Ministerie van Financien

Titel: Voorlopige Rekening 1998

Directie Begrotingszaken

Inspectie der Rijksfinanciën

Directie Algemene en Financiële Economische Politiek

Aan:

De voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal

Plein 2

2511 CR Den Haag

Uw brief van/kenmerk

Ons kenmerk

Den Haag

B1999 / 46M

22 februari 1999

Onderwerp

Voorlopige Rekening 1998

1. Inleiding en samenvatting

In deze nota wordt een overzicht gegeven van de voorlopige realisatie van de begrotingsuitvoering 1998. De Voorlopige Rekening bevat geen doorwerking naar latere jaren; deze zal bij de besluitvorming over de Voorjaarsnota 1999 aan de orde komen.

Ten opzichte van de ramingen in de Najaarsnota 1998 komen de begrotingsgefinancierde netto-uitgaven binnen de budgetdisciplinekaders 0,3 miljard lager uit. Dit is per saldo volledig het gevolg van lagere netto-uitgaven binnen het begrotingsgefinancierde deel van de Sociale Zekerheid van 0,3 miljard. Binnen het begrotingsgefinancierde deel van de Zorguitgaven zijn de netto-uitgaven ten opzichte van de Najaarsnota nagenoeg gelijk gebleven. Binnen het kader Rijksbegroting in enge zin is de sinds de Najaarsnota opgetreden onderuitputting nagenoeg voldoende om de nog openstaande taakstelling uit hoofde van de in = uit-gedachte te kunnen tegenboeken. Dit betekent dat het kader Rijksbegroting in enge zin in 1998 een sluitend beeld laat zien.

Bij het totaal van de voor de ijklat relevante ontvangsten is eveneens sprake van een meevallend beeld. Ten opzichte van de raming bij Najaarsnota komen deze ontvangsten 0,8 miljard hoger uit. De belastingontvangsten in 1998 komen uit op 180,21 miljard.

Als gevolg van de vermelde mutaties daalt het EMU-tekort ten opzichte van de Najaarsnota van

1,2% naar 0,9% BBP. De EMU-schuld als percentage van het BBP zal naar verwachting uitkomen op 67,8 procent.

De daling van het EMU-tekort is voornamelijk het gevolg van de eerder genoemde hogere belastingontvangsten en lagere begrotingsgefinancierde uitgaven binnen de kaders (voor een toelichting hierop zie paragraaf 2 en 3). Ten opzichte van de Najaarsnota zijn er geen nieuwe inzichten ontstaan in het saldo van de decentrale overheden. Het saldo van de sociale fondsen is ten opzichte van de Najaarsnota iets verslechterd.

Opgemerkt moet worden dat het hier gepresenteerde EMU-tekort en de EMU-schuldquote een nog voorlopig karakter hebben. Aanpassingen zijn nog mogelijk in bijvoorbeeld de omvang van het Nederlandse BBP in 1998.

Als gevolg van de hogere belastingontvangsten en lagere begrotingsgefinancierde netto-uitgaven binnen de kaders daalt het zogenoemde beleidsrelevante tekort ten opzichte van de Najaarsnota eveneens met 0,2%, van 1,9% naar 1,7% BBP. Dit is 1,2% beneden de plafondwaarde die in het Regeerakkoord 1994 voor 1998 was vastgesteld.

In tabel 1 wordt de ontwikkeling van het budgettaire beeld in 1998 geschetst.

Tabel 1: de uitgavenontwikkeling in de drie budgetdisciplinesectoren, alsmede de ontwikkeling van de

belastingopbrengsten, het EMU-tekort en het beleidsrelevante tekort (in miljarden).

MN 98

(1)

VjN 98

(2)

VU 98

(3)

NjN 98

(4)

VR 98

(5)

Kader

(6)

Verschil

(4-5)

Verschil

(5-6)

Rijksbegroting in enge zin

162,4

161,2

161,6

161,8

161,8

161,8

0,0

0,0

Sociale Zekerheid

102,5

101,5

101,8

101,3

101,0

102,7

-0,3

-1,7

Zorg

51,0

51,5

51,3

51,7

51,7

49,5

0,0

+2,1

Belastingopbrengsten

177,7

176,6

178,4

179,4

180,2

-0,8

Beleidsrelevant tekort

(in % BBP)

2,3%

2,4%

2,1%

1,9%

1,7%

-0,2%

EMU-tekort (in % BBP)

1,7%

1,6%

1,3%

1,2%

0,9%

-0,3%

2. De begrotingsgefinancierde netto-uitgaven

Zoals al is aangegeven in de inleiding, laten de uitgaven en niet-belastingontvangsten ten opzichte van de Najaarsnota een overwegend meevallend beeld zien. Dit is per saldo volledig het gevolg van meevallers binnen het begrotingsgefinancierde deel van de Sociale Zekerheid, waar de netto-uitgaven met 318 miljoen neerwaarts zijn bijgesteld ten opzichte van de Najaarsnota.

Voor de ontwikkeling van de uitgaven in de budgetdisciplinesector Sociale Zekerheid, dat wil zeggen inclusief de premiesectoren, zij verwezen naar de brief van de minister van SZW. Voor de budgetdisciplinesector Zorg wordt, conform afspraak, geen geactualiseerd integraal uitvoeringsbeeld geschetst; voor deze sector zijn ten opzichte van de Najaarsnota geen nieuwe uitvoeringsgegevens voorhanden.

Ten opzichte van de Najaarsnota en de daarbij behorende suppletore wetten heeft het kabinet geen belangrijke beleidsbeslissingen genomen die nog gevolgen hebben gehad voor de begroting van 1998. Deze Voorlopige Rekening bevat derhalve voornamelijk realisatiecijfers die door autonome factoren afwijken van de ramingen die waren opgenomen in de Najaarsnota.

Rijksbegroting in enge zin

In de onderstaande tabel zijn de begrotingen opgenomen die een grotere afwijking ten opzichte van de Najaarsnota laten zien dan 25 miljoen. De belangrijkste bijstellingen worden hieronder toegelicht. In de Verticale Toelichting (bijlage 4) wordt per begroting een aansluiting gemaakt ten opzichte van de stand Najaarsnota.

Tabel 2: bijstellingen binnen het kader Rijksbegroting in enge zin (saldo uitgaven en niet-belastingontvangsten in miljoenen; - = tekortverlagend en + is tekortverhogend)

ten opzichte van de Najaarsnota

Begroting

Mutatie

Buitenlandse Zaken

170

Justitie

-126

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

-117

Financiën

-207

Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

-51

Rijksgebouwendienst

85

Verkeer en Waterstaat

-104

Economische Zaken

-45

Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

96

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

-26

Afdrachten EU (invoerrechten)

-68

Homogene Groep Intern. Samenwerking

-86

Tegenboeken eindejaarsmarge

561

Overige mutaties

-50

Totale mutatie Rijksbegroting eng

25

De tegenvaller op de begroting van Buitenlandse Zaken is deels het gevolg van een hogere afdracht van het vierde eigen middel EU. Als gevolg van een nacalculatie van de Nederlandse BNP-grondslagen is de afdracht met 41 miljoen opwaarts bijgesteld.

Daarnaast leidt het negatieve saldo van de Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingslanden op de zogenoemde rekening-courantfaciliteit van de Staat in 1998 tot een tegenvaller van 134 miljoen. Omdat dit saldo begin 1999 is aangezuiverd, leidt deze tegenvaller bij Voorjaarsnota tot een meevaller van dezelfde omvang.

De neerwaartse bijstelling op de begroting van Justitie vloeit voor 50 miljoen voort uit een te hoge opwaartste bijstelling van de raming van het aantal asielzoekers bij Najaarsnota. De instroom in 1998 is uitgekomen op 45.000 asielzoekers, in plaats van de toen geraamde 47.000. De eerdere opwaartste bijstelling van uitgaven is hierdoor deels niet gerealiseerd.

De rest van de meevaller op de begroting van Justitie is de resultante van diverse mutaties, waaronder een meevaller uit hoofde van Boeten en Transacties van 30 miljoen ten opzichte van de Najaarsnota.

De neerwaartse bijstelling op de begroting van Binnenlandse Zaken is voornamelijk het gevolg van vertraging bij de uitbetaling van de vergoeding van de schade die is ontstaan bij de wateroverlast in september 1998.

De meevaller op de begroting van Financiën wordt voor een belangrijk deel verklaard door hogere ontvangsten bij de Exportkredietverzekering van 95 miljoen. Daarnaast is sprake van een groot aantal kleinere meevallers aan zowel de uitgaven- als de ontvangstenzijde.

De meevaller op de begroting van VROM is de resultante van meevallende ontvangsten uit hoofde van de bodemsanering alsmede enkele kleinere ontvangstenposten.

De hogere uitgaven bij de Rijksgebouwendienst zijn opgebouwd uit een aantal mutaties. Uit doelmatigheidsoverwegingen is na de Najaarsnota besloten een aantal aankopen te doen, waaronder het Apple-gebouw te Apeldoorn en de rechtbanken te Zutphen en Arnhem. Met deze aankopen is een bedrag van circa 148 miljoen gemoeid. De middelen ten behoeve van de gebouwgebonden millenniumproblematiek zijn deels onbesteed gebleven vanwege vertragingen bij de inventarisatie van de gebouwgebonden millenniumproblematiek en doordat gebleken is dat de millenniumproblematiek minder kost dan oorspronkelijk geraamd.

Samen met lagere uitgaven aan onderhoud en exploitatie treedt hierdoor een meevaller op van circa 100 miljoen. Voorts is sprake van een aantal tegenvallende ontvangstenposten.

Op de begroting van Verkeer en Waterstaat doen zich enkele meevallers voor. Aan de betalingen voor het Eurovignet wordt ten opzichte van de Najaarsnota circa 30 miljoen minder besteed dan geraamd. Ook van de ten behoeve van het oplossen van het millenniumprobleem beschikbaar gestelde middelen is circa 30 miljoen niet tot besteding gekomen. Aan de ontvangstenzijde is sprake van hogere dividendopbrengsten van KPN.

De meevaller op de begroting van Economische Zaken is grotendeels de resultante van gunstiger actualisatiecijfers inzake de WIR-raming enerzijds en hogere gasbaten buitenland anderzijds.

Op de begroting van LNV doet zich aan de ontvangstenzijde een tegenvaller voor van ruim 70 miljoen. Oorzaak hiervan is een vertraging in de ontvangsten van de EU, als bijdrage in de kosten voor de bestrijding van de varkenspest.

Op de begroting van Volksgezondheid, Welzijn en Sport leiden verscheidene kleine mutaties tot een meevaller van in totaal 26 miljoen.

De invoerrechten-afdrachten aan de EU vallen 68 miljoen mee door een lagere realisatie van de invoerrechten dan bij Najaarsnota werd geraamd.

