Europees Hof van Justitie

Afdeling Pers en Voorlichting

PERSCOMMUNIQUÉ nr. 83/99

26 oktober 1999

Arrest van het Hof in zaak C-273/97

Sirdar tegen The Army Board, Secetary of State for Defence

BIJ NATIONALE BESLISSINGEN INZAKE ORGANISATIE EN BEHEER VAN DE STRIJDKRACHTEN MOET IN HET ALGEMEEN HET BEGINSEL VAN GELIJKE BEHANDELING VAN MANNEN EN VROUWEN IN ACHT WORDEN GENOMEN


Het Hof van Justitie erkent echter het recht van de Royal Marines, speciale gevechtsteams die activiteiten verrichten waarvoor het geslacht een bepalende factor is, vrouwen uit te sluiten van toegang tot dit korps.

A. Sirdar, sinds 1983 als kok in dienst van het Britse leger, was sinds 1990 werkzaam bij de Royal Artillery.

In februari 1994 werd zij wegens bezuinigingen bij defensie ontslagen. Zij vroeg overplaatsing aan naar de Royal Marines, eveneens als kok. Haar verzoek werd afgewezen omdat dit korps geen vrouwen aannam.

Het korps Royal Marines is een legeronderdeel dat met name wordt gekenmerkt door snelle inzetbaarheid als infanterie voor de aanval in allerlei militaire acties en gevechten in direct contact met de vijand.

Het korps is georganiseerd op basis van het
interoperabiliteitsbeginsel, wat wil zeggen dat elk lid, ongeacht zijn specialisatie, te allen tijde binnen zijn rang en bevoegdheid moet kunnen dienen in een commandoteam. Volgens de leiding van de Royal Marines zou bij het in dienst nemen van vrouwen deze interoperabiliteit niet kunnen worden gegarandeerd.

Sirdar was van mening, dat zij gediscrimineerd was wegens geslacht en legde de zaak voor aan het Industrial Tribunal, Bury St Edmunds, dat het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen vroeg, hoe het beginsel van gelijke behandeling van mannen en vrouwen moest worden toegepast op aanstelling in het leger of een van zijn onderdelen.

Het Hof herinnert er allereerst aan, dat het weliswaar een zaak van de lidstaten is, de besluiten te nemen die betrekking hebben op de organisatie van hun strijdkrachten, maar dat zulke besluiten niet buiten de toepassing van het gemeenschapsrecht vallen (behoudens in nauwkeurig omschreven uitzonderingsgevallen). Bij besluiten die met name de toegang tot de arbeid bij de strijdkrachten betreffen, moet dus in het algemeen het beginsel van gelijke behandeling van mannen en vrouwen in acht worden genomen.

Het Hof constateert echter, dat de organisatie van de Royal Marines wezenlijk anders is dan die van andere onderdelen van het Britse leger. Binnen dit korps moeten namelijk ook koks als commando in de voorste linies dienen, zonder dat op deze regel een uitzondering kan worden gemaakt.

Het Hof herinnert eraan, dat het gemeenschapsrecht op de toepassing van het beginsel van gelijke behandeling enkele nauwomschreven uitzonderingen maakt voor gevallen waarin het geslacht een bepalende factor is voor het verrichten van de betrokken activiteit, gezien het karakter daarvan, en tekent daarbij aan, dat de nationale autoriteiten een zekere beoordelingsmarge hebben bij het nemen van maatregelen die zij ter verzekering van de openbare veiligheid nodig achten.

In het onderhavige geval is het Hof van oordeel, dat de nationale autoriteiten hun beoordelingsmarge aldus mochten gebruiken, dat zij de toegang tot de Royal Marines voorbehouden aan mannen, in verband met de specifieke voorwaarden waaronder deze aanvalscommandoteams opereren.

Voor de media bestemd niet-officieel stuk, dat het Hof van Justitie niet bindt. Deze persmededeling is beschikbaar in alle officiële talen.

De volledige tekst van het arrest is te vinden op de internetpagina van het Hof www.curia.eu.int. heden vanaf ongeveer 15.00 uur.

Voor nadere informatie wende men zich tot J.-M. Rachet, tel. (0 03 52) 43 03 - 32 05 fax (0 03 52) 43 03 - 20 34.



Deel: ' Europees Hof erkent recht Royal Marines uitsluiting vrouwen '




Lees ook