Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer Postbus 90801 2509 LV Den Haag der Staten-Generaal Anna van Hannoverstraat 4 Binnenhof 1a Telefoon (070) 333 44 44 2513 EA Den Haag. Telefax (070) 333 4049

Uw brief Ons kenmerk B&GA/AB/03/10734a

Onderwerp Datum
Kabinetsstandpunt IBO 10 februari 2003 Alimentatiebeleid

Mede namens de minister van Justitie bied ik u hierbij het kabinetsstandpunt over het interdepartementale beleidsonderzoek (IBO) alimentatiebeleid aan. Van dit IBO is op 12 juni 2002 het eindrapport aan uw Kamer aangeboden.

De regelgeving inzake alimentatie valt primair onder de verantwoordelijkheid van het ministerie van Justitie. In de Meerjarennota Emancipatiebeleid (2000) is een onderzoek aangekondigd naar de praktijk van met name de kinderalimentatie, vanuit de gedachte dat een goed geregelde kinderalimentatie een belangrijke basis biedt voor het bereiken of handhaven van economische zelfstandigheid van alleenstaande ouders (veelal vrouwen). De gedachtewisseling hierover in de Tweede Kamer en de resultaten van het genoemde onderzoek hebben in dat kader geleid tot het instellen van het genoemde interdepartementaal beleidsonderzoek op het terrein van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

In het Strategisch Akkoord van juli 2002 zijn de besparingen op de bijstand die uit de aanbevelingen van het IBO-rapport voortvloeien meegenomen in de taakstellende ombuigingen voor de komende begrotingsjaren. Uit het IBO-onderzoek blijkt namelijk dat het bestaande kinderalimentatiestelsel vaak resulteert in onevenredige financiële lasten voor de verzorgende ouder (meestal vrouw) na een echtscheiding of beëindiging van een relatie. Doordat alleenstaande ouders geen kinderalimentatie vragen of ontvangen, doen zij vaker een beroep op bijstand dan noodzakelijk zou zijn bij een meer gelijke verdeling van de lasten na een scheiding. Momenteel hebben circa 100.000 alleenstaande ouders een, in de meeste gevallen volledige, Abw-uitkering.

Een andere regeling van de kinderalimentatie kan een verandering bewerkstelligen. De IBO- werkgroep heeft een aantal voorstellen gedaan voor een andere wijze van (forfaitaire) vaststelling van kinderalimentatie en een andere wijze van inning van kinderalimentatie indien de




---

alimentatieplichtige ouder zijn betalingsverplichting niet nakomt. Het betreft voorstellen op hoofdlijnen en een nadere uitwerking is nodig.

Naar aanleiding van het IBO-rapport wordt op dit moment - zoals aangekondigd in het Strategisch Akkoord ­ bezien op welke wijze het beste invulling kan worden gegeven aan een ander kinderalimentatiestelsel, dat -rekening houdend met het belang van het kind- kan leiden tot zowel een vergroting van de financiële zelfstandigheid van alleenstaande ouders als een besparing op de collectieve uitgaven. In verband daarmee is advies gevraagd aan verschillende bij kinderalimentatie betrokken instanties, namelijk aan de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders, de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak, de Nederlandse Orde van Advocaten, het Platform Samenwerkende Cliëntenorganisaties in Jeugdzorg en Familierecht, de Raad voor de Rechtspraak, de Raad voor de Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming en de Vereniging van Personen- en Familierecht Advocaten. In de vormgeving van een wetsvoorstel zullen de adviezen van de genoemde instanties worden meegewogen.
Daarnaast worden de financiële consequenties nader in kaart gebracht. In het IBO-rapport zijn namelijk de besparingen op uitgaven in verband met de Abw becijferd, welke besparingen voor een groot deel zijn opgenomen in de begroting van mijn ministerie ( 50 miljoen in 2004 oplopend tot structureel 190 miljoen vanaf 2006). Nog niet verwerkt zijn verwachte besparingen uit hoofde van een beperking van de uitvoeringskosten verhaal. Aan de uitvoering van de voorstellen zijn echter ook kosten verbonden. Ten aanzien van die kosten zijn in het IBO-rapport nog geen concrete berekeningen opgenomen. Alvorens tot herziening van het kinderalimentatiestelsel over te gaan, zal eerst nader bekeken moeten worden welke kosten hieraan zijn verbonden en hoe deze gefinancierd kunnen worden. Deze kosten en de dekking ervan zullen worden aangegeven in het wetsvoorstel. Naar verwachting zal in de loop van 2003 een wetsvoorstel gereed kunnen zijn.

De Staatssecretaris van Sociale Zaken
en Werkgelegenheid,

(M. Rutte)



Deel: ' Kabinetsstandpunt IBO Alimentatiebeleid '




Lees ook