Bij de homogene groep Internationale Samenwerking doet zich een onderschrijding voor van per saldo 86 miljoen. De belangrijkste oorzaken hiervan zijn een onderuitputting op het personele en materiële vlak (34 miljoen), een vertraging in de aanvragen voor de Investerings- en Garantiefaciliteit voor Opkomende Markten (IFOM en GOM, 43 miljoen), een hogere realisatie van de landenprogrammas (49 miljoen), extra macro-economische steun (46 miljoen)en een ophoging van het budget voor noodhulp als gevolg van de orkaan Mitch (35 miljoen). Een groot aantal kleinere meevallers zorgt voor de per saldo onderschrijding.

Op de aanvullende post Nader te verdelen tot slot wordt de ramingsveronderstelling over de eindejaarsmarge (in = uit) via de optredende onderuitputting tegengeboekt.

Netto-uitgaven die niet tot het kader behoren.

De netto-uitgaven die niet tot het kader behoren, zijn ten opzichte van de Najaarsnota gedaald van 17,7 naar 17,2 miljard. Deze daling is vrijwel volledig het gevolg van wel geraamde maar niet tot besteding gekomen middelen op de aanvullende post. Een deel van de gereserveerde middelen heeft betrekking op de afkoop van subsidies voor woonwagens en renovatiesubsidies. De verwachting is dat deze middelen in 1999 besteed zullen worden. Daarnaast was een reservering opgenomen voor BTW-uitgaven in het Openbaar Vervoer. Op deze reservering is een lager beroep gedaan dan verwacht.

De niet-relevante ontvangsten laten ten opzichte van de Najaarsnota een oploop zien van 18,4 naar 18,9 miljard. Circa 0,3 miljard van deze oploop vloeit voort uit hogere agio-ontvangsten op de begroting van Nationale Schuld. Daarnaast vallen de ontvangsten uit hoofde van heffings- en invorderingsrente 0,1 miljard hoger uit dan voorzien. Voorts is sprake van diverse kleinere mutaties op een aantal niet-relevante artikelen.

3. De totale ontvangsten

Het totaal van de voor de ijklat relevante inkomsten laten naar huidige inzichten een meevaller zien van 1,2 miljard ten opzichte van de Vermoedelijke Uitkomsten. Het karakter van deze meevaller verschilt voor de onderdelen. De meevallers bij de belastingen en gasbaten betreffen het realisatiecijfers op kasbasis. De tegenvaller bij de premies betreft een raming op transactiebasis naar huidige inzichten.

Naar huidige inzichten in de aard van de afwijkingen is de verwachting dat de totale inkomstenmeevaller een structurele doorwerking kent van 0,9 miljard. Het incidentele gedeelte bedraagt 0,6 miljard. Daarnaast is er een tijdelijke tegenvaller van 0,2 miljard die ten gunste komt van 1999.

In het regeerakkoord is afgesproken dat inkomstenmeevallers die betrekking hebben op 1998 volledig worden benut voor extra tekortreductie, inclusief de structurele doorwerking naar latere jaren (0,9 miljard). Om dit te bereiken wordt het structurele deel van de meevallers (de doorwerking naar latere jaren) in de correctiepost bij de ontvangstenijklat opgenomen.

Tabel 1: Ontwikkeling voor de ijklat relevante inkomsten (in miljoenen guldens)

VU 98

VR 98

Verschil

(1)

(2)

(2-1)

Belastingen c.s.

180.382

182.177

1.795

Premies

120.142

119.642*

-500*

Gasbaten

3.101

3.160

59

Totaal

303.624

304.979

1.355

* betreft een raming o.b.v. voorlopige inzichten Financiën/CPB

1. De belastingontvangsten c.s.

De belastingontvangsten c.s. bestaan uit belastingontvangsten en overige middelen (milieuheffingen, landbouwheffingen en omroepbijdragen).

Wanneer wordt afgezien van een statistische verschuiving van belastingontvangsten naar niet belastingontvangsten is in 1998 in totaal 180,2 miljard aan belasting (zonder overige middelen) ontvangen2. Ten opzichte van de raming bij Najaarsnota heeft zich een meevaller voorgedaan van 0,8 miljard. Samen met de reeds in de Najaarsnota opgenomen ramingsbijstelling van 1 miljard komt de meevaller ten opzichte van de Vermoedelijke Uitkomsten daarmee uit op 1,8 miljard. De analyse van de belastingrealisatie zal verder geschieden ten opzichte van de stand bij Vermoedelijke Uitkomsten.

De meevaller van 1,8 miljard is het saldo van enerzijds een belangrijke tegenvaller bij de inkomstenbelasting van 1,2 miljard en anderzijds enkele grote meevallers bij omzetbelasting (0,8 miljard2), dividendbelasting (0,7 miljard), vennootschapsbelasting (0,6 miljard) en motorrijtuigenbelasting (0,7 miljard). In bijlage 2 worden de belangrijkste afwijkingen uitvoeriger besproken.

Volgens huidige inzichten in de aard van de realisatie is de verwachting dat de meevaller een structurele doorwerking kent van 1,4 miljard3. Het incidentele gedeelte van de meevaller bedraagt 0,5 miljard. Daarnaast is er een tijdelijke tegenvaller van 0,1 miljard die ten gunste komt van 1999. Hierbij wordt er van uitgegaan dat meevallers in principe structureel zijn tenzij er duidelijke aanwijzingen zijn die wijzen op een tijdelijke of incidentele aard.

Het structurele deel van de tegen- en meevallers wordt samen met nieuwe inzichten in de economische ontwikkeling en de uitvoeringspraktijk verwerkt in de belastingraming bij de Voorjaarsnota 1999.

De overige middelen (milieuheffingen, landbouwheffingen en omroepbijdragen) vallen 15 miljoen mee ten opzichte van de Vermoedelijke Uitkomsten. Volgens huidige inzichten is deze meevaller volledig incidenteel.

2. De premieontvangsten

De premies Volksverzekeringen en Werknemersverzekeringen laten voor 1998 naar huidige inzichten een tegenvaller zien van ca. ½ miljard ten opzichte van de Vermoedelijke Uitkomsten. Dit betreft een afwijking o.b.v. een transactieraming voor 1998 o.b.v. voorlopige inzichten Financiën/CPB. Volgens huidige inzichten is de tegenvaller bij de premies volledig structureel.

3. Gasbaten

De voor de ijklat relevante gasbaten 59 miljoen mee ten opzichte van de raming bij Vermoedelijke Uitkomsten. De meevaller bij de voor de ijklat relevante gasbaten is incidenteel.

DE MINISTER VAN FINANCIEN,

Bijlage 1: budgettaire kerngegevens 19984

Miljoenen-nota 1998

Voorjaars nota 1998

Verm. uitk.

1998

Najaars-nota 1998

Voorl. Rek. 1998

Financieringstekort Rijk:

- Relevante uitgaven

219,3

220,3

221,3

221,8

221,7

- Relevante niet-belastingontvangsten

22,7

28,9

34,9

36,0

37,0

- Belastingontvangsten

177,7

176,5

178,4

179,4

180,2

- Mutatie Derdenrekening

0,0

0,0

-0,3

-0,3

1,3

Feitelijk Financieringstekort

18,9

14,8

8,3

6,7

3,2

Idem, in % BBP

2,5%

2,0%

1,1%

0,9%

0,4%

Onderverdeling relevante begrotings-gefinancierde netto-uitgaven:

Netto-uitgaven totaal

196,6

191,4

186,4

185,8

184,7

- waarvan Rijksbegroting in enge zin

162,4

161,2

161,6

161,8

161,8

- waarvan Sociale Zekerheid

24,8

24,9

24,6

24,0

23,7

- waarvan Zorg

1,3

1,2

1,3

1,2

1,2

- waarvan niet tot het kader behorend

8,1

4,0

-1,1

-1,2

-2,0

Tekort en schuld van de collectieve sector:

a) Vorderingentekort Rijk

2,5%

2,0%

2,3%

1,8%

1,5%

b) Vorderingentekort Sociale Fondsen

-0,6%

-0,2%

-0,8%

-0,4%

-0,3%

c) Vorderingentekort OPL

-0,2%

-0,2%

-0,2%

-0,2%

-0,2%

EMU-tekort (a+b+c)

1,7%

1,6%

1,3%

1,2%

0,9%

EMU-schuldquote

70,4%

69,4%

68,6%

68,3%

67,8%

Bruto Binnenlands Product (BBP)5

752,2

746,1

751,7

751,7

750,5

Geharmoniseerd BBP

746,3

740,5

746,2

746,2

744,6

De niet-belastingontvangsten laten gedurende het hele jaar een sterke oploop zien. In de periode Miljoenennota 1998 tot Voorlopige Rekening 1998 bedraagt deze oploop ruim 14 miljard. De belangrijkste verklaringen hiervoor zijn (in afnemende grootte) de eenmalige afdracht van DNB (5 miljard), de verwerking van de oploop van de storting in het AOW-spaarfonds (2,8 miljard), agio-ontvangsten (1,8 miljard), de opbrengst van de veiling van telefoniefrequenties (1,8 miljard) en tot slot de verkoop van aandelen KLM (0,7 miljard). Aangezien al deze opwaartse bijstellingen betrekking hebben op ontvangsten die niet tot een van de budgetdisciplinekaders behoren, treedt eveneens een belangrijke meevaller op bij het niet-relevante deel van de netto-uitgaven. Bijlage 2: Analyse belastingontvangsten 1998 Inleiding

De realisatie van de belastingontvangsten in 1998 is 0,8 miljard hoger uitgekomen dan geraamd bij Najaarsnota 1998. Bij de Najaarsnota is reeds een ramingsbijstelling van 1 miljard opgenomen ten opzichte van de Vermoedelijke Uitkomsten 1998 (Miljoenennota 1999). Ten opzichte van de Vermoedelijke Uitkomsten zoals vermeld in de jongste Miljoenennota komt de meevaller derhalve 1,8 miljard hoger uit6.

Deze meevaller van 1,8 miljard is het saldo van enerzijds een forse tegenvaller bij de inkomstenbelasting van 1,2 miljard en anderzijds meevallers bij met name omzetbelasting (0,8 miljard1), dividendbelasting (0,7 miljard), vennootschapsbelasting (0,6 miljard) en motorrijtuigenbelasting (0,7 miljard). In tabel 1 wordt een compleet overzicht gegeven.

