Ministerie van Economische Zaken


https://www.minez.nl

MIN EZ:overheidssteun voor het bedrijf pharming

Ministerie van Economische Zaken
Berichtnaam: Persbericht
Nummer: 131
Datum: 01-10-2001

OVERHEIDSSTEUN VOOR HET BEDRIJF PHARMING

Het lid van de Tweede Kamer, Poppe (SP), heeft aan de ministers van Economische Zaken van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op 30 augustus 2001 de volgende schriftelijke vragen gesteld.


1 Kent u het artikel 'PvdA wil Pharming helpen' waarin sprake is van mogelijke overheidssteun voor Pharming?1)


2 Is het waar dat het Amerikaanse bedrijf Genzyme inmiddels medicijnen ten behoeve van de ziekte van Pompe produceert zonder dat daarvoor genetische manipulatie van dieren hoeft te worden toegepast? Is het tevens waar dat dit medicijn een volwaardig alternatief is voor het door Pharming geproduceerde medicijn 'Pompase'? Zo ja, kunt u aangeven hoe een eventuele steunverlening aan Pharming zich zou verhouden tot het wettelijke vastgelegde 'nee, tenzij' beleid ten aanzien van het genetisch manipuleren van dieren?


3 Is het waar dat Pharming ook in Nederland vergunning heeft voor de genetische manipulatie van verschillende zoogdieren voor de productie van alpha-glucosidase? Zo ja, bent u bereid die in te trekken op het moment dat er een volwaardig en diervriendelijk alternatief bestaat?


4 Deelt u de mening dat het onwenselijk is patiënten afhankelijk te maken van de wisselvalligheid en concurrentiestrijd van commerciële bedrijven wat betreft de ontwikkeling en de productie van medicijnen? Zo nee, waarom niet?


5 Kunt u aangeven waarom Pharming, nu het bijna failliet is, steun vraagt om de productie van Pompase zeker te stellen, terwijl zij al in april besloot volgend jaar te stoppen met de productie van Pompase?2)


6 Welke redenen had Pharming om te willen stoppen met de productie van alpha-glucisidase in konijnenmelk en welke redenen heeft het bedrijf nu toch om verder te gaan met de productie?


7 Is het waar dat de productiemethode die Pharming gebruikt veel omslachtiger is dan de methode die Genzyme toepast en dat dit een van de redenen was dat Pharming wilde stoppen met de productie?


8 Kunt u aangeven hoeveel overheidssteun Pharming sinds haar oprichting gekregen heeft in de vorm van Technologische Ontwikkelingskredieten en anderszins?


9 Welk bedrag zal in het bedrijf nu aan de overheid vragen om faillissement te voorkomen?


10 Kunt u aangeven hoeveel geld er is geïnvesteerd in universitair onderzoek naar geneesmiddelen voor Pompepatiënten?


11 Deelt u de mening dat commerciële bedrijven die met financiële steun van de overheid gegroeid zijn tot een winstgevend bedrijf, de overheidssteun terug zouden moeten betalen aan de overheid? Zo nee, waarom niet?


12 Deelt u de mening dat de regering garant zou moeten staan voor de continuïteit van de productie van medicijnen voor o.a. de ziekte van Pompe?

---

1) Leidsch Dagblad 23 augustus jl.

2) Volkskrant 29 augustus jl.

De Minister van Economische Zaken, A. Jorritsma-Lebbink, heeft mede namens de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport deze vragen als volgt beantwoord.


