door het ministerie van oc&w als zodanig erkend.
4. als het antwoord op vraag 3 bevestigend is, waarom zijn studenten dan pas gekwalificeerd voor het diploma stuurman/schipper als ze enkele jaren na het afronden van hun opleiding aan het stc opnieuw een (navigatie-) examen hebben afgelegd? in welke opzichten wijkt het niveau van laatstgenoemd examen af van het niveau dat reeds op het stc moest worden bereikt?
de reden waarom deze studenten nog niet gekwalificeerd zijn voor een functie als stuurman of schipper/kapitein in de binnenvaart, hangt samen met de eisen die de vervoerswetgeving stelt . om bijvoorbeeld als stuurman te mogen varen in de binnenvaart is op grond van de bemanningsregelingen in de binnenvaart (wet vaartijden en bemanningssterkte binnenvaart) minimaal nodig een diploma van een binnenvaartopleiding plus twee jaar vaartijd, of een vaartijd van minimaal vijf jaar. om als schipper of kapitein in de binnenvaart te mogen varen, dient men te beschikken over een groot vaarbewijs, een ervaring van minimaal vier jaar vaartijd en een bewijs dat men medisch geschikt is. verder moet men minimaal 18 jaar oud zijn, en in het bezit zijn van een getuigschrift waaruit blijkt dat men in een aantal vakken examen heeft afgelegd. het stc-diploma biedt een vrijstelling voor al deze vakken, uitgezonderd het vak navigatie. daarvoor dient men nog afzonderlijk examen af te leggen. het radardiploma is geen vereiste om als gekwalificeerd schipper te fungeren. op basis van de radarpatentregeling mag echter pas examen worden afgelegd voor dit diploma indien men in het bezit is van een vaarbevoegdheid. het diploma van het stc is dat formeel niet.


5. hebben uw beide ministeries overleg gevoerd over de opleidingseisen van deze specifieke opleiding? zo ja, wat was precies de uitkomst van dit overleg en op welke wijze zijn de betreffende onderwijsinstellingen daarvan op de hoogte gesteld. zo neen, waarom heeft geen afstemming plaatsgevonden?
nee. het opstellen van eindtermen, de inhoud van het curriculum en de externe legitimering is de taak van het landelijk orgaan en de commissie onderwijs bedrijfsleven, waarin ondermeer ook het vt&l/kofs en het stc vertegenwoordigd zijn. uit dien hoofde heeft geen overleg tussen beide ministeries plaatsgevonden.


6. bestaat in het veld onduidelijkheid over het aantal vaarjaren vereist voor het praktisch navigatie-examen? waaraan is dat toe te schrijven?
in het huidige examenreglement is vastgelegd dat eerst vier jaar vaartijd moet zijn behaald voordat examen mag worden afgelegd in dit vak. dit examenreglement is goedgekeurd in een ministeriële regeling bij de binnenschepenwet en is bekend bij de onderwijsinstellingen.


7. welke positie hebben het stc en de vakopleiding transport en logistiek ten opzichte van elkaar? vindt u het wenselijk dat zich twee onderwijsinstituten op dezelfde markt bewegen, waarvan een zeer nauw is verbonden aan een instituut dat de bevoegdheid heeft om examens af te nemen.
het stc is een vakinstelling, die zich o.a. met de binnenvaart bezighoudt. de vakopleiding transport en logistiek (vt&l) maakt onderdeel uit van het landelijk orgaan transport en logistiek en verzorgt eveneens een opleidingsaanbod. daarnaast zijn er nog andere regionale opleidingscentra (roc’s), die een licentie hebben om een opleiding voor de binnenvaart aan te bieden. evenals de bedrijfstak hecht ik waarde aan een "vrije" markt voor scholing en opleiding, maar dient het bureau dat examens afneemt en vaardocumenten afgeeft zich controleerbaar onafhankelijk te kunnen opstellen van de onderwijsinstanties. Het KOFS is een ZBO dat in opdracht van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat uitvoering geeft aan de wettelijke regelgeving. Hoewel het KOFS is ondergebracht bij de VT&L, werken de examencommissies onafhankelijk en kennen zij hun eigen verantwoordelijkheid. De examen-activiteiten zijn aparte bedrijfsprocessen, waarbij er geen interactie is met de rest van de organisatie. Toezicht op de examens vindt plaats door de wettelijk vereiste aanwezigheid bij de examens van rijksgecommitteerden, terwijl de examenprogramma’s en reglementen worden goedgekeurd door de Minister van Verkeer en Waterstaat. Het KOFS heeft inmiddels een audit ISO-norm 9001 doorlopen. Daarmee zijn werkstijl en examenprocedures voor iedereen inzichtelijk gemaakt. Overigens is uw vraag voor mij aanleiding om met mijn collega van OC&W de huidige onderwijsstructuur van de binnenvaart nog eens tegen het licht te houden.


8. Is het denkbaar dat na het afronden van de opleiding aan het STC de jongeren een opleiding krijgen die na het behalen van de verplichte vaartijd is in te wisselen voor het groot vaarbewijs, zonder dat een extra navigatie- en radarexamen nodig zijn? Hoe verhouden de huidige opleidingseisen zich tot de eisen die van toepassing waren voor de inwerkingtreding van de WEB?

9. Welke mogelijkheden ziet u om uit de ontstane impasse te komen? Hoeveel ruimte heeft u hiervoor in EU-verband?
De in vraag 8 gesuggereerde situatie is denkbaar. Het STC heeft dezer dagen een verzoek ingediend tot erkenning van de driejarige opleiding van het STC als bewijs voor de vaarbekwaamheid voor de niet bedrijfsmatige vaart op de binnenwateren. Daardoor kunnen de leerlingen na het behalen van hun diploma direct toegang krijgen tot het radarexamen. V&W zal nagaan of met een aanpassing van het examenreglement schippersdiploma’s de voorwaarde van vier jaar vaartijd voor het examen navigatie kan worden afgeschaft, en de opleiding van het STC met drie jaar vaartijd kan worden gehonoreerd. Van enige mogelijke strijdigheid met het EU-regime is hier geen sprake.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

T. Netelenbos

Deel: ' Antwoord kamervragen over Rotterdams Scheepvaartcollege '




Lees ook