Tabel 1 belastingopbrengsten op kasbasis voor 1998 (in miljarden)

Mutatie na

Vermoedelijke

Voorlopige

Vermoedelijke

Ontwerpbegroting

Voorjaarsnota

Uitkomsten

Rekening

Uitkomsten

Kostprijsverhogende belastingen

90,1

91,7

92,5

94,1

1,6

Invoerrechten

3,3

3,6

3,7

3,6

-0,1

Omzetbelasting

51,6

52,5

53,6

54,3a

0,8a

Belasting op personenauto's en motorrijwielen

4,7

4,8

4,9

5,3

0,4

Accijnzen

16,7

16,4

16,0

15,8

-0,2

Belastingen van rechtsverkeer

5,8

6,0

6,3

6,8

0,4

Motorrijtuigenbelasting

3,5

3,6

3,3

4,0

0,7

Belasting op milieugrondslag

4,0

4,1

4,1

3,7

-0,4

Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken en van enkele andere producten

0,4

0,4

0,4

0,4

0,0

Belasting op zware motorrijtuigen

0,2

0,2

0,2

0,2

0,0

Belastingen op inkomen, winst en vermogen

87,5

84,8

85,8

86,0

0,2

Inkomstenbelasting

4,2

3,8

4,1

2,8

-1,2

Loonbelasting

46,2

40,9

41,2

41,0

-0,2

Dividendbelasting

2,9

3,1

3,6

4,3

0,7

Kansspelbelasting

0,2

0,2

0,2

0,2

0,0

Vennootschapsbelasting

30,5

33,2

33,1

33,7

0,6

Vermogensbelasting

1,4

1,5

1,5

1,5

0,0

Successierechten

2,1

2,2

2,2

2,5

0,3

Niet nader toe te rekenen belastingontvangsten

0,1

0,1

0,1

0,1

0,0

Totaal belastingen

177,7

176,6

178,4

180,2

1,8

aexclusief statistische verschuiving

In het Regeerakkoord is afgesproken dat het saldo van inkomsten mee- en tegenvallers in 1998 volledig in het tekort loopt. Voor de belastingraming 1999 en de ijklattensystematiek is het van belang om aan te geven welk deel van de tegen- en meevallers structureel doorwerkt naar 1999. Volgens huidige inzichten in de aard van de realisatie 1998 is de verwachting dat de meevaller een structurele doorwerking kent van 1,4 miljard. Het incidentele deel van de meevaller bedraagt 0,5 miljard. Daarnaast is er een tijdelijke tegenvaller van 0,1 miljard, die ten gunste komt van de opbrengst in 1999. Tabel 2 geeft een overzicht van de aard van de afwijking per belastingsoort.

Tabel 2: Karakter van de afwijkingen per belastingsoort (in miljarden)

structureel

incidenteel

tijdelijk

Totaal

Kostprijsverhogende belastingen

1,8

-0,1

-0,1

1,6

Omzetbelasting

1,1

-0,3

0,0

0,8

Belasting op personenauto's en motorrijwielen

0,4

0,0

0,0

0,4

Accijnzen

-0,3

0,0

0,1

-0,2

Belastingen van rechtsverkeer

0,4

0,0

0,0

0,4

Motorrijtuigenbelasting

0,5

0,2

0,0

0,7

Overig

-0,2

0,0

-0,2

-0,4

Belastingen op inkomen, winst en vermogen

-0,4

0,6

0,0

0,2

Inkomstenbelasting

-1,4

0,2

0,0

-1,2

Loonbelasting

0,1

-0,3

0,0

-0,2

Dividendbelasting

0,5

0,2

0,0

0,7

Vennootschapsbelasting

0,1

0,5

0,0

0,6

Overig

0,3

0,0

0,0

0,3

Totaal belastingen

1,4

0,5

-0,1

1,8

Noot: + betekent hogere belastingen dan geraamd bij Miljoenennota 1999

1exclusief statistische verschuiving

Bij bovenstaande verdeling van de aard van de doorwerking per belastingsoort in structureel, tijdelijk en incidenteel past de volgende kanttekening. Standaard wordt het gedeelte van een mee- of tegenvaller dat niet tijdelijk of incidenteel is, als structureel aangemerkt. De structurele doorwerking van mee- en tegenvallers betekent niet dat dit een navenante bijstelling betekent voor de totale belastingramingen in latere jaren. Het betekent slechts dat het uitgangsniveau waarop toekomstige ramingen worden gebaseerd op een structureel gewijzigd niveau komen te liggen. Afhankelijk van mutaties in het economisch beeld kan dit basiseffect in de ramingen vervolgens gaan veranderen. Voor een integraal beeld van de belastingontvangsten 1999 en 2000, moet daarom gewacht worden tot het Centraal Economisch Plan 1999.

In het vervolg van deze bijlage wordt eerst ingegaan op de tegenvaller bij de inkomstenbelasting en daarna op de belangrijkste tegen- en meevallers bij de andere belastingsoorten.

2. De inkomstenbelasting A. Inleiding

De ramingsafwijking bij de inkomstenbelasting van 1,2 miljard is in verhouding tot de geraamde kasontvangsten van 4,1 miljard groot. In het verleden hebben zich vaker dergelijk grote afwijkingen ten opzichte van de raming van de Vermoedelijke Uitkomsten voorgedaan. Zo kan gewezen worden op de kasrealisatie van de inkomstenbelasting in 1995 toen de realisatie 1,6 miljard lager uitviel dan nog bij de Vermoedelijke Uitkomsten werd voorzien. Voor de grote afwijkingen bij deze belastingsoort zijn een aantal redenen te geven. Ten eerste speelt hierbij het saldo-karakter van de inkomstenbelasting een rol. Voor de meeste belastingplichtigen is de inkomstenbelasting een saldo-heffing met de loon- en dividendbelasting als belangrijkste voorheffingen. Dit saldo is opgebouwd uit de positieve opbrengst van inkomensbestanddelen die niet onder een voorheffing vallen en aftrekposten die niet via een loonbeschikking (t/m 1998) bij de loonbelasting zijn afgehandeld. Gegevens over de grondslagontwikkeling zijn niet anders beschikbaar dan voor het totaal van de loon- en inkomstenbelasting. Ook achteraf is het daarom moeilijk een exacte verklaring te geven voor grondslagontwikkelingen in de loon- of inkomstenbelasting afzonderlijk. De tweede factor houdt verband met de scherpe fluctuaties in de belastinggrondslag winst uit onderneming. Per saldo wordt in de inkomstenbelasting aan particulieren belasting teruggegeven zodat de positieve ontvangsten van de inkomstenbelasting geheel worden bepaald door ondernemers. Als laatste factor is ook de onzekere ontwikkeling van aftrekposten en overige inkomsten van belang.

In figuur 1 staat de endogene groei van de inkomstenbelasting op kasbasis voor de periode 1994-1998 afgebeeld. De endogene groei heeft betrekking op de groei anders dan uit hoofde van autonome maatregelen zoals bijvoorbeeld tariefwijzigingen. De figuur laat zien dat in deze periode een sterke versmalling van de grondslag uit hoofde van endogene factoren is opgetreden.

Figuur 1 Endogene groei inkomstenbelasting op kasbasis (1994-1998, in procenten)

B. Verschil raming en realisatie

De tegenvaller van de inkomstenbelasting wordt veroorzaakt door lagere kasontvangsten in 1998 over het belastingjaar 1997. De kasontvangsten over dit belastingjaar zijn 1,4 miljard lager uitgevallen dan geraamd. Uit de aanslagoplegging over het belastingjaar 1997 blijkt dat de aanslagen van zowel particulieren (-0,5 miljard) als bij ondernemingen (-0,9 miljard) bij de verwachtingen zijn achtergebleven. Bij de particulieren is sprake van gemiddeld hogere teruggaven als gevolg van een geringere belastbare grondslag. De eerste meer gedetailleerde gegevens over de onderdelen van deze grondslag zijn nog met vrij veel onzekerheid omgeven. Wel zijn er indicaties dat hierbij onder meer de ontwikkeling van aftrekposten in verband met de eigen woning als ook de lijfrente-aftrek een rol kunnen hebben gespeeld.

Bij de ondernemingen leert de aanslagoplegging dat de gunstige ontwikkeling zoals deze zich in 1997 bij ondernemingen (over belastingjaar 1996) manifesteerde, in de loop van 1998 ten onrechte als structureel is aangemerkt. De raming voor 1998 lag, naar nu blijkt, dus op een structureel te hoog niveau. Gegevens over de opbouw van de belastbare grondslag 1996 van ondernemingen brengen aan het licht dat hier een incidenteel effect in te herkennen is van de in 1997 gewijzigde wetgeving voor aanmerkelijk-belanghouders (AB-wetgeving). Naar nu blijkt heeft de tariefsverhoging van 20% naar 25% voor vervreemdingsvoordelen uit hoofde van een aanmerkelijk belang geleid tot incidentele effecten als gevolg van onvoorzien anticipatiegedrag. Hoewel het aantal belastingplichtigen waarbij het hierom gaat slechts relatief beperkt is (enkele duizenden), is er, aangezien het gemiddelde bedrag dat met dergelijke vervreemdingen gemoeid is boven de 1 miljoen ligt, sprake van een substantieel effect op de grondslag. De eerste beschikbare cijfers over het belastingjaar 1997 suggereren dat deze component van de grondslag niet alleen scherp lager ligt dan in 1996 maar ook lager uitkomt dan in de jaren voor 1996. Op grond van de huidige inzichten wordt de tegenvaller over het belastingjaar 1997 van 1,4 miljard structureel verondersteld.

Naast de grote tegenvaller over het belastingjaar 1997 heeft zich over oude belastingjaren (1996 en eerder) een kleine meevaller voorgedaan van 0,2 miljard. De kleine meevaller van de raming voor 1996 en oudere belastingjaren, voortvloeiend uit een licht hogere grondslagontwikkeling, wordt structureel verondersteld.

De realisatie over 1998 wordt opwaarts beïnvloed door een andere uitkomst van de verschuiving tussen loon- en inkomstenbelasting uit hoofde van de omzetting van (nieuwe) loonbeschikkingen in voorlopige teruggaaf inkomstenbelasting in 1998 (zie toelichting loonbelasting). Dit betreft een incidenteel effect van 0,3 miljard.

Verder heeft in 1998 de definitieve verdeling tussen inkomstenbelasting en premies sociale fondsen over 1994 plaatsgevonden. De nabetaling van fondsen aan het rijk die hieruit volgde is 0,1 miljard hoger uitgevallen dan voorzien. Deze meevaller is structureel. Tot slot is er nog sprake van een incidentele tegenvaller van 0,1 miljard die betrekking heeft op een correctie van een dubbele boeking in de WIR uit een oud transactiejaar.

