Ministerie van Buitenlandse Zaken


Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Binnenhof 4

Den Haag
Directie Personenverkeer, Migratie en Consulaire Zaken

Afdeling Consulair-Juridische Zaken

Bezuidenhoutseweg 67

Postbus 20061


2500 EB Den Haag

Datum 30 augustus 1999
Kenmerk CJ/BZ
Blad 1/1
Bijlage(n)
Betreft Kamervragen nr. 2989916990 van het lid Marijnissen (SP) over de vervolging van

oud-dictator Pinochet

Zeer geachte voorzitter,

Onder verwijzing naar de brief van de Griffier Uwer Kamer, d.d. 10 augustus 1999, kenmerk 2989916990, waarbij gevoegd waren de door het lid Marijnissen (SP) overeenkomstig artikel 134 van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer bij U ingediende vragen, heb ik de eer U, mede namens mijn ambtgenoot van Justitie als bijlage dezes mijn antwoord op de gestelde vragen te doen toekomen.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

Antwoorden van de heer Van Aartsen, Minister van Buitenlandse Zaken mede namens de heer Korthals, Minister van Justitie, op de vragen van het lid Marijnissen (SP) over vervolging van oud-dictator Pinochet (ingezonden 12 augustus 1999, kenmerk 2989916990).

Vraag 1

Kent u het bericht dat de Spaanse procureur Rubira heeft verzocht om annulering van het verzoek van Spanje aan Engeland om de Chileense ex-dictator Pinochet uit te leveren?

Antwoord 1

Ja. Ons is overigens niet bekend dat de Spaanse justitiële autoriteiten het uitleveringsverzoek hebben ingetrokken. Voorbereidingen voor de aanvang van de uitleveringsprocedure (27 september a.s.) gaan in het VK gewoon door.

Vraag 2

Deelt u de mening dat het betreurenswaardig zou zijn als ex-dictator Pinochet alsnog door Engeland op vrije voeten wordt gesteld en een proces wegens ernstige schendingen van de mensenrechten ontloopt?

Antwoord 2

Zoals in antwoord op eerdere vragen van dezelfde vragensteller1 en van het lid Van Oven2 over deze zaak reeds medegedeeld is de Nederlandse regering van mening dat personen die zich schuldig hebben gemaakt aan ernstige mensenrechtenschendingen daarvoor aan een rechter verantwoording moeten afleggen. Nederland zet zich daarvoor in het algemeen in. In dit verband verwijst de regering naar het feit dat Nederland een bijzonder actieve bijdrage heeft geleverd aan de oprichting van het Internationaal Strafhof. Tevens herhalen wij ons standpunt dat het universaliteitsbeginsel indiceert dat Pinochet op basis van de door de Spaanse justitie geformuleerde tenlastelegging in enig land vervolgd zou moeten kunnen worden, zij het onder het eerder gemaakte voorbehoud m.b.t. een mogelijk slagen van Pinochets beroep op staatsimmuniteit.

Vraag 3

Beschikt het Openbaar Ministerie op dit moment over voldoende bewijsmateriaal om vervolging tegen ex-dictator Pinochet in te stellen (in de zin van artikel 27 van het Wetboek van Strafvordering of artikel 5 van de uitvoeringswet Folteringsverdrag)? Zo ja, bent u dan bereid Engeland om uitlevering van Pinochet te verzoeken? Zo neen, waarom niet? Bent u dan bereid er bij uw Belgische, Franse en Zwitserse collega's op aan te dringen hun destijds ten gunste van Spanje ingetrokken uitleveringsverzoeken nogmaals bij Engeland in te dienen?

Antwoord 3

Evenals ten tijde van de beantwoording van eerdere vragen van dezelfde vragensteller3 het geval was, beschikt het Nederlandse Openbaar Ministerie niet over informatie die concrete aanwijzingen bevat over individuele gevallen van foltering gepleegd door of onder verantwoordelijkheid van oud-dictator Pinochet. Er is derhalve geen grond op basis waarvan het VK om uitlevering van Pinochet kan worden gevraagd.

Indien het Spaanse verzoek tot uitlevering wordt ingetrokken zal de Britse 'Crown Prosecution Service (CPS)' op basis van een eigen beoordeling van de zaak moeten bepalen of er voldoende grond is voor een proces tegen oud-dictator Pinochet in het Verenigd Koninkrijk. Voor wat betreft de uitleveringsverzoeken van België, Zwitserland en Frankrijk gaat de Nederlandse regering ervan uit dat de betrokken landen een serieuze afweging zullen maken t.a.v. het eventueel opnieuw indienen van uitleveringsverzoeken.

Vraag 4

Kunt u, gezien de mogelijke spoed die geboden is, deze vragen binnen enkele dagen beantwoorden?

Antwoord 4

Beantwoording van deze vragen is zoals gebruikelijk terstond ter hand genomen. In verband met de noodzakelijke zorgvuldigheid van de beantwoording is het nodig geweest om inlichtingen in te winnen bij het Openbaar Ministerie. Hoewel deze snel beschikbaar kwamen is het niet mogelijk gebleken om u binnen enkele dagen te antwoorden.

_______________________________________


1Aanhangsel Handelingen nr. 246, vergaderjaar 1998-1999


2 Aanhangsel Handelingen nr. 397, vergaderjaar 1998-1999


3 Aanhangsel Handelingen nr. 398, vergaderjaar 1998-1999

Deel: ' Antwoord kamervragen vervolging oud-dictator Pinochet '




Lees ook