Euser, Dijkman en Haijtema eerste winnaars nieuwe Psyche Mediaprijs


HAARLEM, 20101002 -- Carolien Euser, Rogier Dijkman en Arno Haijtema winnen de Psyche Mediaprijs 2010 van 5.000 euro met hun artikel 'Nooit meer een kopstoot' in De Volkskrant. De Psyche Mediaprijs is een gloednieuwe prijs die een journalist of programmamaker beloont die op uitmuntende wijze bijdraagt aan meer openheid en minder schaamte over psychische aandoeningen.

Het juryoordeel

"De foto's bij het artikel hebben een indrukwekkend effect. Ze zijn zonder meer te beschouwen als de krachtigste uitdrukking in beeldvorm van de beroemde preventieboodschap `Drank maakt meer kapot dan je lief is'. Van een romantisering van het leven van een verslaafde is geen sprake en met het vooroordeel, dat het `allemaal wel mee valt' als je een alcoholprobleem hebt en geen junk bent, wordt meedogenloos afgerekend. De gekozen invalshoek is origineel en vernieuwend en zou ook in de hulpverlening effectief kunnen zijn. De benadering van Euser, Dijkman en Haijtema laat ook zien dat niet alleen televisie impact heeft. Door de volstrekte openheid van beide makers bestrijden ze schaamte. Inmiddels zijn hun gezamenlijke ervaringen in de strijd tegen de drank ook vastgelegd in het onlangs verschenen boek Kopstoot - het gezicht van alcohol."

De winnaars

Een gemotioneerde Rogier Dijkman zei: "Ik heb zo lang geen grip gehad op mijn eigen leven. Maar nu ben ik weer de regisseur van mijn eigen leven. Letterlijk en figuurlijk."

Bijlage:

Juryrapport Psyche Mediaprijs



De Psyche Mediaprijs is nieuw en reiken we dit jaar voor het eerst uit. Deze prijs is een idee van het Fonds Psychische Gezondheid en de initiatiefgroep Psyche, Media en Stigma. De prijs bedraagt een bedrag van 5000 euro.

Het doel van de prijs is media te stimuleren om met kennis, inzicht en betrokkenheid te berichten over psychische problemen en mensen die daaraan lijden. Dit willen we bereiken door iedere twee jaar een journalist of programmamaker te prijzen die hier in de Nederlandse taal op uitmuntende wijze in slaagt. Deze persoon moet op een zorgvuldige en inzichtgevende manier vertellen of schrijven over psychische problemen. Zijn of haar inzending draagt er toe bij dat mensen met psychische problemen minder last hebben van vooroordelen en argwaan. Meer openheid en minder schaamte, dat is het doel.

Het uitreiken van een mediaprijs gebeurt niet alleen in Nederland. In veel westerse landen, waaronder de VS, Australie en het VK is de mediaprijs een uitdrukking van de overtuiging dat de media een belangrijke maatschappelijke rol kunnen spelen in het streven van de geestelijke gezondheidszorg stigmatisering van mensen met psychische problemen tegen te gaan.

De eerste jury van de Nederlandse Psyche Mediaprijs bestond uit Michaja Langelaan (hoofdredacteur Psy), Bram Bakker (psychiater), Gijs Francken (stichting GGZ+), en Paul Schnabel (directeur Sociaal en Cultureel Planbureau). Het secretariaat werd gevoerd door Iris Nijkamp van het Fonds Psychische Gezondheid.

Inzendingen
De jury van de Psyche Mediaprijs heeft in totaal 62 inzendingen gekregen, die aan de criteria voor de prijs beantwoorden. We lazen 42 artikelen uit dag- en weekbladen en magazines, luisterden naar 5 radioreportages en zagen 15 televisieproducties. Het ging om inzendingen die in de periode van 1 januari 2009 tot 1 augustus 2010 werden uitgezonden of gepubliceerd.

Indruk inzendingen
Alle inzendingen leverden een bijdrage aan het doel van de Psyche Mediaprijs: de last van vooroordelen en argwaan die patinten ervaren verminderen. Maar ook was een deel van de inzendingen naar ons oordeel onvoldoende gericht op het tegengaan van stigmatisering. Ze gaven vaak wel een goed beeld van de ellendige situatie van de patint of waren vooral bedoeld als aanklacht tegen falende hulpverlening. De doelstelling van de prijs `meer openheid, minder schaamte' kwam dan toch minder goed tot uitdrukking.

