Ministerie van VWS

Groei kinderopvang 15% tot meer dan 100.00 plaatsen

Dinsdag 23 november 1999, persbericht nummer 124

De grens van 100.000 plaatsen kinderopvang in Nederland is in 1998 overschreden. Het aantal plaatsen is dat jaar toegenomen van 89.224 naar 103.511. Dit is een groei van ruim 15% in een jaar tijd. Dit blijkt uit cijfers die staatssecretaris Margo Vliegenthart van Volksgezondheid, Welzijn en Sport dinsdag heeft bekendgemaakt. Het aantal kinderen in de kinderopvang ligt op 182.000. In totaal maakt ruim 17% van de Nederlandse kinderen momenteel gebruik van een vorm van kinderopvang. Tien jaar geleden lag dat nog op 4%. De cijfers zijn afkomstig van SGBO (Sociaal Geografisch en Bestuurlijk Onderzoek), het onderzoeksinstituut van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG). Vliegenthart wil deze kabinetsperiode het aantal plaatsen uitbreiden met ruim 70.000 plaatsen.

De grootste groei in 1998 is er bij plaatsen in de voor- en naschoolse opvang van kinderen van 4 tot 12 jaar. Deze zijn gestegen met ruim 9.000 plaatsen, van 23.000 naar 32.000. Dit is het gevolg van de subsidieregeling Buitenschoolse Opvang van het ministerie van VWS uit 1997. Deze regeling is dit jaar opgegaan in de nieuwe algemene regeling Uitbreiding Kinderopvang. Het aantal plaatsen voor kinderen van 0 tot 4 jaar is gegroeid met bijna 5.000 plaatsen, van 66.000 naar 71.000. De kinderopvang bestaat uit particuliere plaatsen, bedrijfsplaatsen en gesubsidieerde plaatsen. De groei is het sterkst bij bedrijfsplaatsen: van bijna 38.000 naar 45.000. Bedrijven zien kinderopvang steeds meer als een belangrijke arbeidsvoorwaarde om personeel te werven of te houden.

De groei van de kinderopvangsector heeft ook een positief effect op de werkgelegenheid. In deze sector is het aantal arbeidsplaatsen in 1998 toegenomen van ruim 25.000 naar ruim 31.000. Het aantal instellingen voor kinderopvang is ook gegroeid, van 2.711 naar 2.964.

Voor de uitbreiding van de kinderopvang is in deze kabinetsperiode een extra bedrag oplopend van 400 miljoen gulden per jaar. Hiervan is 250 miljoen bestemd voor capaciteitsuitbreiding door middel van subsidiering via gemeenten en 150 miljoen voor stimulering door fiscale maatregelen. Bij de Algemene Politieke Beschouwingen is daar bovenop voor kinderopvang nog eens 70 miljoen jaarlijks beschikbaar gesteld.

Deel: ' Groei kinderopvang 15% tot meer dan 100.00 plaatsen '




Lees ook