1 Ja


Gecombineerd antwoord op vragen 2, 6 en 7
Zoals uit persberichten en andere publicaties van betrokken bedrijven is op te maken is het Amerikaanse bedrijf Genzyme met verschillende partners, waaronder Pharming, al geruime tijd bezig met de ontwikkeling en het op de markt brengen van een medicijn tegen de ziekte van Pompe. Het voor dit medicijn werkzame enzym zo blijkt uit deze berichten is op verschillende wijze te bereiden: uit de melk van voor dit doel genetisch gemodificeerde konijnen of met behulp van isolatie/productie uit genetisch gemodificeerde cellijnen van hamsters.
Blijkens deze berichten zijn voor de op beide wijze geproduceerde enzymen op verschillende plaatsen klinische tests gaande. De patiënten in Rotterdam en Essen worden in deze klinische testfase behandeld met het uit de konijnenmelk afkomstige enzym. Zolang de klinische testfase niet is afgerond kan nog niet gesteld worden welke productiewijze uiteindelijk de beste optie is.
Om haar moverende redenen heeft Genzyme besloten de ontwikkelingen met de konijnen-productie op termijn te stoppen, echter met de schriftelijk bevestigde intentie dat de patiënten in Rotterdam en Essen ter overbrugging van die periode behandeld blijven worden met het via die route verkregen enzym.

Voor de productie van transgene dieren is in Nederland een vergunning nodig krachtens het Besluit Biotechtechnologie bij Dieren. Subsidies voor onderzoek en ontwikkeling worden verleend aan projecten die in Nederland worden uitgevoerd, hetgeen betekent dat vergunningverlening altijd een voorwaarde is voor de subsidietoekenning. Overigens zij hierbij aangetekend dat voor het onderhavige project geen subsidies van de Nederlandse overheid zijn verstrekt.


3 Neen, niet meer. Op 27 januari 1998 heeft de minister van LNV 3 vergunningen afgegeven aan Pharming voor het genetisch modificeren van muizen, konijnen en runderen met het oog op de productie van lysosomale enzymen in de melk van zoogdieren ten behoeve van de humane gezondheidszorg. In het kader van deze vergunningen zijn transgene dieren gegenereerd die humaan alfa-glucosidase in de melk produceren. Gezien het nieuwe feit, dat in principe alfa-glucosidase uit transgene hamstercellijnen naar de markt wordt gebracht, heeft de minister van Landbouw op
28 juni 2001 besloten deze vergunningen zodanig te wijzigen dat geen 'nieuwe transgene dieren' meer mogen worden gegenereerd met het oog op productie van humaan alfa-glucosidase in de melk van deze dieren. Het onderzoek met de reeds gegenereerde dieren kan echter worden voortgezet ten behoeve van de patiënten die nog in behandeling zijn.

Gecombineerd antwoord op vragen 4 en 12
Bij de ontwikkeling en de productie van geneesmiddelen speelt het welzijn van de patiënten een grote rol. De ontwikkeling van geneesmiddelen vindt plaats in een marktomgeving, waarin vanzelfsprekend ook concurrentieverhoudingen en andere onderzekerheden een rol spelen. De situatie dat patiënten afhankelijk zouden zijn van de wisselvalligheid en concurrentiestrijd van bedrijven wat betreft de ontwikkeling en de productie van geneesmiddelen is echter zeer onwenselijk. Deze situatie is echter niet volledig uit te sluiten omdat de ontwikkeling en productie van geneesmiddelen geen overheidstaak is en daarom vrijwel geheel in handen is van commerciële ondernemingen. Hierbij gaat het dikwijls om hoge investeringskosten waarbij de kans op succes niet altijd op voorhand gegarandeerd is. De meeste commerciële ondernemingen zullen daarom met name in dat geneesmiddel investeren waarbij het profijt het grootst zal zijn. Indien de ontwikkeling en productie van bepaalde geneesmiddelen achterblijft, zoals dit bijvoorbeeld het geval kan zijn bij de ontwikkeling van weesgeneesmiddelen, kan de overheid stimuleringsmaatregelen treffen.
Dit betekent echter niet dat de overheid actieve bemoeienis heeft met de productie van geneesmiddelen. Zowel bij de ontwikkeling als bij de productie van geneesmiddelen is de fabrikant verantwoordelijk voor de continuïteit van het geneesmiddel.