Opvallend was hoe vaak de inzendingen over een specifieke diagnose en de bijbehorende symptomen gingen. De patint trad dan meestal op als verteller en in de schets van zijn problematiek lag het accent meestal erg sterk op de ervaringen van de patint met de hulpverlening. Minder duidelijk werd wat de problematiek nu echt betekent voor de patint als persoon of hoe anderen hem of haar in het dagelijkse leven bejegenen. Wij misten vaak belangstelling voor de wijze waarop de patint in goede of slechte zin met de eigen symptomen en de daaruit volgende problemen om gaat. Ook gaven maar relatief weinig inzendingen aandacht aan de gevolgen van ernstige psychische problemen voor de andere leden van een gezin.

Journalisten en programmamakers kiezen graag vaak voor een schijnbaar nieuw of in zijn manifestatie erg opvallend psychisch probleem, ook al gaat het om een verschijnsel dat in werkelijkheid maar weinig voorkomt. Inzendingen over mensen met angsten, schizofrenie of een depressie kwamen naar verhouding juist wat minder vaak voor.

Veel inzendingen hadden anorexia nervosa als onderwerp. Uit epidemiologisch onderzoek blijkt steeds weer, dat de aandoening gelukkig veel minder vaak voorkomt dan vaak wordt gedacht. ADHD is een aandoening die wel veel voorkomt en naar het oordeel van veel deskundigen zelfs overdiagnosticeerd wordt, maar juist dat laatste aspect komt in de artikelen en programma's, die aan ADHD worden gewijd, maar zelden aan de orde.

Verheugend was wel dat eigenlijk in geen van de inzendingen een volledig fout beeld van een psychische stoornis werd gegeven en dat er ook nergens sprake was van een presentatie die welbewust vooroordelen zou versterken of als stigmatiserend zou kunnen worden gezien. De auteurs identificeerden zich eerder met de patinten dan dat zij er zich van distantieerden. In de televisieprogramma's werd daar door de presentatoren of interviewers ook op een heel sympathieke manier vorm aan gegeven. Veel, zeker ook jongere kijkers zullen daardoor gemakkelijker begrip hebben kunnen opbrengen van wat er op het eerste gezicht toch vooral uitziet als onbegrijpelijk en irrationeel of ook irriterend gedrag.

De jury was verrast door het grote aantal inzendingen. Het was niet gemakkelijk daar een goede keuze uit te maken voor een shortlist van vier. Alvorens de shortlist te bespreken, willen we toch graag ook even kort stilstaan bij enkele inzendingen, die ons in positieve zin opvielen, maar het niet tot een nominatie voor de Psyche Mediaprijs hebben gebracht.

De Wandeling
Zo hebben we met waardering gekeken naar de aflevering van de KRO-serie De Wandeling. De programmakers Hella van der Wijst en Els Janssen laten het eerlijke verhaal van Sam Gerrits zien. In de beslissing om deze inzending niet te nomineren heeft meegewogen dat de problematiek wel ernstig is, maar naar zijn aard toch eerder als neurologisch dan als psychiatrisch beschouwd moet worden.

Schaken en autisme
We willen ook het artikel van Karel van Delft Schaken en autisme noemen. Het is een goed verhaal over meedoen in clubverband, in dit geval een schaakvereniging. Het Schaakmagazine is uiteraard niet een magazine, dat een groot publiek weet te bereiken, maar het artikel van Van Delft viel ons op, omdat het zo duidelijk destigmatiserend bedoeld is. Het is ook een voorbeeld wat mensen/patinten zelf kunnen doen om in eigen kring stigma te bestrijden.

Liever Wildt dan Tam
Het artikel van Wendy Winter in Viva, Liever Wildt dan Tam sprong er ook uit. Dit kwam doordat je als het ware kunt proeven wat het betekent om hypomaan te zijn en op het volgende moment depressief. Dit was overigens het enige artikel over manisch depressieve patinten.

Uiteindelijk heeft de jury vier inzendingen genomineerd. Ik noem ze hier in de alfabetische volgorde van de achternaam van de auteur.


