Persbericht


Leidschendam, 28 juni 1999

Verwachting voor 2000: minstens 20% besparing energiegebruik Nederlandse chemiesector CHEMISCHE INDUSTRIE LIGT VOOR OP SCHEMA ENERGIE-EFFICIENCY

De Nederlandse chemische industrie ligt voor op het verbeteringsschema van de energie-efficiency. De voortgangsrapportage 1998 van Novem (Nederlandse Onderneming voor Energie en Milieu) laat zien dat de chemiebranche tussen 1989 en 1998 18,5 % minder energie per eenheid product verbruikt. Met deze goede resultaten houdt de chemische sector zich aan de Meerjarenafspraak Energie-Efficiency Verbetering (MJA) die de VNCI, de minister van EZ en Novem in 1993 ondertekenden. De verwachting is dat in 2000 een verbetering wordt bereikt van ten minste 20% vergeleken met 1989.

De energie-efficiency van een bedrijf in een bepaald jaar wordt vastgesteld door het energiegebruik in dat jaar te vergelijken met het gebruik volgens de energie-efficiency van dat bedrijf in 1989. De MJA heeft dus geen betrekking op het absolute niveau van energiegebruik. Het betreft de hoeveelheid energie die een bedrijf nodig heeft voor de productie van één eenheid product. Onafhankelijk onderzoeker Novem onderzocht in 1998 90 deelnemende bedrijven, waarmee 98% van het energieverbruik in kaart is gebracht.

Deelname aan de MJA is vrijwillig. Gezien de goede prestaties is de branche uitstekend in staat haar verantwoordelijkheid te nemen. De chemische industrie is daarom ook ontevreden over de mogelijkheid van energieheffing die de overheid desondanks heeft gecreëerd (via de REB, regulerende energieheffing en de WBM, wet belasting milieugrondslag). Bij de totstandkoming van de MJA heeft de overheid toegezegd nakoming van energieafspraken te belonen door bedrijven geen extra lasten op te leggen. Het ontbreekt het ministerie echter aan praktische mogelijkheden om de REB-heffingen naar de bedrijven terug te sluizen.

Van de besparingen is 95% bereikt met concrete projecten; de rest schrijft Novem toe aan verbetering van de bezettingsgraad van de productie-installaties. Met name procesverbeteringen hebben bijgedragen aan de besparingen in de periode 1989-1998. De bijdrage van de Warmte Kracht Koppeling (WKK) was in 1998 26%; een belangrijke toename vergeleken met het gemiddelde van 21 % over 1989-1998. Bij de WKK-techniek wordt gelijktijdig electriciteit en warmte (stoom) opgewekt.

De verwachting is dat de chemische industrie in 2000 een energie-efficiency verbetering van 20% ten opzicht van 1989 ruimschoots zal halen. Dit is geheel in lijn met de afspraken in de MJA. Als alle geplande projecten worden uitgevoerd en als bedrijven hun doelstelling van hun energie-efficiency plan kunnen realiseren, dan zal de chemische industrie deze verbetering mogelijk zelfs kunnen overschrijden met maximaal 2%. Of de invloed van de verbeterde bezettingsgraad zich zal handhaven is op dit moment nog onzeker. Door een zwakke markt zag de chemische industrie zich, de eerste maanden van dit jaar, gedwongen de productie te verminderen. Inmiddels heeft zich een omslag in de marktomstandigheden voorgedaan en zijn de productiecijfers weer gestegen.

Voor de periode na 2000 is de VNCI akkoord gegaan met het benchmarkconvenant energie. Industriële grootverbruikers van energie (> 0,5 petajoule/per jaar) zeggen daarin toe, uiterlijk in 2012 tot de wereldtop energie-efficiency te behoren. De onderhandelingen voor een nieuwe MJA voor bedrijven die minder energie verbruiken, zijn nog gaande.

Deel: ' Chemische industrie ligt voor op schema energie efficiency '




Lees ook