CBS Persbericht


Datum: 29-07-99

Mededeling: Minder verzorgingshuizen in Nederland

Steeds minder ouderen wonen in verzorgingshuizen. Ouderen blijven tegelijkertijd steeds vaker zelfstandig wonen. Het aantal instellingen en het aantal beschikbare plaatsen neemt jaarlijks af. Er zijn vooral veel vrouwen in verzorgingshuizen die vaak lichamelijk hulpbehoevend zijn. Na een jarenlange daling is het aantal personeelsleden in 1997 weer toegenomen. Dit blijkt uit de nieuwe CBS-publicatie Statistiek van de Verzorgingshuizen in Nederland. Deze publicatie gaat over de ontwikkelingen tussen 1990 en 1997 in verzorgingshuizen, de bewoners, de dienstverlening vanuit de verzorgingshuizen aan elders wonende ouderen en financiële aspecten.

Minder verzorgingstehuizen vanaf 1990

Mede door fusies is het aantal verzorgingshuizen tussen 1990 en 1997 met bijna 8% afgenomen, van 1 514 tot 1 394. Het aantal beschikbare plaatsen is met bijna 16% afgenomen, zo blijkt uit de CBS-gegevens. Meer ouderen blijven tegenwoordig zelfstandig wonen. Het aantal bewoners is in deze periode met meer dan 18 duizend afgenomen.

Vrouwen hebben meer hulp nodig dan mannen

Het percentage bewoners van verzorgingshuizen dat hulpbehoevend is neemt van jaar op jaar toe. In 1997 was driekwart van het aantal vrouwelijke bewoners lichamelijk hulpbehoevend en kon zich dus zonder enige huishoudelijke verzorging niet redden. Dit gold ook voor tweederde van de mannen.

Vooral vrouwen in verzorgingshuizen

Eind 1997 telden de verzorgingshuizen bijna 112 000 bewoners. Dit zijn voornamelijk alleenwonende ouderen (87%). De vrouwen zijn met 88 000 veruit in de meerderheid. In 1997 woonde 5,3% van de 65-plussers in een verzorgingshuis. In 1990 was dit nog 6,7%.

Na jarenlange daling in 1997 weer meer personeel

In 1997 is het aantal personeelsleden van verzorgingshuizen toegenomen. Dit is mede het gevolg van meer Melkert- en PWSB-banen (banen in het kader van de Premieregeling Werkgelegenheid Sector Bejaardenoorden). De stijging houdt ook verband met de toenemende verzorgingsbehoefte van de bewoners van verzorgingshuizen. Hierbij moet wel worden bedacht dat niet alle personeel direct of indirect ten behoeve van de bewoners wordt aangetrokken. Een gedeelte van het personeel in de verzorgingshuizen is uitsluitend of gedeeltelijk belast met werkzaamheden in het kader van de externe dienstverlening. Het aantal bezette formatieplaatsen bedroeg inclusief oproepkrachten 54 395. Dit komt overeen met een gemiddelde van 487 per duizend bewoners; 23 méér dan in het jaar daarvoor. Vóór 1997 nam het personeelsbestand nog jaarlijks af.

Externe dienstverlening speelt steeds belangrijkere rol

De dienstverlening aan ouderen die in de buurt van het verzorgingstehuis wonen speelt vooral de laatste jaren een belangrijke rol in de activiteiten van verzorgingshuizen. Deze ouderen wonen elders in de wijk of in bij het oord behorende bejaardenwoningen. Externe dienstverlening bestaat onder ander uit kortdurend opnemen van ouderen en het verstrekken van maaltijden. In 1997 zijn dit de twee meest voorkomende vormen van externe dienstverlening; respectievelijk 86% en 72% van de verzorgingstehuizen bieden deze dienstverlening aan. Ook het exploiteren van tot de instelling behorende bejaardenwoningen en het aansluiten op het alarmsysteem neemt jaarlijks toe.

Veel oproepkrachten, vrijwilligers en stagiaires actief in verzorgingshuizen

Ruim 19 duizend oproepkrachten zijn in 1997 ingezet voor werkzaamheden in de sector verzorging, voedselvoorziening en huishouding. Verzorgingstehuizen maken steeds meer gebruik van vrijwilligers. In 1997 waren ongeveer 56 700 vrijwilligers actief in 1 280 verzorgingstehuizen. Zij hebben in totaal meer dan 5,5 miljoen uren gewerkt, 8 procent meer dan in het jaar daarvoor. Zij werkten toen in 1 200 tehuizen.
Gedurende 1997 hebben in totaal 11 780 personen één of meer stages gelopen in een verzorgingshuis; zij hebben tezamen ruim 3,4 miljoen uren gewerkt.

Gemiddelde kosten per verzorgingsplaats toegenomen

In 1997 bedroegen de totale kosten en de opbrengsten van de verzorgingshuizen ruim 5,4 miljard gulden. De gemiddelde kosten per verzorgingsplaats zijn ten opzichte van 1996 met 6% toegenomen. Een gedeelte van de kosten en opbrengsten heeft ook betrekking op de externe dienstverlening door verzorgingshuizen.

Technische toelichting

De Statistiek van de verzorgingshuizen is een jaarlijkse uitgave van het Centraal Bureau voor de Statistiek.
Een verzorgingshuis is in de zin van deze statistiek een instelling waarin aan tenminste vijf personen van 65 jaar of ouder duurzaam verblijf en verzorging wordt verschaft op subsidiabele intramurale verzorgingsplaatsen. De financiering geschiedt met ingang van 1997 conform artikel 2 van de ZFR regeling. Dit bedroeg 90% van de totale opbrengsten. De peildatum voor het jaar is 31 december.

Achtergrondinformatie

Voor achtergrondinformatie over dit onderwerp kunt u contact opnemen met het Centraal Bureau voor de Statistiek in Voorburg, R.M. Elbers, tel. (070) 337 55 68. De publicatie kunt u bestellen bij het Centraal Bureau voor de Statistiek, Sector Marketing en Verkoop telefoon (045) 570 79 70. Overige informatie kunt u verkrijgen bij de persdienst van het CBS in Voorburg, tel. (070) 337 58 16.

© Centraal Bureau voor de Statistiek, Voorburg/Heerlen, 1999 Bronvermelding is verplicht.
Verveelvoudiging voor eigen gebruik of intern gebruik is toegestaan.

Laatst gewijzigd: 29 juli 1999

Deel: ' CBS Minder verzorgingshuizen in Nederland '




Lees ook