C. aftrek hypotheekrente eigen woning

Bij de behandeling van de Najaarsnota in de Tweede Kamer is gevraagd bij de analyse van de tegenvaller van de inkomstenbelasting ook in te gaan op de mogelijke rol van de hypotheekrenteaftrek. Momenteel zijn er alleen definitieve cijfers bekend voor 1995. In dat jaar bedroeg de aftrek 24,5 miljard. Het huurwaardeforfait bedroeg in 1995 7,3 miljard; het saldo van aftrek en huurwaardeforfait is 17,2 miljard. Op basis van voorlopige belastinggegevens voor 1996 en 1997 en gegevens van het CBS is getracht een beeld te schetsen voor recentere jaren. Voor 1996 zou op basis van voorlopige belastinggegevens een stijging van de hypotheekrenteaftrek en het huurwaardeforfait met 6% kunnen optreden. Voor 1997 bedragen deze voorlopige cijfers 12% respectievelijk 9%. De CBS-cijfers in tabel 3 wijzen ook op een stijgende hypotheekrenteaftrek in deze jaren.

Tabel 3: Ontwikkelingen op de hypotheekmarkt, 1995-1998

1995

1996

1997

1998

Nieuwe hypotheken (bedrag mld.)

57

83

107

132

Uitstaande schuld (bedrag mld.)

322

369

428

483

Aantal nieuwe hypotheken (x 1000)

350

470

537

577

w.v. transacties

224

259

275

291

w.v. tweede hypotheken

50

65

60

69

w.v. oversluitingen

76

146

202

217

Gemiddelde woningprijs (x 1000 gld.)

213

238

260

273

Hypotheekrente nieuwe inschrijvingen

7.12%

6.25%

5.82%

5.63%

Opgesteld cf. CBS. 2 februari 1999

Onder invloed van een lagere hypotheekrente en een forse stijging van de huizenprijzen heeft zich sinds 1995 een aanzienlijke stijging van de uitstaande hypotheekschulden voorgedaan. De totale hypotheekschuld is volgens het CBS opgelopen van 322 miljard in 1995 naar 483 miljard in 1998. Het effect van deze stijging (bijna 15% per jaar) op de totale hypotheekrenteaftrek weegt ruimschoots op tegen het effect van de gedaalde rente.

De CBS-gegevens lijken de voorlopige belastinggegevens over 1996 en 1997 te ondersteunen. Bovendien geven deze gegevens aan dat de trend van een stijgende hypotheekrenteaftrek zich waarschijnlijk ook in 1998 heeft voorgedaan. Het effect van deze ontwikkelingen op de inkomstenbelasting is echter moeilijk aan te geven. Een deel van de hypotheekrenteaftrek is immers reeds via loonbeschikkingen in de loonbelasting tot uiting gekomen.

3. Overige belastingsoorten

Invoerrechten

De invoerrechten zijn 0,1 miljard lager uitgekomen dan geraamd. Dit is in lijn met de neerwaartse bijstelling van de volumegroei van de invoer van goederen voor de tweede helft van 1998 in het CPB-report (december 1998) ten opzichte van de raming in de MEV 1999 (6% versus 6½%) en de lagere invoerprijzen. De doorwerking is structureel.

Omzetbelasting

De feitelijke omzetbelasting (BTW) is 0,1 miljard hoger uitgekomen dan geraamd bij Miljoenennota. Indien gecorrigeerd wordt voor het statistische effect uit hoofde van de verschuiving tussen omzetbelasting en niet-belastingontvangsten (herzieningsbaten KPN) dan bedraagt de meevaller 0,8 miljard.

In de raming zijn verhoogde BTW-inkomsten uit hoofde van heffing op aanleg infrastructuur voor openbaar vervoer verondersteld. Deze zijn echter 0,3 miljard achtergebleven bij het daarvoor ingeboekte bedrag. Exclusief deze tegenvaller bedraagt de te verklaren endogene meevaller (afgerond) 1,1 miljard.

De voor de BTW relevante bestedingen worden in het recente CPB-report voor 1998 0,3%-punt hoger geraamd dan in de MEV 1999. Dit verklaart 0,2 miljard van de meevaller. Voorts werd bij Miljoenennota verondersteld dat de het consumptiepatroon in de tweede helft van 1998 zou afvlakken. Deze afvlakking heeft zich niet voorgedaan. Integendeel, consumptiecijfers over het derde kwartaal geven aan dat consumptie in de tweede helft van 1998 sterker is gegroeid dan in de eerste helft. De onjuiste veronderstelling ten aanzien van het verwachte consumptiepatroon verklaart ongeveer 0,8 miljard van de meevaller. Het resterende deel van de meevaller (ongeveer 0,1 miljard) is niet verklaard.

De tegenvallende BTW over infrastructuur en OV-exploitatie (-0,3 miljard) is incidenteel. De endogene meevaller van 1,1 miljard is structureel en werkt dus door naar latere jaren.

Belasting op personenautos en motorrijwielen (BPM)

De BPM komt 0,4 miljard hoger uit dan geraamd werd ten tijde van de Miljoenennota 1999. Deze ontwikkeling kan verklaard worden door de hogere autoverkopen dan geraamd. Volgens gegevens van de RAI zijn er in 1998 ruim 543 duizend autos verkocht terwijl in de raming uitgegaan is van 490 duizend. Deze meevaller leidt tot een hoger basisniveau voor de raming voor 1999 en later.

Accijnzen

De realisatie van de accijnzen is 0,2 miljard lager uitgekomen dan de raming bij Miljoenennota 1999. De realisaties van de accijns van lichte olie, de tabaksaccijns en de bieraccijns zijn nagenoeg conform de raming uitgekomen. De accijns van minerale oliën anders dan lichte olie laat een tegenvaller zien van 0,2 miljard. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt doordat de compensatie van de hogere accijns op de brandstof voor zware vrachtautos in de vorm van een teruggave-regeling van accijns abusievelijk in de raming is verwerkt bij de motorrijtuigenbelasting in plaats van bij deze accijnssoort. Hierdoor was de raming van de accijnzen 135 miljoen te hoog en van de motorrijtuigenbelasting 135 miljoen te laag. Dit betreft derhalve een structurele tegenvaller.

Bij de wijnaccijns doet zich een meevaller voor van 0,1 miljard. In de raming was uitgegaan van de resterende teruggave van ten onrechte geïnde accijns op vruchtenwijn met betrekking tot de periode 1989-1993. Deze teruggave is aanzienlijk lager uitgevallen. Thans zijn er nog lopende geschillen en is het onzeker welk bedrag in 1999 nog aan teruggaven zal optreden. Deze meevaller is daarom vooralsnog als tijdelijk beschouwd.

Belastingen van rechtsverkeer

Bij de belastingen van rechtsverkeer is een meevaller zichtbaar bij de overdrachtsbelasting (0,3 miljard) en de kapitaalsbelasting (0,1 miljard).

De meevaller bij de overdrachtsbelasting vormt een weerspiegeling van de ontwikkeling op de huizenmarkt. Cijfers van het Kadaster geven aan dat de omzet op deze markt met 18% is gestegen terwijl in de raming een endogene groei van 7½% was opgenomen. Deze meevaller heeft een structureel karakter.

De meevaller bij de kapitaalsbelasting (0,1 miljard) hangt samen met een toename in nieuw uitgebrachte aandelenvermogens en wordt structureel verondersteld.

Motorrijtuigenbelasting

De realisatie van de motorrijtuigenbelasting is 0,7 miljard hoger uitgekomen dan geraamd ten tijde van de Miljoenennota 1999. Voor een deel (135 miljoen) is deze meevaller het gevolg van de foutieve verwerking van de compensatie voor zware vrachtautos voor de accijnsverhoging (zie toelichting bij accijnzen). Dit is een structurele component van de meevaller. Daarnaast is bij Miljoenennota 1999 een raming gemaakt voor de teruggaven van motorrijtuigenbelasting in verband met de uitspraak van de Hoge Raad inzake grijze kentekens. De realisatie van deze teruggaven is sterk bij de raming achtergebleven. Hierdoor is een meevaller opgetreden van 0,2 miljard. Naar huidige inzichten zullen er ook in 1999 nog in beperkte mate teruggaven plaatsvinden. Hier is sprake van een incidentele meevaller. Het overige gedeelte van de meevaller houdt onder meer verband met een sterke stijging van het wagenpark, een verschuiving naar motorvoertuigen met een hoger belast brandstoftype en een toename van het gemiddeld gewicht van nieuwe motorvoertuigen. Dit gedeelte van de meevaller heeft naar de huidige inzichten een structureel karakter.

Belasting op milieugrondslag

Bij de opbrengsten van de belasting op milieugrondslag is een tegenvaller zichtbaar van 0,4 miljard. Deze wordt met name veroorzaakt door een lagere realisatie van de regulerende energiebelasting (-0,3 miljard). Een deel van deze tegenvaller (-0,2 miljard) wordt veroorzaakt door een ander kaspatroon dan in voorgaande jaren. Dit gedeelte van de tegenvaller kan als tijdelijk worden aangemerkt. Het overige gedeelte heeft een structureel karakter.

Loonbelasting

De loonbelasting komt in 1998 0,2 miljard lager uit dan bij de raming ten tijde van de Miljoenennota 1999. Deze tegenvaller hangt deels samen met een lagere realisatie van de verschuiving van loonbeschikkingen naar voorlopige teruggaven inkomstenbelasting met ingang van juli 1998. Zowel qua aantal als qua gemiddeld bedrag zijn de realisaties achter gebleven bij de verwachtingen. In 1999 worden alle loonbeschikkingen omgezet in voorlopige teruggaven. Aangezien het bestand aan loonbeschikkingen geen wijziging ondergaat, is er sprake van een incidenteel effect. Het spiegelbeeldige effect doet zich voor bij de inkomstenbelasting. Daarnaast heeft in 1998 de definitieve verdeling tussen loonbelasting en premies sociale fondsen over 1996 plaatsgevonden. De nabetaling van rijk aan sociale fondsen die hieruit volgde is 0,1 miljard hoger uitgevallen dan voorzien. Deze tegenvaller heeft een structureel karakter. De resterende meevaller (0,2 miljard) wordt structureel verondersteld.

Vennootschapsbelasting

De ontvangsten van de vennootschapsbelasting zijn 0,6 miljard hoger uitgekomen dan geraamd bij Miljoenennota 1999. Dit is het saldo van hoger dan geraamde kasontvangsten over de belastingjaren 1997 en 1998 (0,6 respectievelijk 0,4 miljard) en lager dan geraamde kasontvangsten over oudere belastingjaren (1996 en ouder -0,4 miljard).

Bij oudere belastingjaren gaat het veelal om de definitieve vaststelling van de verschuldigde vennootschapsbelasting. Het is niet ongebruikelijk dat bij de definitieve afhandeling van de Vpb voor met name grote VpB-plichtigen mutaties optreden van enkele honderden miljoenen. Aangezien deze lagere ontvangsten leiden tot een lager uitgangsniveau van de raming is deze tegenvaller structureel van aard.