Gecombineerd antwoord op de vragen 5 en 9
Een belangrijke reden voor continuïteit van het bedrijf is gelegen in het feit om de productie van het enzym voor de patiënten veilig te stellen, zoals al in de antwoorden op voorgaande vragen is aangegeven. Hier lijkt door het aanbod van Genzyme om de huidige productielijn gaande te houden in te kunnen worden voorzien, blijkens persberichten van die zijde.

De overheid zal, indien het bedrijf hierom formeel zou vragen, echter geen financiering beschikbaar stellen om een failissement van het bedrijf te voorkomen. Dit in lijn met de algemene uitgangspunten van het beleid van de overheid in dezen.

8 Sinds de oprichting van Pharming heeft dit bedrijf van het Ministerie van Economische Zaken voor vijf projecten subsidie en voor twee projecten een Technisch Ontwikkelingskrediet ontvangen:


- drie subsidies met een totaalomvang van NLG 591.468 werden in 1990 verleend vanuit de toenmalige subsidie regeling 'Programmatisch Bedrijfsgerichte Technologiestimulering (PBTS)-Biotechnologie';
- Pharming ontving tweemaal een krediet in het kader van de regeling 'Technisch OntwikkelingsKrediet' (TOK), te weten in 1993 een TOK met een omvang van NLG 21.760.000 en in 1998 een TOK met een omvang van NLG 10.212.400.

- in 1999 een subsidie in het kader van de regeling 'Bedrijfsgerichte Technologische Samenwerking' (BTS) van NLG 769.754 en een subsidie in het kader van de regeling 'Bedrijfsgerichte Internationale Technologiesamenwerking' (BIT) van NLG 3.000.000

In de jaarverslagen van Pharming over 1999 en 2000 zijn deze overheidsbijdragen vermeld, met uitzondering van de in 1990 beschikbaar gestelde 'PBTS-subsidies'.

10 De enige groep die in Nederland onderzoek doet naar de ziekte van Pompe zit bij de medische faculteit van de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR). De onderzoeksgroep bestaat uit één fulltime universitaire hoofddocent, die ook onderwijs geeft, en één analist. De enzymdiagnostiek van de ziekte Pompe vindt plaats door klinisch genetische centra; de moleculaire biologische diagnostiek wordt verzorgd door de betreffende onderzoeksgroep van de EUR. Een dergelijke opzet is karakteristiek voor onderzoek aan zeldzame ziekten, zoals Pompe.

Daarnaast wordt vanuit het Sophia kinderziekenhuis in Rotterdam gewerkt aan
het klinisch onderzoek door 1 fulltime kinderarts in dienst van dit ziekenhuis, die overigens niet alleen werkzaam is voor dit specifieke onderzoek, en door een
arts-onderzoeker, waarvan de kosten vanuit het budget voor dit klinisch onderzoek worden gedekt.

In de 80-er en 90-er jaren zijn er ook enkele 2 jarige projecten op dit gebied uitgevoerd, waarbij de Universiteit van Amsterdam en van Utrecht betrokken waren. Deze projecten werden door het Prinses Beatrixfonds en het Preventiefonds gefinancierd.

11 Subsidies worden uit de aard der zaak niet terugbetaald aan de overheid. Indien een bedrijf winst maakt, onder meer omdat het mede met steun van overheid, heeft geïnvesteerd in kennis en innovatie, zal het bedrijf o.a. via de vennootschapsbelasting en de geschapen hoogwaardige banen deze steun op indirecte wijze aan de samenleving terugbetalen.

Bij het TOK ligt dit anders. Hier is de voorwaarde dat het krediet geheel of gedeeltelijk moet worden terugbetaald aan de overheid bij gebleken commerciëel succes van het project, waarvoor het TOK beschikbaar is gesteld.

Noot van de redactie: inlichtingen bij Maryse Ducheine, tel: (070) 379 64 64


01 okt 01 16:02




Deel: ' Antwoord kamervragen Overheidssteun voor Pharming '




Lees ook