Partij van de Arbeid


Bijdrage van Bert Middel (PvdA) aan het plenaire debat op 22/2 over het Intiatief Atsma/Rosenmöller strafbaarstelling van zwarte handel in voerbalkaartjes

Den Haag, 22 februari 2000

BIJDRAGE VAN BERT MIDDEL (PVDA) AAN HET PLENAIRE DEBAT OVER HET INITIATIEF ATSMA/ROSENMÖLLER OVER STRAFBAARSTELLING VAN ZWARTE HANDEL IN VOETBALKAARTJES (26 892)

De PvdA-fractie is met de indieners van mening dat zwarte handel in voetbalkaartjes tijdens Euro 2000 kan leiden tot openbare ordeproblemen, met name als ongewenste supporters - de geregistreerde en waarschijnlijke voetbalvandalen - het stadion binnenkomen of wanneer concurrerende supportersgroepen in hetzelfde vak terechtkomen. Preventie ten aanzien van zwarte handel is derhalve geboden en waar het desondanks toch voorkomt zijn civielrechtelijke maatregelen gewenst. Tijdens Euro 2000 zijn alle toegangskaarten op naam gesteld, vinden bij diverse 'ringen' controles plaats en dient men zich te kunnen identificeren als degene op wiens of wier naam de kaarten gesteld zijn. Deze methode kent geen precedent bij grote sportmanifestaties. Bij het laatste WK in Frankrijk ging veel mis omdat de zwarte handel volop kansen kreeg vanwege niet op naam gestelde toegangsbewijzen. Het kabinet (Korthals/Peper) is faliekant tegen strafbaarstelling omdat het van mening is dat ons strafrecht niet bedoeld is om de verkoop van toegangskaartjes van particuliere evenementen te reguleren. Daar komt bij dat juist overleg tussen alle betrokkenen heeft geleid tot het genoemde controlemodel van toegangskaarten bij Euro 2000. Het kabinet spreekt over symboolwetgeving, die overigens in de praktijk niet of nauwelijks te handhaven zal zijn. Met name dit laatste aspect staat centraal in het ronduit vernietigende advies van de Raad van State op het initiatief wetsvoorstel. Ook de Raad van Hoofdcommissarissen stelt dat eventuele onrust rond de stadions door dit initiatief niet wordt voorkomen en dat handhaving in de praktijk illusoir zal blijken te zijn. Daar komt nog eens bij dat de georganiseerde zwarte handel zich verschuilt achter postbusnummers van kaartenburo's, internetadressen en ongrijpbare tussenpersonen.

Tot de voorstanders van dit wetsvoorstel behoren naast de initiatiefnemers de Stichting Euro 2000 die, na het mislukken van een civielrechtelijke procedure in het geval van vermeende zwarte handel in niet op naam gestelde kaartjes bij een muziekfestival, opeens sterk aandringt op strafbaarstelling en daarbij vooral wijst op het "afschrikwekkende psychologische effect", onze Belgische vrienden die in een heuse Voetbalwet strafbaarstelling van zwarte handel hebben opgenomen, het korpsbeheerdersberaad dat via zijn vleugelspitsen Franssen (Zwolle) en d'Hondt al eerder en vaker om krachtige maatregelen en bijbehorende wetten gevraagd heeft. Dit laatste past in het beeld dat diverse betrokkenen op voorhand hun straatje schoongeveegd weten voor het geval er onverhoopt tijdens het grote voetbalfeest toch iets mis mocht gaan. Dat men tegelijkertijd de geest uit de fles laat door nogal wat over Euro 2000 af te roepen neemt men op de koop toe. De voorgeschiedenis van het wetsvoorstel is merkwaardig. Het CDA bleek er pas voor te voelen toen haar fractievoorzitter het nodig achtte forse maatregelen te bepleiten, zoals inzet van onze krijgsmacht om supportersgeweld te beteugelen. GroenLinks hekelde voortdurend de in haar ogen overtrokken en overspannen voorstellen rond Euro 2000 om daar vervolgens zelf enige aan toe te voegen, zoals 'drooglegging' in de speelsteden (toch een zaak van de burgemeesters) en dit initiatief. Met verbetenheid attaqueerde de fractievoorzitter van GL mij toen ik stelde dat het de politie aan enkele essentiële bevoegdheden leek te ontbreken, zoals het stelselmatig volgen van supportersgroepen. De VVD was in eerste instantie afwijzend en kwam met de PvdA (via Peter van Heemst die mij tijdens het betreffende algemeen overleg als woordvoerder verving) tot de afspraak dat beide partijen vooralsnog afwijzend zouden zijn en alleen in gezamenlijk overleg eventueel hun standpunt zouden nuanceren. Desalniettemin vernamen wij via de pers dat de VVD om lijkt te zijn, zij het op een wijze die het gelegenheidskarakter van de voorgestelde wetgeving alleen maar versterkt: de VVD heeft inmiddels een amendement ingediend dat stelt dat de wet een jaar na aanvaarding weer moet worden afgeschaft. Geen evaluatiebepaling die na enige tijd nut en noodzaak van wetgeving kan duiden, maar een amendement dat misschien net niet destructief is maar wel suggereert dat de wereld na de euforie van Euro 2000 ophoudt te bestaan.