De hogere kasontvangsten over de belastingjaren 1997 en 1998 kunnen niet geheel los van elkaar worden gezien. De aanslagoplegging in 1998 voor deze jaren wordt gebaseerd op de inschatting van de winstontwikkeling door de belastingplichtige. De belastingplichtige baseert de winstontwikkeling voor het lopend jaar voor een belangrijk deel op de ontwikkeling in het voorgaande jaar. Hierdoor wordt het grondslageffect uit 1997 tweemaal in de kasontvangsten 1998 zichtbaar. De hogere ontvangsten 1998 zijn derhalve incidenteel te beschouwen, terwijl de hogere kasontvangsten over belastingjaar 1997 kunnen worden toegeschreven aan een naar verwachting gunstigere grondslagontwikkeling en op grond daarvan structureel.

Dividendbelasting

De ontvangsten bij de dividendbelasting zijn 0,7 miljard hoger uitgekomen dan de raming uit de Miljoenennota 1999. Een deel van deze hogere ontvangsten houden volgens de huidige inzichten verband met hogere dividenduitkeringen door houders van een aanmerkelijk belang. Dit gedeelte, zijnde 0,4 miljard, wordt voor de helft structureel beschouwd en voor de helft incidenteel. Het overige gedeelte wordt vooralsnog als structureel beschouwd.

Successierechten

Bij de successierechten liggen de ontvangsten 0,3 miljard hoger dan geraamd in de Miljoenennota 1999. De omvang van de kapitaaloverdrachten heeft zich in 1998 sterker ontwikkeld dan bij de opstelling van de Miljoenennota werd verwacht. Deze meevaller wordt structureel verondersteld.

Tabel 4 belastingopbrengsten op kasbasis voor 1998 (in miljoenen)

Vermoedelijke

Voorlopige

Mutatie na

Vermoedelijke

Ontwerpbegroting

Voorjaarsnota

Uitkomsten

Rekening

Uitkomsten

Kostprijsverhogende belastingen

90 135

91 665

92 530

94 144

1 614

Invoerrechten

3 320

3 620

3 690

3 634

- 56

Omzetbelasting

51 590

52 540

53 595

54 343

748

Belasting op personenauto's en motorrijwielen

4 670

4 755

4 905

5 278

373

Accijnzen

16 690

16 420

15 970

15 796

- 174

- Accijns van lichte olie (benzine)

7 235

6 945

6 670

6 625

- 45

- Accijns van minerale oliën, andere dan lichte olie (diesel)

4 540

4 490

4 440

4 266

- 174

- Tabakaccijns

3 205

3 155

3 030

3 071

41

- Alcoholaccijns

820

940

940

878

- 62

- Bieraccijns

550

620

620

605

- 15

- Wijnaccijns (incl. overige accijnzen)

340

270

270

350

80

Belastingen van rechtsverkeer

5 760

6 030

6 330

6 768

438

- Overdrachtsbelasting

4 105

4 300

4 600

4 919

319

- Assurantiebelasting

1 100

1 150

1 150

1 183

33

- Kapitaalsbelasting

555

580

580

667

87

Motorrijtuigenbelasting

3 470

3 585

3 335

3 996

661

Verbruiksbelasting op een milieugrondslag

4 040

4 110

4 060

3 704

- 356

- Grondwaterbelasting

320

345

325

311

- 14

- Afvalstoffenbelasting

215

230

220

190

- 30

- Regulerende energiebelasting

2 035

2 160

2 155

1 835

- 320

- Verbruiksbelasting op brandstoffen

1 470

1 375

1 360

1 367

7

Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken en van enkele andere producten

410

430

440

423

- 17

Belasting op zware motorrijtuigen

185

175

205

203

- 2

Belastingen op inkomen, winst en vermogen

87 520

84 815

85 790

85 961

171

Inkomstenbelasting

4 220

3 785

4 055

2 813

-1 242

Loonbelasting

46 200

40 875

41 180

40 993

- 186

Dividendbelasting

2 920

3 090

3 590

4 266

676

Kansspelbelasting

230

225

225

229

4

Vennootschapsbelasting

30 500

33 165

33 115

33 716

601

Vermogensbelasting

1 350

1 520

1 470

1 476

6

Successierechten

2 100

2 155

2 155

2 468

313

Niet nader toe te rekenen belastingontvangsten

70

75

75

70

-5

Totaal belastingen

177 725

176 555

178 395

180 175

1 780

1exclusief statistische verschuiving

Bijlage 3: Eindejaarsmarge Voorlopige Rekening 1998

In onderstaande tabel wordt aangegeven welke begrotingen in welke mate gebruik kunnen maken van de eindejaarsmarge 1998/1999. Daarbij wordt tevens aangegeven wat de maximale eindejaarsmarge is. Toevoegingen aan de begroting 1999 uit hoofde van de eindejaarsmarge vinden plaats bij Voorjaarsnota 1999.

Begroting

Maximale Eindejaarsmarge

Eindejaarsmarge o.b.v. VR 1998

HCvS

2,7

2,7

AZ

0,5

0,5

KABNA

0,2

0,2

BuiZa

2,8

2,8

Justitie

62,3

62,3

BZK

66,6

34,7

OCenW

348,1

24,2

Financiën

44,7

44,7

Defensie

117,3

117,3

VROM

71,2

71,2

VenW

42

25

EZ

28

-9,6

LNV

32,3

19,3

SZW (Rbeng-deel)

4,9

4,9

SZW (SZ RB-deel)

254,5

254,5

VWS (Rbeng-deel)

29,5

16,2

VWS (Zorg RB-deel)

78,4

75

Subtotaal

1186

745,9

HGIS7

300

ISF

-130

GF/PF

88,8

Bijlage 4: Verticale Toelichting Voorlopige Rekening 1998

Inleiding

De Verticale Toelichting bevat een overzicht van de mutaties in de begrotingsuitvoering 1998 ten opzichte van de Najaarsnota 1998. Het betreft mutaties op de rijksbegroting, inclusief het begrotingsgefinancierde deel van de sociale zekerheid en de zorg.

Per begroting wordt een cijfermatige tabel gepresenteerd, gevolgd door een toelichting. Mutaties van 25 miljoen of groter worden separaat in de tabel gepresenteerd en vervolgens toegelicht.

In de tabel en de toelichting wordt de volgende indeling aangehouden: mee- en tegenvallers, beleidsmatige mutaties, desalderingen en overboekingen. Mutaties uit hoofde van desalderingen en overboekingen zijn technisch van aard.

Het overzicht bevat ook mutaties die niet relevant zijn voor een ijklijn. Deze worden apart vermeld in de cijfermatige tabel en vervolgens toegelicht.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

I HUIS DER KONINGIN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 13,6

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen -0,2

-----------

-0,2

-----------

Totaal relevante mutaties -0,2

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -0,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 13,4

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 13,4

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

II HOGE COLLEGES VAN STAAT EN KABINET DER KONINGIN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 306,5

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen -5,8

-----------

-5,8

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,7

-----------

0,7

-----------

Totaal relevante mutaties -5,1

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -5,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 301,3

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 301,3

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

II HOGE COLLEGES VAN STAAT EN KABINET DER KONINGIN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 8,4

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen 1,5

-----------

1,5

-----------

Totaal relevante mutaties 1,5

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 1,5

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 9,9

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 9,9

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

III ALGEMENE ZAKEN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 66,2

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen -0,1

-----------

-0,1

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,3

-----------

0,3

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,0

-----------

0,0

-----------

Totaal relevante mutaties 0,2

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 0,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 66,4

Totaal Internationale samenwerking 5,4

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 71,8

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

III ALGEMENE ZAKEN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 14,8

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,3

-----------

0,3

-----------

Totaal relevante mutaties 0,3

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 0,4

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 15,2

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 15,2

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

IV KONINKRIJKSRELATIES 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 20,0

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen -0,1

-----------

-0,1

-----------

Totaal relevante mutaties -0,1

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -0,1

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 19,9

Totaal Internationale samenwerking 349,9

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 369,8

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

IV KONINKRIJKSRELATIES 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 0,2

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,5

-----------

0,5

-----------

Totaal relevante mutaties 0,5

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 0,5

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 0,7

Totaal Internationale samenwerking 30,9

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 31,6

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

V BUITENLANDSE ZAKEN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 3.832,8

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

vierde eigen middel eu-afdrachten 40,7

diversen -1,8

-----------

38,9

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

tijdelijke financiering nio 133,9

-----------

133,9

-----------

Totaal relevante mutaties 172,8

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 172,9

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 4.005,7

Totaal Internationale samenwerking 5.995,9

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 10.001,6

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

Uit een nacalculatie van de Nederlandse BNP-grondslagen voor de jaren 1988 tot en met 1997, uitgevoerd door de Europese Commissie, blijkt dat Nederland per saldo te weinig heeft afgedragen aan de Europese Unie. Als gevolg hiervan heeft eind 1998 een extra afdracht van 40,7 miljoen uit hoofde van het zogeheten vierde eigen middel plaatsgevonden.

Beleidsmatige mutaties

De Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingslanden (NIO) verstrekt op verzoek en onder garantie van de Staat leningen aan ontwikkelingslanden. Per 31 december 1998 had de NIO een negatief saldo op de rekening courant verhouding bij het Ministerie van Financiën van 133,9 miljoen als gevolg van minder terugbetalingen. Op grond van een overeenkomst tussen de Staat en de NIO wordt dit negatieve saldo tijdelijk gefinancierd en als uitgave verantwoord op de begroting van Buitenlandse Zaken. In 1999 doet zich een spiegelbeeldige mutatie voor.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

V BUITENLANDSE ZAKEN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 96,8

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen 2,6

-----------

2,6

-----------

Totaal relevante mutaties 2,6

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 2,7

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 99,5

Totaal Internationale samenwerking 117,4

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 216,9

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

VI JUSTITIE 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 7.447,6

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

asiel -51,0

diversen -26,3

-----------

-77,3

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,0

-----------

0,0

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -15,5

-----------

-15,5

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -12,6

-----------

-12,6

-----------

Totaal relevante mutaties -105,4

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -105,3

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 7.342,3

Totaal Internationale samenwerking 3,0

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 7.345,3

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

De uitgaven aan de opvang van asielzoekers zijn neerwaarts bijgesteld met in totaal 51 miljoen; 49,4 miljoen daarvan is het gevolg van een lagere instroom van asielzoekers (circa 45.000 in plaats van 47.000, zoals bij Najaarsnota werd verondersteld), alsmede van het feit dat investeringen ten behoeve van de opvang van asielzoekers pas in 1999 tot daadwerkelijke uitgaven leiden. Daarnaast zijn de uitgaven aan tolkencentra lager dan bij Najaarsnota werd geraamd (1,6 miljoen).

