CDA

: Tweede Kamer : CDA tegen elektriciteitswet (nr. 136)

CDA tegen elektriciteitswet (nr. 136)

Den Haag, 15 april 1999

De CDA-fractie heeft op 1 april 1999 tegen de Wijziging van de Elektriciteitswet 1998 gestemd. In dit wetsvoorstel worden nadere regels gesteld ten aanzien van het netbeheer en de levering van elektriciteit aan beschermde afnemers. In de elektriciteitswet van 1998 is geregeld dat de markt voor elektriciteit geleidelijk wordt geliberaliseerd. Dat betekent dat vanaf 1999 grote verbruikers vrij zijn elektriciteit te kopen waar zij maar willen. Kleinverbruikers zoals particulieren en kleine bedrijven mogen pas in 2007 elektriciteit vrij op de markt kopen. Bij de behandeling van de Wijziging van de Elektriciteitswet 1998 stonden voor de CDA fractie de volgende punten centraal:

1. 100% deelname van de overheid in het hoogspanningsnet.

2. Bescherming van de kleinverbruikers.

3. Verkoop van de elektriciteitsbedrijven alleen medeverkoop van lijken in de meterkast.

4. Duurzame elektriciteitsvoorziening in het kader van goed rentmeesterschap.

5. Gelijke kansen voor Nederlandse bedrijven in het buitenland.

100% deelname van de overheid in het hoogspanningsnet.

De hele elektriciteitsvoorziening wordt geliberaliseerd en geprivatiseerd onder het motto dat meer marktwerking elektriciteit goedkoper zal maken voor de verbruikers. De overheid verliest volledig haar traditionele nutsfunctie. De CDA fractie vindt dat elektriciteit zon belangrijke eerste levensbehoefte is dat de overheid ook in een geliberaliseerde markt die nutsfunctie moet blijven waarmaken en moet zorgen dat voor iedereen elektriciteit beschikbaar is tegen een redelijke prijs. Maar nog belangrijker: dat de overheid ook garant staat voor een betrouwbare, leveringszekere en duurzame elektriciteitsvoorziening. De CDA fractie heeft daarom een amendement ingediend om ervoor te zorgen dat de overheid 100% eigenaar van het landelijke hoogspanningsnet wordt. Dit amendement werd alleen gesteund door de oppositie. Het feit dat de PvdA het amendement niet heeft gesteund is om twee redenen vreemd: ten eerste omdat het juist de PvdA woordvoerder Crone is geweest die zich altijd voorstander van overheidseigendom van het landelijke hoogspanningsnet heeft getoond.

Ten tweede heeft de PvdA in de waterleidingsector een omgekeerd beleid gevoerd. Daar hebben PvdA en D66, tot grote woede van de VVD, uitgesproken dat voorstellen voor marktwerking in de openbare watervoorziening negatief kunnen uitwerken voor de tarieven van de gebonden gebruikers en voor het duurzaam bronnenbeheer. Voor de VVD is marktwerking een doel op zich aan het worden en niet een middel om te komen tot. Voor de CDA fractie was dit punt veruit de belangrijkste reden om tegen het wetsvoorstel te stemmen.

Bescherming van de kleinverbruikers.
De positie van de kleinverbruiker is voor de CDA-fractie van groot belang. Deze is tot 2007 gebonden gebruiker. Dat wil zeggen dat hij niet, zoals grootverbruikers, vrij mag inkopen waar hij wil. De CDA-fractie vindt dat ook de kleinverbruiker moet kunnen profiteren van de voordelen van liberalisering in de vorm van lagere prijzen. Een CDA amendement daartoe heeft bij stemming een kamermeerderheid gehaald. De bescherming van de kleinverbruiker is nu afdoende geregeld.

