PRICEWATERHOUSECOOPERS

Hoge Raad bekritiseert belastingwetgeving

Hoge Raad bekritiseert belastingwetgeving

Hoge Raad bekritiseert instrumenteel gebruik van belastingwetgeving

In een arrest van 17 februari j.l. heeft de Hoge Raad op niet mis te verstane wijze kritiek geuit op de manier waarop fiscale wetgeving wordt gebruikt als instrument om subsidies voor specifieke activiteiten toe te kennen. Dit zogenaamde instrumentele gebruik van de belastingwetgeving heeft onder het bewind van de huidige staatssecretaris Vermeend van Financien een grote vlucht genomen. Het is zelfs een van de kernpunten van zijn fiscale beleid.

De beslissing van de Hoge Raad had betrekking op een loonkostensubsidie ter ondersteuning van de Nederlandse zeescheepvaart. Die subsidie is gedurende een aantal jaren op een uiterst complexe manier toegekend door middel van een verlaging van de loonbelasting voor deze branche. De procedure was aangespannen door een werkgever in deze branche die de technische regels van de loonbelasting niet helemaal goed had toegepast. Hij had daardoor de verlaging van de loonbelasting in de verkeerde maand toegepast. De belastinginspecteur legde een naheffingsaanslag op, waarmee hij de subsidie terugeiste. De Hoge Raad stelde de belastingdienst in het ongelijk, en verwierp het beroep van de Staatssecretaris op het stelsel van de loonbelastingwetgeving. Volgens de hoogste belastingrechter in Nederland was er door de wetgever öp een zo oneigenlijke manier gebruik gemaakt van de loonbelastingwetgeving~ , dat het niet aanging om deze werkgever de subsidie met een beroep op het stelsel van de loonbelastingwetgeving te ontzeggen.

Dit zijn ongebruikelijk scherpe woorden voor de Hoge Raad, die zeer zorgvuldig pleegt te formuleren. De staatssecretaris, en het parlement als mede-wetgever, zullen zich deze woorden moeten aantrekken. Instrumentele wetgeving wordt vaak bekritiseerd, en ook voor de rechter aangevochten, omdat zij op gespannen voet staat met het gelijkheidsbeginsel. De rechter die bij dit soort maatregelen spreekt over oneigenlijk gebruik van de fiscale wetgeving, zal bij toetsing aan het gelijkheidsbeginsel waarschijnlijk ook kritisch gestemd zijn, zo is de inschatting van PricewaterhouseCoopers.

De wetgever is echter gewaarschuwd. Hij neemt een groot risico als hij deze signalen van de hoogste rechter negeert en doorgaat met het uitvaardigen van dit soort wetten. Het risico bestaat dat de rechter dergelijke regels in strijd verklaart met het gelijkheidsbeginsel. Het gevolg daarvan kan zijn dat de rechter de als belastingvoordelen verpakte subsidies ook toekent aan belastingplichtigen die niet onder de bijzondere regeling vallen. Dit kan zeer grote budgettaire gevolgen hebben.

Deel: ' Hoge Raad bekritiseert belastingwetgeving '




Lees ook