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

VI JUSTITIE 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 971,9

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

boeten en transacties 29,9

diversen 19,1

-----------

49,0

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -15,5

-----------

-15,5

-----------

Totaal relevante mutaties 33,5

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 33,6

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 1.005,5

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 1.005,5

Ontvangsten

Mee- en tegenvallers

Bij de ontvangsten uit hoofde van Boeten en Transacties treedt een meevaller op van 29,9 miljoen. De oorzaak van deze meevaller is hoofdzakelijk gelegen in het feit dat meer snelheidsovertredingen geconstateerd en beboet zijn dan geraamd.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 7.617,7

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

waterschade september -72,1

diversen -38,7

-----------

-110,8

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,7

-----------

0,7

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -1,3

-----------

-1,3

-----------

Totaal relevante mutaties -111,4

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -111,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 7.506,5

Totaal Internationale samenwerking 3,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 7.509,7

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

In de Najaarsnota is opgenomen, dat de uitgaven in 1998 op grond van de waterschaderegeling september op basis van de WTS 150 miljoen zouden bedragen. Bij nota van wijziging op de 2e suppletore wet van de BZK-begroting is deze raming reeds verlaagd met 50 miljoen naar 100 miljoen. Ten opzichte van deze raming vallen de uitgaven 22,1 miljoen lager uit. Oorzaak van de lagere uitgaven in 1998 is een vertraging in de uitbetaling, die enerzijds is veroorzaakt door het feit dat in veel gevallen een tweede taxatie door taxateurs noodzakelijk bleek en anderzijds doordat meer correcties door LASER nodig waren op door taxateurs aangeleverde taxaties.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 484,0

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen 6,5

-----------

6,5

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,7

-----------

0,7

-----------

Totaal relevante mutaties 7,2

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 7,4

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 491,4

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 491,4

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAPPEN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 39.977,9

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

toevoeging algemene omroepreserve ster en omroepbijdragen 112,3

diversen -36,3

-----------

76,0

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

sportrechten 39,7

diversen -20,6

-----------

19,1

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 22,5

-----------

22,5

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 2,2

-----------

2,2

-----------

Totaal relevante mutaties 119,8

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen -5,5

-----------

-5,5

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 115,1

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 40.093,0

Totaal Internationale samenwerking 104,5

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 40.197,5

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

De algemene omroepreserve dient onder andere voor de opvang van onvoorziene tegenvallers bij de publieke omroep. Aan deze algemene omroepreserve wordt een bedrag van 112,3 miljoen toegevoegd. De toevoeging vloeit automatisch voort uit de hogere ontvangsten van de STER-reclame en omroepbijdragen. Het geheel - de toename van de ontvangsten en de toevoeging aan de algemene omroepreserve - is budgettair neutraal.

Beleidsmatige mutaties

Uit een gedeelte van de algemene omroepreserve (het matching fund) worden de excessief in prijs gestegen programmarechten gefinancierd, waaronder de programmarechten die de NOS aan de sportbonden betaalt. Op het uitgavenartikel wordt de betaling ad 39,7 miljoen van de programmarechten verantwoord, op het ontvangstenartikel de onttrekking aan de algemene omroepreserve. Het geheel is budgettair neutraal voor de begroting van OCenW.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAPPEN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 3.285,3

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

gespreide inning lesgelden 50,0

ontvangsten ster en omroepbijdragen 112,3

studiefinanciering -30,0

diversen -66,8

-----------

65,5

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

onttrekking omroepreserve sportrechten 39,7

diversen 0,0

-----------

39,7

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 22,5

-----------

22,5

-----------

Totaal relevante mutaties 127,7

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen -22,9

-----------

-22,9

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 104,7

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 3.390,0

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 3.390,0

Ontvangsten

Mee- en tegenvallers

Sinds 1998 bestaat de mogelijkheid tot gespreide betaling van lesgelden die verplicht zijn voor leerlingen in de partieel leerplichtige leeftijd (van 16 tot 18 jaar). De meevaller van 50 miljoen treedt op omdat er minder dan verwacht gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid tot gespreid betalen.

De toename van de ontvangsten van 112,3 miljoen wordt voornamelijk verklaard door hogere STER-inkomsten en hogere ontvangsten van omroepbijdragen. Tegenover deze meevaller staat een tegenvaller, omdat de extra ontvangsten direct worden toegevoegd aan de algemene omroepreserve. Het geheel van ontvangst en uitgave is budgettair neutraal.

Studenten kunnen naast de basisbeurs en eventueel aanvullende beurs, een lening afsluiten bij de overheid. Wat betreft deze leningen wordt een onderscheid gemaakt tussen langlopende en kortlopende leningen. Uit de laatste realisatiecijfers over 1998 blijkt dat de ontvangsten op kortlopende leningen lager zijn dan geraamd.

Beleidsmatige mutaties

De hogere ontvangsten van 39,7 worden verklaard door een onttrekking aan de algemene omroepreserve (het matching fund) voor de aankoop van programmarechten door de NOS. Tegenover deze ontvangstenpost staat een extra uitgaaf van eveneens 39,7 miljoen.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

IXA NATIONALE SCHULD 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 31.577,8

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

rente vlottende schuld 59,8

diversen -2,9

-----------

56,9

-----------

Totaal relevante mutaties 56,9

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen 4,1

-----------

4,1

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 60,9

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 31.638,7

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 31.638,7

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

De financieringslasten van de kortlopende schuld zijn 68,7 miljoen hoger dan werd geraamd. Dit hangt samen met een hoger dan geraamd volume aan korte financiering dat nodig is om de dagelijkse tekortpositie van het Rijk te dekken. De rente die aan fondsen, agentschappen en derden wordt vergoed voor het aanhouden van saldi in de schatkist valt 8,9 miljoen lager uit dan werd geraamd. Per saldo resulteert dit in een mutatie van 59,8 miljoen.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

IXA NATIONALE SCHULD 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 2.453,8

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

ontvangen rente bij uitgifte van schuld 57,0

diversen -0,5

-----------

56,5

-----------

Totaal relevante mutaties 56,5

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

agio bij uitgifte schuld 283,4

-----------

283,4

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 339,9

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 2.793,7

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 2.793,7

Ontvangsten

Mee- en tegenvallers

Bij de uitgifte van schuld wordt door beleggers lopende rente bijbetaald indien de stortingsdatum afwijkt van de coupondatum. Heropening van de 5,25% lening per 2008 heeft 57 miljoen aan bijbetaalde rente opgeleverd.

Niet tot een ijklijn behorend

Bij de heropening van de 5,25% lening per 2008 is een agio gerealiseerd van ruim 283 miljoen. De mutatie is het gevolg van de afwijking tussen de couponrente van de uitgegeven lening en de op het moment van uitgifte geldende marktrente.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

IXB FINANCIËN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 5.287,5

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen -47,7

-----------

-47,7

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen -4,5

-----------

-4,5

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -0,4

-----------

-0,4

-----------

Totaal relevante mutaties -52,6

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen -12,2

-----------

-12,2

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -64,5

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 5.223,0

Totaal Internationale samenwerking 581,0

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 5.804,0

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

De post diversen bevat een saldo van een aantal kleine mutaties, waaronder lagere uitgaven personeel en materieel belastingdienst en kernministerie en diverse uitgaven Domeinen.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

IXB FINANCIËN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 10.926,6

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

exportkredietverzekering 94,8

diversen 50,3

-----------

145,1

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 12,3

-----------

12,3

-----------

Totaal relevante mutaties 157,4

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

heffings en invorderingsrente 116,5

diversen 9,6

-----------

126,1

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 283,1

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 11.209,7

Totaal Internationale samenwerking 0,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 11.209,9

Ontvangsten

Mee- en tegenvallers

Het aanhoudende positieve betalingsgedrag van enkele belangrijke debiteurenlanden geeft aanleiding tot een opwaartse bijstelling van de ontvangstenraming voor de Exportkredietverzekering van 94,8 miljoen.

Niet tot een ijklijn behorend

De meeropbrengsten heffings- en invorderingsrente hangen voornamelijk samen met de omvangrijke aanslagoplegging in de vennootschapsbelasting in de laatste maanden van 1998.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

X DEFENSIE 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 13.683,8

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

investeringen koninklijke marine 55,0

investeringen luchtmobiele brigade -32,4

diversen -35,0

-----------

-12,4

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -10,1

-----------

-10,1

-----------

Totaal relevante mutaties -22,5

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -22,6

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 13.661,2

Totaal Internationale samenwerking 291,8

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 13.953,0

Uitgaven

Beleidsmatige mutaties

De hogere investeringsuitgaven ad 55 miljoen van de Koninklijke Marine hebben een aantal oorzaken. In de eerste plaats heeft de Koninklijke Marine extra betalingen verricht op het bouwmeestercontract (Luchtverdedigings- en Commandofregatten). Deze betalingen hangen samen met de in overleg met het Ministerie van Economische Zaken afgesproken financiële injectie aan de Koninklijke Schelde Groep (KSG). Daarnaast zijn, losstaand van de KSG-problematiek, betalingen verricht voor met name de Smart-L lange afstand waarschuwingsradar van het project Luchtverdedigings- en Commandofregatten.

De lagere uitgaven bij de Luchtmobiele Brigade betreffen met name vertragingen in de betaling van aanvullende investeringen en BTW-afdrachten bij de bewapende helikopter en de transporthelikopter. Oorzaak van de vertraagde betaling is een vertraging in de aflevering door de producent.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

X DEFENSIE 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 422,3

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen 5,9

-----------

5,9

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen -10,5

-----------

-10,5

-----------

Totaal relevante mutaties -4,6

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -4,6

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 417,7

Totaal Internationale samenwerking 15,0

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 432,7

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XIA VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 7.876,7

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen 3,3

-----------

3,3

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

bodemsanering 26,8

diversen -15,6

-----------

11,2

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -0,1

-----------

-0,1

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,0

-----------

0,0

-----------

Totaal relevante mutaties 14,4

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

afkoop subsidies en saneringsbijdragen nwi's -27,1

diversen -7,2

-----------

-34,3

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -19,6

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 7.857,1

Totaal Internationale samenwerking 12,6

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 7.869,7

Uitgaven

Beleidsmatige mutaties

Om administratieve redenen is het bij de bodemsanering niet mogelijk geweest om betalingen gelijktijdig te verrekenen met verstrekte voorschotten. Dit leidt tot een overschrijding in 1998 van 26,8 miljoen.

