Gemeente Hilversum


Intensivering fraudebestrijding GSD werpt vruchten af

De intensivering van de fraudebestrijding en fraudepreventie bij de Gemeentelijke Sociale Dienst (GSD) heeft vruchten afgeworpen. Werd er in 1997 een totaalbedrag aan fraude vastgesteld van ƒ476.000,-, eind 1998 bleef de teller steken op ƒ 748.000,-. In 1997 deed de dienst tienmaal aangifte van valsheid in geschrifte bij het Openbaar Ministerie, in 1998 twaalfmaal.

Om misverstanden te voorkomen: het leeuwendeel van de ruim 1800 cliënten van de Hilversumse sociale dienst houdt zich netjes aan de regels.

In de correspondentie met hen en in de Nieuwsbrief die zij tweemaandelijks van de dienst ontvangen, wordt er bij herhaling op gewezen dat ze veranderingen in inkomen, adres enzovoorts onmiddellijk moeten melden.

Fraude, waardoor ten onrechte uitkeringen zijn verstrekt, is zo oud als die uitkeringen zelf. Vanaf '95 maakt de sociale dienst meer werk van bestrijding en preventie (= voorkoming). Dat is vastgelegd in het fraudebeleidsplan dat sindsdien jaarlijks wordt aangepast.Voorheen was de opsporing van uitkeringsfraude in handen van de politie. Sedert mei
1996 heeft de GSD een eigen sociaal rechercheur met opsporingsbevoegdheid. Per 1 februari van dit jaar is er een tweede sociaal rechercheur bijgekomen. Verder zijn er sedert 1 juli 1998 fraudepreventiemedewerkers, die als taak hebben om bij bijstandsintreding fraude te voorkomen.

Er zijn verschillende vormen van fraude.
Bij witte fraude heeft iemand naast zijn uitkering inkomsten, waarover door de werkgever loonbelasting wordt ingehouden. Omdat deze cliënt zijn inkomsten niet heeft gemeld aan de GSD fraudeert hij. Hij loopt simpel tegen de lamp, omdat de laatste jaren de bestanden van de sociale diensten gekoppeld zijn aan die van de belastingdienst.

De opsporing is een stuk ingewikkelder als er zwarte fraude in het spel is. De cliënt heeft dan naast zijn uitkering een niet gemeld zwart inkomen.

Tenslotte is er de samenwonings-fraude. Een cliënt heeft in dit geval het samenwonen met een ander niet aan de sociale dienst gemeld.

Er kan ook sprake zijn van een combinatie van deze fraude-vormen. Bijvoorbeeld: een cliënt met een zwart inkomen woont samen met iemand met een uitkering. Het zwarte inkomen en het samenwonen zijn dan niet gemeld.

Witte fraude
Na de vaststelling van het eerste fraudebeleidsplan ging de sociale dienst aan de slag met met name de witte fraude. Er werd een inhaalslag gepleegd. Dit verklaart tevens waarom het bedrag aan aangiftes van de witte fraude (in '97 ƒ475.000,-- en in '98 ƒ 17.000,-) terugliep. Vanaf '96 wordt het accent gelegd op de fraudepreventie en de bestrijding van de zwarte fraude. In 1997 leverde dat nog geen concrete bedragen op. Onderzoek kan maanden in beslag nemen. Die inspanningen "betaalden zich uit" in 1998: ƒ
390.000,-.

Dat geldt - weliswaar in mindere mate - ook voor de samenlevingsfraude: '97: ƒ 900,- en in '98: ƒ 111.000,-. In
1998 zijn ook voor de eerste keer "overige fraudes" geboekt: ƒ
202.000,-. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om mensen die een vals adres hebben opgegeven, maar ook om een cliënt die verzuimd heeft zijn verblijf in de gevangenis te melden. In dit laatste geval hoort de uitkering te worden stopgezet.

De vermindering in de witte fraude komt ook omdat de kwaadwillenden inmiddels in de gaten hebben dat zij daarmee simpel tegen de lamp lopen. In zijn algemeenheid heeft men bij de sociale dienst een beeld dat het aantal mensen dat witte fraude pleegt weliswaar gelijk blijft, maar dat de bedragen door de strengere controle kleiner worden.

Als de GSD aangifte van fraude heeft gedaan, handelt het Openbaar Ministerie de strafrechtelijke vervolging af. De sociale dienst probeert terstond een terugbetalingsregeling af te spreken met de cliënt. De dienst is namelijk verplicht om tot terugvordering over te gaan. Zonodig legt de GSD beslag op uitkering of inkomen. Omdat de meeste (ex-) cliënten een klein inkomen hebben, kan terugvordering lang duren. Beslaglegging leidt in de praktijk bij mensen met een bijstandsuitkering tot een afbetaling van meestal maximaal ƒ 140,- per maand.

De sociale dienst wordt niet rijk van het terugvorderen. Negentig procent van de aldus ontvangen inkomsten moet namelijk worden afgedragen aan het Rijk.

Zoekwoorden:

Deel: ' Intensivering fraudebestrijding GSD H'sum werpt vruchten af '




Lees ook