Lijken in de meterkast.
Een ander amendement dat van belang was voor alle stroomverbruikers haalde echter geen meerderheid. Dit amendement had tot doel een eerlijke afhandeling te garanderen van de zogeheten Bakstenen-problematiek. Beter is de term Lijken in de meterkast want dat geeft beter aan waar het om draait. Wat is namelijk het geval? De SEP (Samenwerkende Elektriciteits Productiebedrijven) heeft in het verleden diverse verliesgevende activiteiten ontplooid. Sommige kwamen op aandrang van de Nederlandse overheid tot stand (zoals de stadsverwarmings projecten en een kolenvergassingsinstallatie in Buggenum). Andere verliesgevende activiteiten waren het gevolg van mismanagement van de SEP zelf. Zoals het afsluiten van veel te dure langlopende (de langste tot 2026!) stroom-en gascontracten met het buitenland tegen een vaste prijs en zonder heronderhandelings- clausules!
Deze lijken in de meterkast kunnen oplopen tot 8 miljard gulden. Minister Jorritsma wil de elektriciteitsbedrijven toestaan deze miljarden- verliezen te verhalen op alle gebruikers door middel van een extra heffing op het transporttarief. De CDA fractie heeft zich hiertegen gekeerd. Het is onjuist om de consument, het MKB en het grootbedrijf op te zadelen met lijken in de meterkast veroorzaakt door puur mismanagement.
De CDA-fractie had een veel betere oplossing: Verkoop van de elektriciteitsproductiebedrijven inclusief de tekorten. Dan krijgen de aandeelhouders van de productiebedrijven weliswaar een lagere opbrengst bij verkoop van hun bedrijf maar je zadelt niet de verbruikers op met hogere elektriciteitskosten, die voor veel Nederlandse bedrijven ook nog een concurrentienadeel ten opzichte van hun concurrenten in het buitenland zou betekenen. Alleen de projecten die op aandrang van de overheid in gang zijn gezet, mogen van het CDA worden doorberekend aan de verbruikers.

Duurzame elektriciteitsvoorziening.
Een derde deel van de in Nederland geproduceerde elektriciteit geschiedt door decentraal opgesteld vermogen.
Bedrijven die veel warmte nodig hebben (b.v. metaalsmelterijen, tuinders e.d.) gebruiken de warmte om daarmee tegelijkertijd elektriciteit te produceren. Deze elektriciteit gebruiken zijzelf, of leveren die aan bedrijven in de buurt of zij leveren de opgewekte elektriciteit aan het elektriciteitsnet. Dit systeem staat bekend als Warmte Kracht Koppeling (WKK). Dit systeem heeft in de afgelopen jaren enorm bijgedragen aan energiebesparing en zal ook in de komende jaren een prominente rol moeten blijven spelen willen om in het kader van goed rentmeesterschap ook onze internationale verplichtingen om de uitstoot van CO2 terug te dringen (Kyoto) na te komen. Diverse amendementen van de CDA fractie om in de toekomst de verdere ontwikkeling van WKK niet te frustreren, hebben het niet gehaald. In het wetsvoorstel is nu o.a. geregeld dat als een bedrijf met behulp van een WKK installatie elektriciteit heeft opgewekt en deze vervolgens aan zijn buurman wil leveren, er in dat geval een transporttarief in rekening moet worden gebracht alsof de elektriciteit vanuit een elektriciteits- centrale zou worden geleverd. Voor de afnemer is het niet langer interessant om van zijn buurman elektriciteit te kopen. Samen met andere (coalitie-)fracties heeft het CDA zijn grote zorgen geuit over de toekomst van WKK.

Gelijke kansen voor Nederlandse bedrijven in het buitenland. Bij de behandeling van de Elektriciteitswet 1998 is vorig jaar een zeer belangrijk CDA amendement aangenomen over wederkerigheid. Dat amendement was er op gericht om Nederland niet Gekke Henkie van Europa te laten worden en hield in dat de minister van Economische Zaken import van buitenlandse stroom kan verbieden als Nederlandse bedrijven niet dezelfde kansen hebben om stroom naar het buitenland te exporteren.
Kamerbreed is bij de minister aangedrongen om deze regeling nu ook daadwerkelijk te gaan gebruiken. De minister heeft dat uiteindelijk de Kamer toegezegd middels een Derde Nota van Wijziging. Alles overziende heeft de CDA-fractie unaniem besloten tegen het wetsvoorstel te stemmen waarbij het volledig verdwijnen van de nutsfunctie van de overheid voor een eerste noodzakelijke levensbehoefte als elektriciteit verreweg de belangrijkste overweging is geweest.

Woordvoerder: Hans van den Akker
Fractieflits: nr. 136, 15 april 1999

Deel: ' CDA tegen wijziging elektriciteitswet '




Lees ook