Pe(e)rsbericht, 26 januari 1999
Peer review NIOO:
Nederlandse ecologen op weg naar internationale top

NIEUWERSLUIS/YERSEKE/HETEREN - Begin oktober 1998 bezocht een internationale commissie van zeven top-biologen het Nederlands Instituut voor Oecologisch Onderzoek (NIOO). De zogenoemde peers moesten de kwaliteit beoordelen van het enige Nederlandse instituut met fundamenteel ecologisch onderzoek als hoofdtaak. Hun oordeel viel positief uit. De peers spreken in hun zojuist verschenen rapport over het nog jonge NIOO als close to very good . The prospects for NIOO to become a world leading institute of ecology are certainly there.

De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) onderwerpt al haar instituten, dus ook haar grootste: het NIOO, eens per vijf jaar aan een kwaliteitstest. Op uitnodiging van moederorganisatie KNAW kijken een aantal gerenommeerde wetenschappers naar het programma, de organisatie, de samenwerking en de voortgang op wetenschappelijk gebied.

It has some departments which are well on their way to excellence. Van de in totaal negen werkgroepen van het NIOO beoordeelde de commissie er drie als good, drie als very good en zelfs drie als very good to excellent. Onder andere de toepassing van technieken uit de moleculaire biologie in de ecologie en de expertise van het modelleren van ecologische processen en systemen heeft bijgedragen aan het succes. De peers reppen over internationale bekendheid en hoge productie en vinden bijvoorbeeld dat some achievements of researchers have changed the way the international community looks at fresh waters . De faciliteiten noemde de commissie indrukwekkend. De laboratoria zijn goed uitgerust met apparatuur. Daarnaast heeft iedere werkgroep wel unieke instrumenten of opstellingen die origineel onderzoek mogelijk maken.

Natuurlijk zijn er niet louter positieve woorden. Het NIOO bestaat pas sinds 1992 en is nog bezig met de opbouw. Daardoor zijn onderzoekslijnen en -groepen soms sterk veranderd en zij moeten zichzelf nog bewijzen. Sinds het vorige peer review, dat al meteen in 1992 plaatsvond, is de kwaliteit er echter sterk op vooruit gegaan volgens de commissie. Uit drie afzonderlijke wetenschappelijke instituten ontstond een algemeen ecologische organisatie met ruim 200 medewerkers. De oude structuur is nog terug te vinden in de drie vestigingen en bijbehorende thema s binnen het NIOO. In Yerseke (Zeeland) bevindt zich het Centrum voor Estuariene en Mariene Oecologie, CEMO, wat zich bezighoudt met de ecologie van het brakke en het zoute water. Het Centrum voor Limnologie (CL) in het Utrechtse Nieuwersluis kijkt naar ecosystemen in het zoete water en het Gelderse Centrum voor Terrestrische Oecologie (CTO) te Heteren richt zich op het land. De Nederlandse vogelringcentrale bestaat al veel langer, maar maakt tegenwoordig ook deel uit van het CTO. De reorganisatie van dit omvangrijke instituut is zodoende a remarkable achievement .

Deel: ' Internationale commissie positief over Nederlandse ecologen '




Lees ook