Tweede Kamer der Staten Generaal

aanh9900.701 het voortbestaan van flevo ferries
Gemaakt: 6-3-2000 tijd: 14:39


2

Aan

de voorzitter van de Tweede Kamer

der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 29 februari 2000

Onderwerp

Kamervragen voortbestaan van Flevo Ferries.

Geachte voorzitter,

Hierbij bied ik u, mede namens de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, de antwoorden aan op de Kamervragen gesteld door de leden Hofstra en

Passtoors van 28 januari 2000, met betrekking tot het voortbestaan van Flevo Ferries.


1. Dreigt het voortbestaan van Flevo Ferries gevaar te lopen omdat er bij het afgeven van de vergunning geen rekening is gehouden met de Europese vogelrichtlijn?

Zoals is aangegeven bij brief van 8 februari 2000 in antwoord op de Kamervragen gesteld door het lid M.B. Vos (nummer 2990003409) zal in overleg met de Provincie Flevoland worden bezien of en hoe er in het kader van de betreffende veerverbindingen kan worden voldaan aan het gestelde in de Vogelrichtlijn.


2. Zo ja, kunt u aangeven wat de consequenties zijn van het niet naleven van de richtlijn?

Niet van toepassing.


3. Zo neen, op welke wijze is er dan wel rekening mee gehouden, en wat is er concreet gedaan bij de voorbereiding?

Ik verwijs u hiervoor naar het antwoord op vraag 1.


4. Bent u van plan maatregelen te treffen voor het in de vaart houden van de Flevo Ferries? Zo ja, welke maatregelen? Zo neen, waarom niet?

Neen. De verantwoordelijkheid voor de keuze van de vervoerder ligt op decentraal niveau, dus in dit geval bij de provincie Flevoland. Ik heb aan deze provincie een startsubsidie verstrekt ten behoeve van de veerverbinding Lelystad-Almere-Amsterdam. De provincie is dan ook in eerste instantie verantwoordelijk voor het in de vaart houden van de exploitant. Ik zie derhalve geen reden om maatregelen te treffen.


5. Op welke termijn kan de minister volledige duidelijkheid geven?

Ik ga ervan uit dat u met deze duidelijkheid doelt op het in de vaart houden van

Flevo Ferries. Hiervoor verwijs ik u naar mijn antwoord op vraag 4.


6. Heeft de Europese vogelrichtlijn ook consequenties voor andere vormen van (openbaar) vervoer te water? Zo ja, waar doen deze problemen zich voor of waar zijn deze problemen nog te verwachten?

Een aantal gebieden in Nederland zijn in het kader van de Vogelrichtlijn aangewezen als speciale beschermingszone. Nadat in 1979
30 gebieden waren aangewezen heeft het Kabinet u bij brief van de Staatssecretaris van LNV geïnformeerd over de aanwijzing van 49 nieuwe beschermingszones. Dit is gedaan bij brief van 1 februari 2000, met kenmerk N/2000/44/ms.

Naast de door Flevo Ferries uitgevoerde trajecten Lelystad-Amsterdam en Almere-Amsterdam is ook het traject Almere-Huizen gelegen binnen de genoemde beschermingszones. Voor elk van deze drie trajecten zal in overleg met provincie Flevoland worden bezien of en hoe kan worden voldaan aan het gestelde in de Vogelrichtlijn. De andere opgestarte trajecten voor openbaar vervoer te water, te weten Velzen-Amsterdam, Rotterdam-Dordrecht en Waterbus Drechtsteden, vallen niet binnen de beschermingszones.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

T. Netelenbos

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

Deel: ' Antwoord kamervragen over voortbestaan van Flevo Ferries '




Lees ook