ministerie van economische zaken - persbericht 219 datum: 15-12-1999

investeringsverbod met betrekking tot myanmar

het lid van de tweede kamer koenders (pvda) heeft aan de minister van buitenlandse zaken en de staatssecretaris van economische zaken op 1 december 1999 de volgende schriftelijke vragen gesteld.

1 hoe beoordeelt u het afsluiten van een contract door het nederlandse bedrijf ihc holland, een dochter van ihc caland, met het myanmarese ministerie van transport over de levering van een snijkopzuiger? *

2 deelt u de mening dat de levering van de snijkopzuiger, ondanks de op het eerste gezicht vreedzame doel waarvoor zij wordt aangeschaft, meewerkt aan het instandhouden van de militaire junta in myanmar en om die reden verwerpelijk is?

3 in hoeverre is die levering in strijd met nationale of internationale regelgeving?

4 ziet u redenen en mogelijkheden voor de nederlandse regering om ihc holland aan te spreken op dit kennelijke besluit en/of heeft u de beschikking over andere instrumenten waarmee u dit besluit kunt beinvloeden?

5 in hoeverre bent u bereid op zeer korte termijn over te gaan tot het, waar mogelijk met gelijkgezinde landen, afkondigen van een handels- en investeringsverbod m.b.t. mayanmar?

* persbericht ihc caland, 19 november jl.

de staatssecretaris van economische zaken, drs. g. ybema heeft deze vragen mede namens de minister van buitenlandse zaken, j.j. van aartsen als volgt beantwoord.

1 en 2 ik heb kennis genomen van de krantenberichten over het contract voor de levering van een snijkopzuiger door ihc caland aan het ministerie van transport van birma. de regering moedigt handel met en investeringen in birma op geen enkele wijze aan, zolang mensenrechtenschendingen op de huidige schaal voortduren en de terugkeer naar de democratie wordt geblokkeerd.

3 en 5 er is op dit moment geen effectieve regelgeving die levering verbiedt. tot nu zijn in het gemeenschappelijk standpunt over birma van de eu als sancties met een economische werking een boycot op afgifte van visa (ook transitvisa) voor de eu aan vertegenwoordigers van het regime en een wapenembargo opgenomen. dit gemeenschappelijk standpunt zal in april 2000 wederom worden bezien. in het licht van de voortdurende mensenrechtenschendingen in birma blijft nederland actief streven naar consensus over het opnemen van meer economische sancties in het gemeenschappelijk standpunt.

4 ik spreek regelmatig met nederlandse bedrijven over de maatschappelijke aspecten van internationaal ondernemen. zo heb ik ook ihc caland duidelijk het standpunt van de
regering ten aanzien van handel met en investeringen in birma overgebracht. daarbij is ook duidelijk gemaakt dat nederland voorstander is van multilaterale economische sancties.

Deel: ' Antwoord vragen investeringsverbod Myanmar '




Lees ook