Algemene Onderwijsbond


Brief AOB aan de vaste Tweede Kamercommissie voor OC&W over aanpassingen Tweede Fase

Utrecht 15 december 1999

Geachte dames en heren,

De voorstellen voor de aanpassingen in de Tweede Fase die heden aan u voorgelegd zijn roepen bij de Algemene Onderwijsbond de nodige vragen op. Naar aanleiding van de publiciteit over de aanpassingen worden wij overstelpt met vragen van verontruste leden, die bijvoorbeeld een omscholing gevolgd hebben voor ANW, en vervolgens zien aankomen dat het aantal leerlingen dat dit vak nog gaat volgen sterk gaat teruglopen c.q. dat het aantal uren sterk terugloopt. Eenzelfde situatie doet zich voor bij leraren Frans en Duits. Tevens zijn er veel vragen over de aard van de regelgeving die zich nu aftekent. De maatregelen zijn tijdelijk voor drie jaar, maar onduidelijk is wat hiervan precies de bedoeling is. Verder hebben de voorgestelde maatregelen tot gevolg dat scholen zelf kunnen beslissen al dan niet tot wijziging over te gaan. Dit laatste zou op zich geen probleem hoeven te zijn, wanneer het van het begin af aan in de systematiek was opgenomen, maar nu het anders geregeld is betekent dit concreet dat de hete aardappel van de hoogte van de studielast op het bordje van de scholen gelegd wordt. De scholen en de leraren zullen naast de organisatorische problemen die de wijzigingen met zich mee brengen geconfronteerd worden met een debat met ouders en leerlingen over de te nemen beslissingen, een debat waarvan de uitkomst behalve onderwijsinhoudelijke gevolgen ook rechtspositionele consequenties heeft voor het personeel: Wat betekent de voorgestelde maatregel bijvoorbeeld voor de docenten die thans ANW geven, en die geconfronteerd worden met het met terugwerkende kracht vervallen van de lessen.

De Algemene Onderwijsbond betreurt het in hoge mate dat er geen overleg plaats gehad heeft over een onderwerp, waar wij van meet af aan actief bij betrokken zijn geweest. Voor de Algemene Onderwijsbond is het geen uitgemaakte zaak dat de voorgestelde maatregelen de enige juiste oplossing vormen voor een probleem, dat naar onze mening op dit moment onvoldoende in kaart gebracht is. Velen vragen zich dientengevolge af wat te denken van een overheid die dermate weinig vasthoudt aan de ingeslagen weg, de eigen uitgangspunten en de eerder bereikte overeenstemming. Wij krijgen ook veel signalen dat het inderdaad om aanloopproblemen gaat, die door de scholen heel goed opgelost kunnen worden, ware het niet dat de beschikbare tijd in veel gevallen volstrekt onvoldoende is, omdat naar onze mening de financiering van het voortgezet onderwijs zelfs in een traditionele setting al onvoldoende is.

Dit alles overwegende doen wij een dringend beroep op u geen overhaaste besluiten te nemen, en een goed overleg met de lerarenorganisaties mogelijk te maken over de te zetten stappen.

Hoogachtend,

Walter Dresscher,

Vice-voorzitter

Deel: ' Brief Onderwijsbond Kamercommissie voor OCW over Tweede Fase '




Lees ook