Ministerie van Justitie

21.09.99

Persberichten Begroting 2000

Justitiebegroting 2000

Dit najaar wetsvoorstel wijziging faillissementswet

Preferente schuldeisers, zoals de belastingdienst en sociale verzekeraars, raken een deel van hun voorkeurspositie ten opzichte van 'gewone' schuldeisers kwijt. Zij zullen hun schulden - net als 'gewone' schuldeisers - niet zomaar kunnen innen in de periode dat een bedrijf in surseance (uitstel) van betaling is. Nu nog hoeven deze schuldeisers zich niets aan te trekken van een surseance van betaling. Nog dit najaar zal het kabinet zich buigen over voorstellen van minister A.H. Korthals van Justitie tot wijziging van de faillissementswet. Dat zei de minister bij de presentatie van zijn begroting voor het jaar 2000.

De wijzigingen in de faillissementswet zijn volgens Korthals nodig omdat surseance van betaling nog te vaak fungeert als voorportaal voor een faillissement van een bedrijf. Er komen daarom in de nieuwe wet meer mogelijkheden voor bedrijven in surseance om een faillissement te voorkomen.

De wijzigingen moeten onder meer bijdragen aan de voorkoming van te late aanvragen van surseance van betaling en de bevordering van de voortzetting van levensvatbare onderdelen van een onderneming, Elementen uit de vorig jaar van kracht geworden wettelijke schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen worden overgenomen in het algemene faillissementsrecht dat ook geldt voor rechtspersonen, zoals N.V.'s en B.V.'s.
Zo er zal een einde komen aan de mogelijkheid voor een minderheid van schuldeisers altijd - ook op onredelijke gronden een akkoord kan torpederen. Een akkoord kan bijvoorbeeld een afbetalingsregeling en saneringsregeling tussen bedrijf en schuldeisers betreffen. Dat bemoeilijkt de doorstart of het behoud van een onderneming. De rechter zal in sommige gevallen een akkoord ook tegen de wil van schuldeisers kunnen gaan op leggen.

Ook de zogenoemde afkoelingsperiode wordt langer, namelijk maximaal vier maanden. Nu is hij nog maximaal twee maanden. De afkoelingsperiode is de tijd in een faillissement of surseance waarin op last van de rechter de belangrijkste schuldeisers - waaronder als pand- en hypotheekhouders - hun rechten tijdelijk niet kunnen uitoefenen. Dat geeft de curator of bewindvoerder de gelegenheid heeft orde op zaken te stellen.

Zie MvT

Voor vragen of commentaar met betrekking tot de inhoud van deze pagina's kunt u terecht bij de Directie Voorlichting van Justitie, telefoon: (070) - 3706850,
email: voorlichting@best-dep.minjust.nl,
fax: (070) - 3707594

Deel: ' Dit najaar wetsvoorstel wijziging faillissementswet '




Lees ook