D66 Nieuws


Het Winkelgarantiefonds

D66-initiatief ter vergroting van de diversiteit van het winkelaanbod en het doorbreken van de eenvormigheid van de winkelcentra in de binnensteden

19 februari 1999

De detailhandel is met circa 88.000 actieve ondernemingen de op één na grootste sector in het Nederlandse bedrijfsleven . Met zekerheid kan gesteld worden dat de detailhandel één van de meest zichtbare Nederlandse sectoren is.

De laatste decennia is er in de Nederlandse detailhandel sprake van een proces van schaalvergroting. Zo waren er vlak na de Tweede Wereldoorlog zo'n 40.000 kruideniers in Nederland, terwijl er tegenwoordig nog ongeveer 6000 supermarkten zijn.

Steeds meer ook wordt de detailhandel beheerst door het grootwinkelbedrijf en door het samenwerkend midden- en kleinbedrijf (MKB). Vooral de zogenaamde franchiseketens zijn sterk in opmars. Inmiddels worden bijna 40.000 verkooppunten geëxploiteerd door ketenorganisaties. Het marktaandeel van volledig ongebonden winkeliers is gedaald tot rond de 15%.

De opkomst van de winkelketens, behorend ofwel tot het grootwinkelbedrijf ofwel tot samenwerkingsverbanden, voorziet aan de ene kant in een bij consumenten aanwezige vraag en draagt bij aan het in stand houden van een fijnmazige distributie. Aan de andere kant echter treedt een ongewenst neveneffect op: Nederlandse steden en winkelcentra gaan in toenemende mate op elkaar lijken en dreigen hun identiteit te verliezen. Deze eenvormigheid, met dezelfde winkelketens en dito reclames en gevels in alle steden en winkelcentra, is velen een doorn in het oog, zeker daar waar sprake is van monumentale winkelpanden. Consumenten hebben behoefte aan een grotere diversiteit in het winkelaanbod. Vanuit het oogpunt van toerisme en recreatief winkelen is een meer evenwichtige synergie tussen winkelketens en zelfstandige winkeliers gewenst.

Als oorzaak van de relatieve ondervertegenwoordiging van zelfstandige winkeliers wordt vaak genoemd, dat het voor 'buitenstaanders' moeilijk is om door te dringen tot het netwerk van projectontwikkelaars, makelaars en ketens dat zich met de verdeling van winkelpanden in Nederland bezighoudt. Projectontwikkelaars hebben in het algemeen een voorkeur voor winkelketens als het gaat om de bezetting van toplocaties, omdat ze daarmee minder financieel risico lopen en ook vaker zaken doen.

Teneinde (beginnende) zelfstandige winkeliers meer kansen te geven bij het bemachtigen van aantrekkelijke winkellocaties doet D66 een aantal voorstellen. Het belangrijkste onderdeel hiervan is de instelling van een zogenaamd Winkelgarantiefonds. De rijksoverheid zou dit samen met de locale overheden en in samenwerking met projectontwikkelaars en financiers moeten opzetten. Het Winkelgarantiefonds wordt een revolving fund dat verhuurders de nodige waarborgen verschaft. Dankzij deze waarborgen kunnen winkeliers (d.w.z. zelfstandigen met minder dan vijf winkels) makkelijker toegang tot een vestiging in een winkelcentrum krijgen. Winkeliers die deelnemen aan deze garantieregeling betalen een kleine financiële bijdrage ter medefinanciering. Dankzij de garantieregeling zullen winkeliers beter dan voorheen in staat zijn om te participeren in winkelcentra. Daarmee wordt een bijdrage geleverd tegen de saaiheid c.q. de monotone uniformiteit van veel winkelcentra.

De financiering van het fonds geschiedt via publiek-private samenwerking. De minister van economische zaken dient hiertoe onderhandelingen te openen met de betrokken partijen. Gezien de pilot-projecten die wij voorstellen lijkt overleg met de minister voor grote-stedenbeleid voor de hand liggend. Wat de rijksoverheid betreft kan ter financiering een deel van de middelen t.b.v. het Borgstellingsfonds MKB-kredieten worden afgezonderd. Dit is goed mogelijk, aangezien de beschikbare verplichtingenruimte voor dit fonds recentelijk nog is verhoogd van 850 miljoen gulden naar 1 miljard gulden per jaar.

In eerste instantie kan er begonnen worden met een aantal pilotprojecten. De binnensteden van Almelo, Hilversum, Lelystad en Dordrecht lijken hiervoor het meest in aanmerking te komen. De pilotprojecten dienen na twee à drie jaar geëvalueerd te worden. Bij gebleken succes moet, teneinde versnippering tegen te gaan, het Winkelgarantiefonds gericht worden op de centra van de 25 grootste steden.

Naast het instellen van een Winkelgarantiefonds zullen gemeenten bij de uitgifte van vergunningen bij plannen voor nieuwe winkelcentra consequent moeten toezien op het realiseren van een evenwichtige mix tussen ketens en zelfstandige winkels. Tevens dienen gemeenten er op toe te zien dat het karakter van monumentale panden geen geweld wordt aangedaan door vestigingen van winkels en eventuele reclame-uitingen. Het kabinet dient hierover in overleg te treden met de gemeenten.

Ten slotte kan de kans van slagen van zelfstandige winkeliers worden vergroot door een betere voorlichting ten aanzien van ruimtelijke ordening en vestiging.

mr. J. van Walsem
Tel. 070 - 318 26 52
E-mail:VanWalsem@tk.parlement.nl

Deel: ' D66 wil eenvormigheid winkelcentra binnensteden doorbreken '




Lees ook