Dierhouders leggen zich niet neer bij opvatting staatssecretaris


Dijksma wordt gewezen op juridische onvolkomenheden bij haar voornemen vele diersoorten te verbieden.

BARNEVELD, 20130822 -- Per 1 januari 2014 wordt de Positieflijst voor zoogdieren van kracht. Daarna mogen alleen nog maar zoogdiersoorten worden gehouden die de overheid heeft aangewezen. Meer dan 5400 soorten worden verboden, ruim 5300 daarvan zonder enige motivering. Een verbod op het houden (en verhandelen) van soorten vormt een inbreuk op het Europese vrijhandelsrecht. Zo’n inbreuk kàn, maar is aan strikte regels gebonden. Dijksma lapt die regels aan haar laars en dat is haar duidelijke gemaakt door het Platform Verantwoord Huisdierenbezit (PVH). Het PVH vertegenwoordigt meer dan 100.000 dierhouders die zijn aangesloten bij de vele organisaties in de sector.

Volgens de Europese regelgeving kan een nationale regering een houderijverbod slechts beargumenteerd uitvaardigen. Uit gedegen onderzoek moet dan blijken dat het houden van de soort schadelijk is voor het welzijn van de gehouden dieren, dat het een gevaar vormt voor de gezondheid of het leven van mens of dier òf dat het een bedreiging vormt voor de inheemse flora en fauna. 

Nadat de Tweede Kamer besloot, dat er Positieflijsten voor het houden van gezelschapsdieren moesten komen, gingen de ambtenaren van het ministerie daarmee aan de slag. Het ministerie heeft in samenwerking met onderzoekers van de Wageningse universiteit (de WUR) een methode bedacht om zo goedkoop mogelijk zo kort mogelijke Positieflijsten samen te stellen. Het PVH ziet nogal wat binnenbochten die daarbij zijn genomen.

Het onderzoeken van het welzijn van gehouden dieren vond men niet nodig en te duur, dus werd ‘het gedrag in de natuur’ tot criterium verheven. Alle (gehouden) soorten beoordelen was ook niet aan de orde. Er kwam een onderzoek naar 90 diersoorten, de rest werd zonder enige vorm van proces verboden. Van die 90 beoordeelde soorten mogen maar 6 soorten ‘vrij’ worden gehouden, 33 andere soorten mogen nog slechts ‘onder voorwaarden’, 51 soorten werden verboden. Wat erger is, meer dan 5300 soorten bleven buiten beschouwing en mogen zonder enige vorm van proces niet meer worden gehouden.

Het PVH probeert al meer dan twee jaar in gesprek te komen met de ambtenaren van het ministerie van EZ en met de Wageningse onderzoekers over de wetenschappelijke, juridische en ethische bezwaren tegen de gevolgde werkwijze. Alle ingebrachte argumenten werden terzijde geschoven, men vond het niet nodig om hier op in te gaan. “De overheidsmachine dendert door, zònder de sector en in nauwe samenwerking met de antidierhouderij-lobby”, aldus het PVH.

Het recente verzoek van het PVH aan de staatssecretaris om aandacht te besteden de ruim 5300 niet-beoordeelde soorten, werd met een nietszeggend briefje afgedaan. Het PVH stelt vast: “De staatssecretaris zet daarmee een volgend stapje in een proces waarin het ministerie de sector schoffeert door het inhoudelijk gesprek te weigeren en af te doen met statements over hoezeer het PVH betrokken werd bij het proces”.

Als de staatssecretaris haar huidige plannen doorzet, zal het PVH de bestuursrechter, en desnoods het Europese Hof, vragen om de handelswijze en het beleid van mevrouw Dijksma te toetsen aan de Europese regelgeving. “Ook de nationale overheid zal zich aan de (Europese) regels moeten houden”, zo vindt het PVH.

Documenten:

2013-06-27 Formeel verzoek aan mevrouw Dijksma inzake 5300 niet-beoordeelde zoogdiersoorten

2013-08-16 Antwoord van mevrouw Dijksma op de PVH-brief van 27 juni 2013

2013-08-20 Weerwoord van de sector, methode en werkwijze onaanvaardbaar


Deel: ' Dierhouders leggen zich niet neer bij opvatting staatssecretaris '




Lees ook