Ministerie van Binnenlandse Zaken


Van Boxtel wil betere handhaving geheimhoudingsrecht persoonsgegevens

15 februari 1999
Minister Van Boxtel voor Grote Steden- en Integratiebeleid heeft de gemeentebesturen vandaag een brief gestuurd waarin nadrukkelijk de aandacht wordt gevraagd voor de verplichtingen die de gemeenten hebben op grond van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (WGBA) en de Wet persoonsregistraties (WPR) ter bescherming van de privacy van de ingezetenen. Hierbij wordt met name gedoeld op de verplichting het recht van de burgers op geheimhouding van hun gegevens uit de gemeentelijke basisadministratie van personen die daarom hebben verzocht, op een adequate wijze te handhaven. Uit berichtgeving in de pers kwam onlangs naar voren dat journalisten - weliswaar door misleiding - informatie over geheime persoonsgegevens bij enkele gemeenten wisten te verkrijgen.
In de brief die mede is ondertekend door de hoofddirecteur van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, prof.dr. J.T.J. van den Berg, en de voorzitter van de Registratiekamer, mr. P.J. Hustinx, wordt uiteengezet in welke gevallen en op welke wijze door de burger om geheimhouding van persoonsgegevens kan worden gevraagd en hoe gemeenten op dergelijke verzoeken dienen te reageren. Daarnaast wordt de gemeenten een leidraad aangereikt die zij kunnen gebruiken bij het afhandelen van informatieaanvragen uit de gemeentelijke basis-administratie waarbij een
geheimhoudingsindicatie geldt.
Uitgangspunt voor gemeenten is dat aan de inwilliging van een verzoek om geheimhouding geen enkele bijkomende eis mag worden gesteld. Zo mag het recht op geheimhouding niet worden ingeperkt tot een bepaalde termijn of leges of andere kosten daarvoor in rekening worden gebracht. Verder is het niet toegestaan een motivering van het verzoek te eisen.
De ondertekenaars van de brief vragen tevens aandacht voor de privacybescherming van de burger waar het gegevens betreft die in andere gemeentelijke administraties zijn opgeslagen. Uit deze registraties mogen slechts gegevens worden verstrekt indien dat op grond van de bepalingen van de Wet persoonsregistraties is toegestaan.
Bezien zal worden welke verdere maatregelen in administratief, procedureel en technisch opzicht mogelijk en wenselijk zijn. Daarbij zullen ook de uitkomsten van een door de Registratiekamer uitgevoerde privacy-audit bij een drietal gemeenten worden betrokken.

Deel: ' 'Betere handhaving geheimhouding persoonsgegevens nodig' '




Lees ook