Statenfractie GroenLinks bezorgd over geluidhinder Schiphol

Als het luchtruim boven Soesterberg vrijgegeven wordt voor de groei van het vliegverkeer op Schiphol krijgen veel Utrechtse gemeenten met meer geluidshinder te maken. Naar aanleiding van recente publicaties in het Utrechts Nieuwsblad heeft de Utrechtse statenfractie van GroenLinks het College van Gedeputeerde Staten schriftelijke vragen gesteld over de te verwachten geluidhinder van Schiphol en de inspanningen van het College om hier iets tegen te doen.

De Statenfractie van is zeer bezorgd over de gevolgen voor de leefbaarheid in de provincie. Die zorgen worden niet alleen gevoed door de mogelijke openstelling van het luchtruim; er ligt ook een plan om de minimum-vlieghoogte te versoepelen.

De fractie heeft ook in januari 1999 vragen gesteld naar aanleiding van het voornemen tot vrijgave van het luchtruim boven Soesterberg.

Bijlage:

Schriftelijke vragen GroenLinks-fractie d.d. 24/12/99 aan het College van GS van Utrecht.

Schriftelijke vragen ex artikel 47 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen van Provinciale Staten van Utrecht, gesteld door de heer J.F.M. Kloppenborg en R.F.M. van Geffen (GroenLinks) betreffende de te verwachten toename van de geluidhinder van het vliegverkeer van en naar Schiphol.

Toelichting

Het Utrechts Nieuwsblad van 22 december jl. meldt dat het vliegverkeer boven de provincie Utrecht vanaf mei 2000 fors dreigt toe te nemen, als gevolg van een recente wijziging van aanvliegroutes en het kabinetsbesluit over de groei van Schiphol. De wijziging van de aanvliegroutes heeft te maken met het gedeeltelijk vrijgeven van het luchtruim boven Soesterberg. Tevens wordt de minimumhoogte voor aanvliegroutes in een groot deel van onze provincie verlaagd tot 900 meter.

In het UN van 23 december 1999 uit de Stichting Natuur en Milieu bij monde van ir. J. Fransen de vrees dat deze wijzigingen een behoorlijke verslechtering van de geluidssituatie tot gevolg hebben. Tevens acht hij het naar beneden halen van de vlieghoogte tot 900 meter hoogte niet noodzakelijk. Voor een flink deel van de provincie kan de minimumhoogte op 2000 meter worden gesteld, en in de nachtelijke uren -als het luchtruim minder bezet is -zelfs op 3000 meter. Dat scheelt zeer veel lawaai.

De Statenfractie van GroenLinks is zeer bezorgd over de gevolgen voor de leefbaarheid in onze provincie van zowel de groei van Schiphol als van het naar beneden halen van de aanvliegroutes. Reeds eerder heeft de fractie vragen gesteld naar aanleiding van het voornemen tot vrijgave van het luchtruim boven Soesterberg.

Naar aanleiding hiervan stellen wij het college van GS de volgende vragen

1. Deelt U de mening van de Stichting Natuur en Milieu, dat de toename van vliegverkeer en het verlagen van de minimum-vlieghoogte een flinke toename van de geluidsoverlast in de provincie Utrecht tot gevolg zal hebben?

2. Kan het College aangeven, welke gevolgen genoemde ontwikkelingen hebben op kwaliteit van de vastgestelde stiltegebieden in onze provincie?

3. Wat is het resultaat van de, in de beantwoording van de op 28/01/99 door de GroenLinks-fractie gestelde vragen, aangekondigde inspanningen van het College op dit vlak?

4. Is het College van plan stappen te ondernemen, die de dreigende geluidstoename ten gevolge van het vliegverkeer tegengaan? Zo ja, welke?

5. Wat is de inzet van het College ten aanzien van de thans voorliggende Planologische Kernbeslissing (PKB) inzake Schiphol en de bijbehorende milieueffectrapportage?

Afzender: Michiel Odijk, Statenlid GroenLinks, 26 december 1999

Deel: ' GroenLinks in ps Utrecht bezorgd over geluidshinder Schiphol '




Lees ook