1.     Ines ten Berge
      Zorgmijders onder dak
Ines ten Berge brengt in deze televisiereportage, uitgezonden door Kruispunt RKK, mensen met chronische psychiatrische problematiek in beeld. Het gaat om zorgmijders, ieder met een eigen verhaal. Ze laat op een empathische, maar ook onverbloemde manier zien hoe ongewis het toekomstperspectief voor deze mensen is. Ze houden zich met veel moeite onder barre omstandigheden en veel lijden op de been. Ten Berge laat zien hoeveel inspanningen het de hulpverleners kost om `contact' tot stand te brengen. Ze toont hulpverleners met het hart op de goede plaats en veel geduld voor deze gemarginaliseerde mensen met een vaak complexe problematiek. Ines ten Berge brengt geen `mooi verhaal', maar geeft een reel beeld. De reportage zet mensen echt aan het denken en laat er geen twijfel over, dat de kans dat het toch nog goed afloopt, in veel gevallen heel klein is.

2.     Carolien Euser & Rogier Dijkman
      Nooit meer een kopstoot
Het artikel Nooit meer een kopstoot vormt een onderdeel van drie artikelen en is gepubliceerd in De Volkskrant. De foto's bij het artikel hebben een indrukwekkend effect. Ze zijn zonder meer te beschouwen als de krachtigste uitdrukking in beeldvorm van de beroemde preventieboodschap `drank maakt meer kapot dan je lief is'. Van een romantisering van het leven van een verslaafde is geen sprake en met het vooroordeel, dat `allemaal wel mee valt' als je een alcoholprobleem hebt en geen junk bent, wordt meedogenloos afgerekend. De gekozen invalshoek is origineel en vernieuwend en zou ook in de hulpverlening effectief kunnen zijn. De benadering van Euser, Dijkman en Haijtema laat ook zien dat niet alleen televisie impact heeft. Door de volstrekte openheid van beide makers bestrijden ze schaamte. Inmiddels zijn hun gezamenlijke ervaringen in de strijd tegen de drank ook vastgelegd in het onlangs verschenen boek `Kopstoot-het gezicht van alcohol'.

3.     Carolina Lo Galbo
      De roes van de pijn
Carolina Lo Galbo heeft meer artikelen ingezonden die van haar hand verschenen in het weeklad Vrij Nederland. Ook met het artikel De roes van de pijn, over meisjes die zichzelf snijden, laat Carolina Lo Galbo zien dat ze een journalist van hoge kwaliteit is. Ze kiest voor een brede aanpak met zowel een persoonlijke als een meer organisatorische en op de hulpverlening gerichte invalshoek. In dit artikel is ook het gekozen beeld een mooie aanvulling op het verhaal.

4.     Coen Verbraak
      Kijken in de ziel
Coen Verbraak toont zich een fantastische gesprekspartner en het resultaat is een prachtige serie, uitgezonden op Nederland 2 en inmiddels alweer herhaald. Het programma Kijken in de ziel laat ons op een vernieuwende manier de verschillende invalshoeken en visies van bekende psychiaters en therapeuten zien. Het is een krachtige serie. Het prikkelt tot nadenken over mensen met psychische probelemen en de behandeling daarvan. En niet alleen door de andere prijzen die deze serie heeft gewonnen, maar ook door de vele andere vormen van publiciteit, heeft Coen Verbraak laten zien dat hij een discussie op gang kan brengen. De enige beperking van deze serie in het licht van de Psyche Mediaprijs is dat het accent hier niet ligt op de patint, maar op de psychiater.


De jury heeft uit deze vier nominaties een definitieve keuze gemaakt door de criteria nog eens naast deze inzendingen te leggen. De volgende criteria vormden voor ons een leidraad bij de beoordeling van de inzendingen. Om voor de Psyche Mediaprijs in aanmerking te komen moet de inzending:
* vernieuwend zijn;
* grensverleggend zijn;
* prikkelen tot nadenken over mensen met psychische problemen en de behandeling daarvan;
* een gevarieerd en reel beeld geven van mensen met psychische problemen;
* de schaamte bestrijden;
* bijdragen aan meer openheid over psychische problemen;
* vooroordelen ontkrachten;
* laten zien dat mensen met psychische problemen niet altijd `gek' zijn;
* de discussie op gang laten komen.

De jury oordeelde dat n inzending op vrijwel alle punten aan de criteria voldeed en kent dan ook met grote waardering voor de moed en het doorzettingsvermogen die uit de inzending spreekt de Psyche Mediaprijs 2010 toe aan Carolien Euser, Rogier Dijkman en Arno Haijtema voor hun artikel in De Volkskrant `Nooit meer een kopstoot'.


Paul Schnabel, voorzitter Psyche Mediaprijs 2010
Gijs Francken
Bram Bakker
Michaja Langelaan


Deel: ' Euser, Dijkman en Haijtema eerste winnaars nieuwe Psyche Mediaprijs '




Lees ook