Provincie Zuid-Holland


15 februari 1999

Dit is een gezamenlijk persbericht van de Westelijke Land- en Tuinbouw Organisatie (WLTO), de Zuid-Hollandse Milieufederatie, de stichting Landschapsbeheer Zuid-Holland en de provincie Zuid-Holland

Convenant landbouw-natuur Zuid-Holland Oost:
GEEN EXTRA REGELS PROVINCIE IN RUIL VOOR BOERENNATUUR

Vandaag hebben de WLTO, de provincie, de Zuid-Hollandse Milieufederatie en de stichting Landschapsbeheer Zuid-Holland het 'Convenant landbouw-natuur Zuid-Holland Oost' in Reeuwijk ondertekend. In het convenant spreken de vier organisaties af te bevorderen dat boeren in het veenweidegebied in het oosten van de provincie de natuur en het landschap op hun bedrijf actief zullen beschermen. De provincie laat -onder een aantal voorwaarden- in ruil daarvoor extra regels in het streekplan Oost achterwege.

Om in het Groene Hart agrarische activiteiten te kunnen blijven ontwikkelen en tegelijkertijd natuur- en landschapswaarden te behouden of uit te breiden zijn van bovenaf opgelegde regels niet voldoende. Kern van de afspraken is daarom dat de betrokken partijen een andere invulling aan het beheer van natuur- en landschap geven dan tot nu toe gebruikelijk is. Zo gaat de WLTO er alles aan doen dat in 2005 90 % van de agrariërs op hun bedrijf op meer dan één manier rekening houdt met natuur en landschap.

Verder spannen de vier partijen zich in voor het verbeteren van de mogelijkheden voor agrariërs om aan natuur- en landschapsbeheer te kunnen doen. Zo heeft het Rijk -mede door hun inzet- geld beschikbaar gesteld voor het experiment natuurproductiebetaling in het Groene Hart: van 3 miljoen gulden 1998, oplopend tot 7 miljoen gulden in het jaar 2000. In dit experiment krijgen boeren onder andere betaald voor weidevogelnesten en bijzondere planten langs de sloot. De stichting Landschapsbeheer Zuid-Holland adviseert en helpt de agrariërs daarbij.

De provincie laat -in ruil voor agrarisch natuurbeheer- extra regelgeving op het gebied van slootdempingen, maisteelt en behoud van kleine landschapselementen in het streekplan Oost achterwege. Dit op voorwaarde dat agrariërs, natuurbeschermers en gemeenten op lokaal niveau goede afspraken maken over het beheer van natuur en landschap. Aan zulke 'lokale convenanten' wordt momenteel gewerkt in de gemeenten Reeuwijk en Alkemade. Het convenant loopt tot 2005, het jaar waarin het streekplan Zuid-Holland Oost wordt herzien. In 2002 zal een tussentijdse evaluatie worden gehouden.

Het instandhouden van natuur- en landschapswaarden in het Groene Hart is niet alleen een verantwoordelijkheid van de convenantspartijen. Via regelgeving en plannen, maar ook door ecologisch beheer van sloten, dijken en bermen kunnen ook waterschappen en gemeenten hieraan een bijdrage leveren. De convenantspartijen zullen het komende jaar gemeenten en waterschappen in het gebied benaderen met de vraag of zij daar samen met agrariërs en natuurbeschermers afspraken over willen maken.


-0-0-0-0-0-

Deel: ' Geen extra regels provincie in ruil voor boerennatuur '




Lees ook