Partij van de Arbeid


Inbreng van Jaap Jelle Feenstra bij het algemeen overleg over de Noordtak/Betuwelijn
28 oktober 1999 PvdA

In de eerste reactie van de PvdA (persbericht 1 sept) op het voorstel van de minister hebben wij drie opmerkingen gemaakt en drie vragen gesteld.
Onze opmerkingen waren; een bredere benadering van Noordtak en Hanzelijn biedt perspectief voor de lastige afweging van tracés; uitgangspunt is dat het bestaand spoor niet intensief voor goederenvervoer kan worden benut; een nieuw tracé vraagt grote investeringen voor een verantwoorde landschappelijke inpassing. En onze vragen waren; kan worden zekergesteld dat de Hanzelijn het goederenvervoer van de Noordtak tijdig en volledig kan overnemen; kan worden voorkomen dat het bestaande spoor intensief wordt benut; stemt Duitsland op basis van de Overeenkomst van Warnemunde in met het Kabinetsvoorstel?
Ik wil op basis van de Kabinetsbrief van 24 sept deze 3+3 punten langslopen.
Maar allereerst herhaal ik onze opmerking uit het AO van 9 sept over de gevolgde procedure, een zorgvuldig en ingrijpend Tracéproces voor burgers en mede-overheden werd gebruskeerd door een interview; daarover zijn wij bijzonder kritisch; het valt in de categorie "eens maar nooit meer"; zo gaan we niet met elkaar om!

Dan onze eerste opmerking, de brede benadering voor een lastige tracékeuze, daarover geen misverstand, elk tracé kent zijn evidente nadelen, dat geldt voor bestaand spoor, voor het tracé door het IJsseldal, en voor het Achterhoektracé; de gelderse delegatie op de hoorzitting vormde daarvan zowel mondeling als fysiek een goede weergave van! Het gaat hier niet om het bundelen van spoor zo dicht mogelijk langs een bestaande weg zoals bij de Hoofdtak, maar om een geheel nieuwe doorsnijding van het landschap, een kostbare ingreep met een relatief beperkte vervoerswaarde en vooralsnog beperkte urgentie. Tegen die achtergrond, zo concluderen wij, is de minister bepaald geen onzinnige discussie gestart door, anders dan de situatie in 1993, nu ook de Hanzelijn in beeld te brengen, plus het uitgangspunt van beter benutten, plus aanpassingen langs bestaand spoor, plus een intensiever gebruik van de Hoofdtak.

Onze tweede opmerking, over bestaand spoor. Volgens de Kabinetsbrief is vervroegd groot onderhoud in Gelderland nodig en geen extra infra-maatregelen richting Twente; dat lijkt ons toch wel wat luchtigjes. Natuurlijk moeten en kunnen de bestaande kaders voor geluid en externe veiligheid worden gehanteerd, nageleefd en gehandhaafd, dat geldt voor heel Nederland, daarbij gaat het zowel om extra vervoer van de NOV áls om het bestaande goederenvervoer dat nu al gebruik maakt van het bestaand spoor. Maar er zijn meer problemen zoals trillingen en problemen met spoorovergangen en toegankelijkheid, maar ook moet voldoende capaciteit worden gereserveerd voor lightrail in Gelderland en in Twente, en er zijn knelpunten zoals bij de oortjes van Elst, de flessehals Arnhem, het kopmaken bij Deventer, maar ook elders langs bestaand spoor, zoals bij Weesp. Een speciaal knelpunt vormt ook nog Zevenaar, waar achtereenvolgens werken worden uitgevoerd voor eerst de Hoofdtak, dan afzonderlijk voor de HSL en men krijgt ook nog het extra vervoer over de Hoofdtak; kan de minister een gebundelde aanpak vanuit de verschillende projectdirecties bij de uitvoering garanderen? En is voorzien in het kunnen beschikken over voldoende multi-modale centra, waarvoor naast Valburg ook Coevorden en Venlo zich aandienen. Wij concluderen dat met de Kabinetsbrief nog niet alle knelpunten in beeld zijn gebracht, laat staan opgelost.