Onze andere coalitiepartner D66 heeft verklaard tegen te zijn en te blijven. De PvdA gaat met open vizier het debat in en stelt zich zoals gebruikelijk open voor nieuwe argumenten. Mochten deze uitblijven, dan rest ons uiteindelijk niets anders dan tegenstemmen. Mocht deze wet toch worden aangenomen, dan heeft de Eerste Kamer de kans te tonen dat zij nog een beetje bestaansrecht heeft. Den Haag, 22 februari 2000

BIJDRAGE VAN BERT MIDDEL (PVDA) AAN HET PLENAIRE DEBAT OVER HET INITIATIEF ATSMA/ROSENMÖLLER OVER STRAFBAARSTELLING VAN ZWARTE HANDEL IN VOETBALKAARTJES (26 892)

De PvdA-fractie is met de indieners van mening dat zwarte handel in voetbalkaartjes tijdens Euro 2000 kan leiden tot openbare ordeproblemen, met name als ongewenste supporters - de geregistreerde en waarschijnlijke voetbalvandalen - het stadion binnenkomen of wanneer concurrerende supportersgroepen in hetzelfde vak terechtkomen. Preventie ten aanzien van zwarte handel is derhalve geboden en waar het desondanks toch voorkomt zijn civielrechtelijke maatregelen gewenst. Tijdens Euro 2000 zijn alle toegangskaarten op naam gesteld, vinden bij diverse 'ringen' controles plaats en dient men zich te kunnen identificeren als degene op wiens of wier naam de kaarten gesteld zijn. Deze methode kent geen precedent bij grote sportmanifestaties. Bij het laatste WK in Frankrijk ging veel mis omdat de zwarte handel volop kansen kreeg vanwege niet op naam gestelde toegangsbewijzen. Het kabinet (Korthals/Peper) is faliekant tegen strafbaarstelling omdat het van mening is dat ons strafrecht niet bedoeld is om de verkoop van toegangskaartjes van particuliere evenementen te reguleren. Daar komt bij dat juist overleg tussen alle betrokkenen heeft geleid tot het genoemde controlemodel van toegangskaarten bij Euro 2000. Het kabinet spreekt over symboolwetgeving, die overigens in de praktijk niet of nauwelijks te handhaven zal zijn. Met name dit laatste aspect staat centraal in het ronduit vernietigende advies van de Raad van State op het initiatief wetsvoorstel. Ook de Raad van Hoofdcommissarissen stelt dat eventuele onrust rond de stadions door dit initiatief niet wordt voorkomen en dat handhaving in de praktijk illusoir zal blijken te zijn. Daar komt nog eens bij dat de georganiseerde zwarte handel zich verschuilt achter postbusnummers van kaartenburo's, internetadressen en ongrijpbare tussenpersonen.

Tot de voorstanders van dit wetsvoorstel behoren naast de initiatiefnemers de Stichting Euro 2000 die, na het mislukken van een civielrechtelijke procedure in het geval van vermeende zwarte handel in niet op naam gestelde kaartjes bij een muziekfestival, opeens sterk aandringt op strafbaarstelling en daarbij vooral wijst op het "afschrikwekkende psychologische effect", onze Belgische vrienden die in een heuse Voetbalwet strafbaarstelling van zwarte handel hebben opgenomen, het korpsbeheerdersberaad dat via zijn vleugelspitsen Franssen (Zwolle) en d'Hondt al eerder en vaker om krachtige maatregelen en bijbehorende wetten gevraagd heeft. Dit laatste past in het beeld dat diverse betrokkenen op voorhand hun straatje schoongeveegd weten voor het geval er onverhoopt tijdens het grote voetbalfeest toch iets mis mocht gaan. Dat men tegelijkertijd de geest uit de fles laat door nogal wat over Euro 2000 af te roepen neemt men op de koop toe. De voorgeschiedenis van het wetsvoorstel is merkwaardig. Het CDA bleek er pas voor te voelen toen haar fractievoorzitter het nodig achtte forse maatregelen te bepleiten, zoals inzet van onze krijgsmacht om supportersgeweld te beteugelen. GroenLinks hekelde voortdurend de in haar ogen overtrokken en overspannen voorstellen rond Euro 2000 om daar vervolgens zelf enige aan toe te voegen, zoals 'drooglegging' in de speelsteden (toch een zaak van de burgemeesters) en dit initiatief. Met verbetenheid attaqueerde de fractievoorzitter van GL mij toen ik stelde dat het de politie aan enkele essentiële bevoegdheden leek te ontbreken, zoals het stelselmatig volgen van supportersgroepen. De VVD was in eerste instantie afwijzend en kwam met de PvdA (via Peter van Heemst die mij tijdens het betreffende algemeen overleg als woordvoerder verving) tot de afspraak dat beide partijen vooralsnog afwijzend zouden zijn en alleen in gezamenlijk overleg eventueel hun standpunt zouden nuanceren. Desalniettemin vernamen wij via de pers dat de VVD om lijkt te zijn, zij het op een wijze die het gelegenheidskarakter van de voorgestelde wetgeving alleen maar versterkt: de VVD heeft inmiddels een amendement ingediend dat stelt dat de wet een jaar na aanvaarding weer moet worden afgeschaft. Geen evaluatiebepaling die na enige tijd nut en noodzaak van wetgeving kan duiden, maar een amendement dat misschien net niet destructief is maar wel suggereert dat de wereld na de euforie van Euro 2000 ophoudt te bestaan.

Onze andere coalitiepartner D66 heeft verklaard tegen te zijn en te blijven. De PvdA gaat met open vizier het debat in en stelt zich zoals gebruikelijk open voor nieuwe argumenten. Mochten deze uitblijven, dan rest ons uiteindelijk niets anders dan tegenstemmen. Mocht deze wet toch worden aangenomen, dan heeft de Eerste Kamer de kans te tonen dat zij nog een beetje bestaansrecht heeft.

Deel: ' Bijdrage PvdA strafbaarstelling zwarthandel voetbalkaartjes '




Lees ook