Niet tot een ijklijn behorend

Het is in 1998 niet meer gelukt om de beoogde afkoop van twee instellingen in het kader van de regeling Éenmalige Subsidies Niet Winst Beogende Instellingen (nwis) te realiseren. Dit leidt tot een onderschrijding van 27,1 miljoen.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XIA VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 349,8

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen 30,3

-----------

30,3

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

bodemsanering 26,1

diversen 8,7

-----------

34,8

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -0,1

-----------

-0,1

-----------

Totaal relevante mutaties 65,0

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 65,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 415,0

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 415,0

Ontvangsten

Beleidsmatige mutaties

De hogere ontvangst van 26,1 miljoen is met name het gevolg van terugvorderingen van voorschotten uit voorgaande jaren voor bodemsanering.

XIB RIJKSGEBOUWENDIENST 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 1.926,3

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

gebouwgebonden milleniumproblematiek -65,0

diversen 12,6

-----------

-52,4

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

aankoop apple-gebouw te apeldoorn 33,8

aankoop rechtbanken zutphen en arnhem 114,6

onderhoud en exploitatie -39,5

diversen -21,9

-----------

87,0

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -0,3

-----------

-0,3

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 27,9

-----------

27,9

-----------

Totaal relevante mutaties 62,2

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 62,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 1.988,5

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 1.988,5

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

Door vertragingen in de inventarisatie van de gebouwgebonden millenniumproblematiek is in 1998 65 miljoen minder aan millenniumprojecten uitgegeven dan geraamd.

Beleidsmatige mutaties

Ten behoeve van de huisvesting van de belastingdienst is het zogenaamde Apple-gebouw te Apeldoorn aangekocht voor een bedrag van 33,8 miljoen.

Met het oog op de financiële doelmatigheid in het kader van het aangescherpte huur- en leasebeleid zijn de rechtbanken te Arnhem en Zutphen aangekocht voor een bedrag van 114,6 miljoen.

De neerwaartse bijstelling bij onderhoud en exploitatie van 39,5 miljoen betreft niet in 1998 gerealiseerde projecten van het onderhoudsprogramma.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XIB RIJKSGEBOUWENDIENST 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 164,8

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

ontvangsten bouwactiviteiten -25,5

diversen -26,4

-----------

-51,9

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen -3,3

-----------

-3,3

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -0,3

-----------

-0,3

-----------

Totaal relevante mutaties -55,5

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -55,5

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 109,3

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 109,3

Ontvangsten

Mee- en tegenvallers

Een voorziene ontvangst met betrekking tot bouwactiviteiten bij de Rechtbank en het Centraal Belastingkantoor te Rotterdam van 25,5 miljoen zal eerst in 1999 worden gerealiseerd.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XII VERKEER EN WATERSTAAT 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 11.088,4

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

eurovignet -27,8

millennium -27,7

diversen -17,4

-----------

-72,9

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 7,3

-----------

7,3

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -24,4

-----------

-24,4

-----------

Totaal relevante mutaties -90,0

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen 6,5

-----------

6,5

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -83,4

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 11.005,0

Totaal Internationale samenwerking 13,4

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 11.018,4

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

Overeenkomstig het verdrag inzake het Eurovignet is tussen Nederland en Duitsland de afspraak gemaakt dat Nederland jaarlijks op basis van de door Nederlandse vrachtwagens in Duitsland afgelegde kilometers een bedrag aan Duitsland betaalt. De opbrengst van de verkoop van Eurovignets aan niet-verdragslanden wordt in mindering gebracht op het door de verdragslanden te betalen bedrag. De afrekening die in 1998 zou plaatsvinden, vindt nu in 1999 plaats. Dit betekent dat het begrote bedrag over 1998 vrijvalt.

Voor het oplossen van het millenniumprobleem heeft Verkeer en Waterstaat in 1998 een bedrag ontvangen uit de algemene middelen. Van dit bedrag is 27,7 miljoen niet in 1998 tot betaling gekomen.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XII VERKEER EN WATERSTAAT 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 3.370,1

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

hoger dividend kpn 31,1

-----------

31,1

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 7,5

-----------

7,5

-----------

Totaal relevante mutaties 38,6

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

geluidheffing (luchtvaartsector) -25,5

diversen 0,1

-----------

-25,4

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 13,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 3.383,3

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 3.383,3

Ontvangsten

Mee- en tegenvallers

De Staat heeft in 1998 een hoger dividend ontvangen van KPN.

Niet tot een ijklijn behorend

Op dit moment is Verkeer en Waterstaat in overleg met de luchtvaartsector (Schiphol en luchtvaartmaatschappijen) over de wijze van financiering van de 2e fase van het project geluidsisolatie Schiphol (GIS 2). In 1998 zijn als gevolg van het nog lopende overleg nog geen ontvangsten bij V&W binnengekomen voor de isolatie van woningen rond Schiphol.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XIII ECONOMISCHE ZAKEN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 3.275,7

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

actualisatie wir raming -42,0

diversen 6,3

-----------

-35,7

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

bijdrage ksg 25,0

diversen -30,9

-----------

-5,9

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 1,1

-----------

1,1

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 8,7

-----------

8,7

-----------

Totaal relevante mutaties -31,8

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -31,9

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 3.243,8

Totaal Internationale samenwerking 287,1

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 3.530,9

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

De meevaller bij de WIR-uitgaven van 42 miljoen is enerzijds het gevolg van lagere uitgaven dan geraamd. Anderzijds wordt deze veroorzaakt door een kleiner verschuivingseffect van de temporiseringsmaatregel (WIR-knip) dan voorzien.

Beleidsmatige mutaties

Het Ministerie van EZ en het Ministerie van Defensie hebben 35 miljoen aan de Nationale Investeringsbank (NIB) beschikbaar gesteld, zodat deze een lening van dit bedrag aan de Koninklijke Schelde Groep (KSG) heeft kunnen verstrekken. De lening biedt een tijdelijke oplossing voor de acute financiële problemen van de KSG. Het Ministerie van EZ betaalt 25 miljoen van de verstrekking aan het NIB.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XIII ECONOMISCHE ZAKEN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 5.417,0

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

actualisatie wir raming -25,4

gasbaten buitenland 43,0

-----------

17,6

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen -14,4

-----------

-14,4

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 1,2

-----------

1,2

-----------

Totaal relevante mutaties 4,4

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

gasbaten binnenland 62,9

diversen 6,3

-----------

69,2

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 73,5

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 5.490,5

Totaal Internationale samenwerking 7,3

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 5.497,8

Ontvangsten

Mee- en tegenvaller

Op grond van bijgestelde inzichten in de realisatie van desinvesteringsbetalingen (terugbetaling WIR-premies) zijn de ontvangsten van de WIR 25,4 miljoen lager dan geraamd.

De ramingen van de gasbaten buitenland zijn bijgesteld als gevolg van een iets hogere afzet en iets lagere winningskosten van het aardgas.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XIV LANDBOUW, NATUURBEHEER EN VISSERIJ 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 3.674,6

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

extra storting sgd ivm varkenspest 40,0

diversen -9,1

-----------

30,9

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 3,3

-----------

3,3

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 2,5

-----------

2,5

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 9,8

-----------

9,8

-----------

Totaal relevante mutaties 46,5

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 46,7

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 3.721,3

Totaal Internationale samenwerking 41,8

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 3.763,1

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

Voor de vergoedingen klassieke varkenspest is nog 40 miljoen gulden benodigd. Dit bedrag wordt voor 35 miljoen veroorzaakt door nadere inzichten in de raming van de BTW-component, en voor het overige door hogere uitvoeringskosten en een iets lagere bijdrage van het bedrijfsleven dan geraamd.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XIV LANDBOUW, NATUURBEHEER EN VISSERIJ 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 645,1

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

vertraging ontvangsten eu -73,0

diversen 9,5

-----------

-63,5

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 3,8

-----------

3,8

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 2,5

-----------

2,5

-----------

Totaal relevante mutaties -57,2

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -57,4

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 587,7

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 587,7

Ontvangsten

Mee- en tegenvallers

Bij Najaarsnota werd in 1998 een tweede betaling van de EU van 73 miljoen verwacht als tweede voorschot op de veterinaire declaratie-1997. Ten gevolge van late besluitvorming in Brussel wordt dit bedrag nu in 1999 ontvangen.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 30.770,6

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen -14,7

Sociale zekerheid

abw: meevaller -222,1

gemeentelijk werkfonds: onderuitputting -37,1

wajong: realisatie 30,4

diversen -37,6

-----------

-281,1

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,7

-----------

0,7

-----------

Totaal relevante mutaties -280,4

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen -0,8

-----------

-0,8

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -281,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 30.489,4

Totaal Internationale samenwerking 2,1

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 30.491,5

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

De realisatiecijfers over 1998 laten ten opzichte van de Najaarsnota een additionele onderschrijding zien van 222,1 miljoen bij de Algemene Bijstandswet. Deze onderschrijding wordt voornamelijk veroorzaakt door een meevallend volume.

Bij het Gemeentelijk Werkfonds doet zich een onderschrijding voor van 37,1 miljoen. Naar het zich thans laat aanzien, wordt de meevaller in belangrijke mate verklaard door de meevallende werkloosheidsontwikkeling.

Bij de Wajong is een tegenvaller van 30,4 miljoen opgetreden. Het betreft voor het grootste gedeelte een tegenvaller in het volume.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 1.050,4

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,7

Sociale zekerheid

ontvangsten bijstandszaken 25,7

diversen 25,6

-----------

52,0

-----------

Totaal relevante mutaties 52,0

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 52,0

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 1.102,4

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 1.102,4

Ontvangsten

Mee- en tegenvallers

Ten opzichte van de stand Najaarsnota treden meerontvangsten van 25,7 miljoen op bij Bijstandszaken. Dit zijn met name restituties van teveel aan gemeenten bevoorschotte middelen voor de bijstand in voorafgaande jaren.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 11.231,0

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen -18,7

Zorg

diversen 2,6

-----------

-16,1

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,4

Zorg

diversen -1,8

-----------

-1,4

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 1,0

Zorg

diversen 6,0

-----------

7,0

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -0,1

-----------

-0,1

-----------

Totaal relevante mutaties -10,6

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen 7,7

-----------

7,7

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -3,0

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 11.228,0

Totaal Internationale samenwerking 0,6

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 11.228,6

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 425,9

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen 7,9

Zorg

diversen -6,3

-----------

1,6

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Zorg

diversen 7,0

-----------

7,0

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 1,0

Zorg

diversen 6,0

-----------

7,0

-----------

Totaal relevante mutaties 15,6

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 15,4

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 441,3

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 441,3

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

GEMEENTEFONDS 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 22.370,2

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen 8,9

-----------

8,9

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 1,0

-----------

1,0

-----------

Totaal relevante mutaties 9,9

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen -2,7

-----------

-2,7

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 7,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 22.377,4

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 22.377,4

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

GEMEENTEFONDS 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 0,2

-----------

Totaal relevante mutaties

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 0,0

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 0,2

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 0,2

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

PROVINCIEFONDS 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 1.716,0

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 0,0

-----------

0,0

-----------

Totaal relevante mutaties 0,0

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen -0,1

-----------

-0,1

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -0,1

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 1.715,9

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 1.715,9

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

INFRASTRUCTUURFONDS 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 9.367,9

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

betuweroute 42,3

hogesnelheidslijn -32,8

regionale/lokale infrastructuur -122,8

rijkswegen 29,5

vaarwegen en waterbeheer 53,1

diversen 22,5

-----------

-8,2

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

oprichting nv westerschelde 253,1

diversen -0,9

-----------

252,2

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 3,3

-----------

3,3

-----------

Totaal relevante mutaties 247,3

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen 6,5

-----------

6,5

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 253,6

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 9.621,5

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 9.621,5

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

De afrekening over het derde en vierde kwartaal van 1997 voor de Betuweroute leidt tot hogere uitgaven dan tot nu toe was geraamd. Daarnaast vinden hogere uitgaven plaats door hogere voorschotten aan de NS.