Onze derde opmerking, inpassing vergt grote investeringen. Niet nu aanleggen van de NOV spaart echter geen 5 mld uit, de kosten van aanpassingen aan bestaand spoor moeten daarvan worden afgetrokken, op de hoorzitting werden daar aanzienlijk hogere bedragen voor genoemd dan in de Kabinetsbrief. En de lagere prioriteit voor de NOV nu kan op termijn alsnog een nieuw trace vergen, na monitoring, als gereserveerde optie in het kader van Warnemunde, in combinatie met een HSL-Noord; dan is weer een omvangrijke investering nodig. Wij concluderen dat de financiele paragraaf nog niet volledig is uitgewerkt.

Ik kom nu bij onze vragen.

- Ten eerste, de Hanzelijn kan het Noordtak-vervoer overnemen. Flevoland en Overijssel zien daartoe wel mogelijkheden, maar verbinden daaraan wel de terechte en harde conclusie van tijdige en zekere oplevering van de Hanzelijn. Overijssel noemde dit een dubbelbesluit; daar moet de minister duidelijkheid over bieden.
- Ten tweede, intensief gebruik van bestaand spoor voorkomen, dat vergt naast de bovengenoemde maatregelen ook regelingen over intensiteit en snelheid. De uitwerking van al deze maatregelen kennen we nog niet.

- Ten derde, instemming van Duitsland, zowel schriftelijk als nu ook mondeling op de hoorzitting hebben we vernomen dat het Kabinetsvoorstel "im Einklang mit der Vereinbarung ist", zolang een twentse grensovergang maar overeind blijft, en over oplossingen bij Emmerich moet nog worden gesproken, ook over de kosten en kostenverdeling; de uitkomst van deze onderhandelingen zijn nog niet bekend.

Concluderend; elke tracekeuze is lastig en -dus- kostbaar. De minister is een bepaald niet onzinnige discussie gestart over een betere benutting van bestaand spoor, op een te bekritiseren wijze overigens. Deze zinnige discussie kent ook onzinnige aspecten, zo bleek op de hoorzitting; de een verwacht niets van het spoorvervoer, de ander vreest een dicht aangesloten rij goederentreinen!
Er zijn nog bijzonder veel punten nader uit te werken; over zekerstelling van de Hanzelijn, over maatregelen langs het bestaande spoor en met name bij de knelpunten van Elst, Arnhem, Deventer en Weesp, over het reserveren van voldoende capaciteit voor lightrail, over de versnelde studie naar de Zuidtak, over de HSL-Noord en over onderhandelingen met Duitsland over oplossingen, capaciteiten en de kostenverdeling bij Emmerich. De PvdA verbindt aan deze vele vragen dezelfde 3 conclusies waarmee ik het VAO van 16 sept afsloot;

*wij willen een snelle aanleg van de Hoofdtak,
*plus een gezaghebbende uitwerking van het milieu-onderzoek, hetgeen de minister heeft toegezegd; wat zijn de vorderingen? (*)
*plus een uitgewerkt voorstel over de door de minister gestarte discussie.
Het is op basis van twee Kabinetsbrieven van 2 en 24 sept nu te vroeg voor een definitief oordeel. Wij roepen de minister op tot bestuurlijk overleg met de provincies, zij hebben op de hoorzitting aangegeven daartoe bereid te zijn, en met Duitsland, er moet nog veel worden onderzocht en uitgezocht; wij willen de uitkomsten van dat overleg zien alvorens een definitief oordeel uit te kunnen en te willen spreken.

(*) Ter toelichting; we hebben in het AO van 9 sept gepleit voor een gezaghebbende uitwerking van de vele milieu-onderzoeken, over het expliciet maken van gehanteerde aannames en modellen, zodat bij toekomstige besluiten over infrastructurele investeringen we het brede milieubeslag (emissies, geluid, externe veiligheid, doorsnijding, etc) van de verschillende transportmodaliteiten zorgvuldig kunnen afwegen. Zo'n uitwerking zou ook in een breed verband van V&W, RIVM en CE tot stand moeten komen, ten gunste van een objectivering van het publieke en politieke debat.

Deel: ' Inbreng PvdA algemeen overleg Noordtak Betuwelijn '




Lees ook