In de nieuw afgesproken betalingsprocedure met de NS voor de hogesnelheidslijn is afgesproken dat de betalingen niet meer plaatsvinden door middel van een voorschotregeling, maar dat maandelijks afrekening plaatsvindt op basis van nacalculatie. Deze nieuwe betalingsprocedure heeft enige vertraging ondervonden, waardoor de declaraties over de laatste maanden niet meer in 1998 tot betaling zijn gekomen.

De lagere uitgaven van 122,8 miljoen bij regionale en lokale infrastructuur worden voornamelijk veroorzaakt door vertragingen bij de Ringlijn Amsterdam, Zuid-Tangent-fase 2, Tramlijn Amstelveen en Kop van Zuid Metro.

De hogere uitgaven van 29,5 miljoen bij rijkswegen zijn het gevolg van een versnelling bij de Beneluxtunnel.

De hogere uitgaven voor vaarwegen en waterbeheer (natte infrastructuur) van 53,1 miljoen worden met name veroorzaakt door een versnelling in de projecten Landwaterimpuls en Rijn Zout Verdrag en een aantal beheer- en onderhoudswerkzaamheden in de provincie Zuid-Holland.

Beleidsmatige mutaties

Tot de oprichting van de N.V. Westerscheldetunnel de dato 9 november 1998, heeft Verkeer en Waterstaat de uitgaven van de N.V. voorgefinancierd. De huidige mutatie ad 253,1 miljoen aan de uitgavenkant betreft de verwerking van deze voorfinanciering. Deze mutatie hangt samen met een ongeveer even grote mutatie aan de ontvangstenkant, betreffende de terugbetaling van de N.V. Westerscheldetunnel.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

INFRASTRUCTUURFONDS 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 8.903,5

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

betuweroute 36,9

natte infrastructuur -28,0

diversen -6,0

-----------

2,9

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

terugbetaling nv westerschelde 266,0

-----------

266,0

3. DESALDERINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen 3,3

-----------

3,3

-----------

Totaal relevante mutaties 272,2

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen -3,0

-----------

-3,0

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 269,1

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 9.172,6

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 9.172,6

Ontvangsten

Mee- en tegenvallers

De afrekening over het derde en vierde kwartaal van 1997 voor de Betuweroute leidt tot hogere ontvangsten dan tot nu toe was geraamd.

De lagere ontvangsten voor natte infrastructuur van 28 miljoen worden voornamelijk veroorzaakt door minder ontvangsten uit verkoop van waterstaatkundige informatie en door een tegenvallende kostendoorberekening als gevolg van door derden veroorzaakte ongevallen/calamiteiten op zee en langs de kust.

Beleidsmatige mutaties

De terugbetaling van de N.V. Westerschelde voor een bedrag van 266 miljoen betreft het terugbetalen van gelden die door Verkeer- en Waterstaat zijn voorgefinancierd, tot de oprichting van de N.V. Deze mutatie hangt samen met een ongeveer even grote mutatie aan de uitgavenzijde.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

FONDS ECONOMISCHE STRUCTUURVERSTERKING 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 2.376,7

-----------

Totaal relevante mutaties

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

versnelling verkeer- en vervoerimpuls 35,5

vertraging noord-zuidlijn en a4/a16 -36,8

diversen -3,0

-----------

-4,3

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -4,4

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 2.372,3

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 2.372,3

Uitgaven

Niet tot een ijklijn behorend

Door een versnelling van de verkeer en vervoerimpulsprojecten voor stad- en streekvervoer en de OV-ontsluiting van IJburg is een overschrijding van circa 35,5 miljoen ontstaan.

Door vertragingen in de voorbereiding van de Noord-Zuidlijn en de A4/A16 is bij het onderdeel Overige verkeer- en vervoerprojecten een onderschrijding van 36,8 miljoen opgetreden.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

FONDS ECONOMISCHE STRUCTUURVERSTERKING 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 2.085,7

-----------

Totaal relevante mutaties

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 0,0

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 2.085,7

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 2.085,7

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

AOW-SPAARFONDS 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 4.337,5

-----------

Totaal relevante mutaties

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

diversen -4,6

-----------

-4,6

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -4,6

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 4.332,9

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 4.332,9

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

DIERGEZONDHEIDSFONDS 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 30,6

-----------

Totaal relevante mutaties

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 0,0

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 30,6

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 30,6

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

INTERNATIONALE SAMENWERKING 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 7.788,7

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

personeel en materieel -34,0

vertraging aanvragen ifom en gom -43,0

diversen -59,4

-----------

-136,4

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

landenprogramma's economische ontwikkeling 48,8

macro-economische steun en schuldenbeleid 46,3

noodhulp midden-amerika en angola 34,9

diversen -75,9

-----------

54,1

4. OVERBOEKINGEN

Rijksbegroting in enge zin

diversen -1,3

-----------

-1,3

-----------

Totaal relevante mutaties -83,6

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -83,6

___________

Stand Voorlopige Rekening 1998 7.705,1

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

De onderschrijding bij personeel en materieel hangt grotendeels samen met de vertraging in de uitvoering van deelprojecten, die gericht zijn op de ontwikkeling van een Geïntegreerd Management Informatie Systeem (GMIS). Het GMIS-project is door deze vertragingen naar verwachting niet realiseerbaar voor 1 januari 2000. Een andere oorzaak is gelegen in de prijs- en koerseffecten op de huren, exploitatie en overige personele en materiële kosten in het buitenland.

Als gevolg van de economische situatie in Midden- en Oost-Europa is het aantal aanvragen voor de Investerings- en Garantiefaciliteit voor Opkomende Markten (IFOM en GOM) lager uitgevallen dan geraamd.

Beleidsmatige mutaties

Het budget voor de landenprogrammas is gedelegeerd aan de posten. De per saldo overschrijding is gebaseerd op individuele activiteiten per ambassade.

In de Decemberbrief zijn additionele schuldverlichtingsmaatregelen ten behoeve van Peru, Tanzania en Zimbabwe gemeld. Daarna is extra macro-economische steun verleend aan enkele Centraal Aziatische Republieken die zwaar zijn getroffen door de Russische roebel crisis, en is extra schuldverlichting mogelijk gemaakt voor de Midden-Amerikaanse landen die getroffen zijn door de orkaan Mitch.

Het budget voor noodhulp is verhoogd als gevolg van bijdragen aan Midden-Amerika samenhangend met de orkaan Mitch. Daarnaast zijn als gevolg van de verslechterde situatie in Angola de uitgaven voor structurele hulp vertraagd. Ter compensatie zijn de uitgaven voor noodhulp aan dit land gestegen.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

INTERNATIONALE SAMENWERKING 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

NIET-BELASTINGONTVANSTEN

Stand bij Najaarsnota 1998 166,7

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

diversen 2,8

-----------

2,8

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

diversen 1,3

-----------

1,3

-----------

Totaal relevante mutaties 4,1

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 4,1

___________

Stand Voorlopige Rekening 1998 170,8

BELASTINGAFDRACHTEN AAN DE EUROPESE UNIE 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) 7.698,0

1. MEE- EN TEGENVALLERS

Rijksbegroting in enge zin

invoerrechten -68,0

-----------

-68,0

-----------

Totaal relevante mutaties -68,0

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 -68,0

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) 7.630,0

Totaal Internationale samenwerking

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 7.630,0

Uitgaven

Mee- en tegenvallers

Door een beperktere groei van de invoer dan eerder werd verondersteld dalen de opbrengsten van de invoerrechten en daarmee de afdrachten aan de Europese Unie met 68 miljoen.

Bedragen in miljoenen guldens

______________________________________________________________________ _____________

NADER TE BEPALEN/TE VERDELEN OMBUIGINGEN 1998

______________________________________________________________________ _ ___________

UITGAVEN

Stand bij Najaarsnota 1998 (excl. IS) -112,9

2. BELEIDSMATIGE MUTATIES

Rijksbegroting in enge zin

ramingstechnische veronderstelling in=uit-gedachte 561,4

-----------

561,4

-----------

Totaal relevante mutaties 561,4

5. NIET TOT EEN IJKLIJN BEHOREND

afkoop subsidies woonwagens en renovatie-subsidies -127,0

btw openbaar vervoer -327,7

diversen -6,5

-----------

-461,2

Totaal mutaties na de Najaarsnota 1998 100,2

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (excl. IS) -12,7

Totaal Internationale samenwerking 12,7

___________

Stand Voorlopige rekening 1998 (incl. IS) 0,0

Uitgaven

Beleidsmatige mutaties

De bij Voorjaarsnota 1998 verwerkte ramingsveronderstelling over de eindejaarsmarge en de bandbreedte voor de homogene groep Internationale Samenwerking (hgIS), is via de optredende onderuitputting op verschillende begrotingen voor de Rijksbegroting in enge zin tegen geboekt.

Niet tot een ijklijn behorend

Op de aanvullende post stond voor 1998 een bedrag gereserveerd voor de afkoop van subsidies voor woonwagens en renovatiesubsidies. Wegens vertragingen in de procedures rondom deze afkopen, zijn de middelen in 1998 onbesteed gebleven. Verwachting is dat in 1999 de besteding van deze middelen zal plaatsvinden.

Op de aanvullende post is een raming opgenomen voor BTW-uitgaven in het openbaar vervoer. Het betreft voornamelijk uitgaven voor lokale en regionale infrastructuur, de exploitatie van het openbaar vervoer en de projecten HSL-Zuid en de Betuweroute. Verkeer en Waterstaat krijgt op declaratiebasis compensatie voor BTW-uitgaven. Voor 1998 is door dit departement minder beroep gedaan op deze reservering dan in de raming was voorzien. Hierdoor valt een bedrag van ruim 327 miljoen vrij.

Deel: ' Financien Voorlopige Rekening 1998 '




Lees ook