Tweede Kamer der Staten Generaal

brief sts lnv inzake de cites-conferentie

Gemaakt: 21-3-2000 tijd: 11:41


3

Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

's-Gravenhage, 17 maart 2000

Onderwerp:

Cites conferentie

Geachte Voorzitter,

Hierbij informeer ik u over de voorbereiding van de 11e Conferentie van Partijen bij de Convention on International Trade in Endagered Species of wild fauna and flora (CITES), die plaatsvindt van 10 t/m 20 april in Gigiri (Nairobi), Kenia.

CITES is het verdrag dat de internationale handel van in het wild levende dier- en plantensoorten reguleert teneinde uitsterven van soorten door overexploitatie te voorkomen. Soorten zijn daarbij op bijlagen opgenomen: bijlage 1 bevat de ernstig bedreigde soorten waarin geen internationale handel voor commerciële doeleinden is toegestaan en bijlage 2 bevat kwetsbare soorten waarin handel alleen onder voorwaarden is toegestaan middels een vergunningensysteem.

Op de Conferentie wordt een groot aantal onderwerpen ter uitvoering en implementatie van het CITES verdrag besproken. De voorstellen tot wijziging van de bijlagen krijgen daarbij extra aandacht.

De Nederlandse instructie wordt op dit moment afgerond. Tegelijkertijd zijn in EU-verband gemeenschappelijke standpunten voorbereid. Deze worden in de Milieuraad van 30 maart a.s. besproken. In het hierna volgende zijn de belangrijkste onderwerpen en mijn inzet ten aanzien daarvan weergegeven.

Walvissen

De walvissen zullen tijdens deze Conferentie opnieuw veel aandacht vragen. Noorwegen en Japan hebben, net als voor de vorige Conferentie, voorstellen ingediend om een aantal populaties van walvissoorten over te hevelen van bijlage 1 naar bijlage 2. Daarnaast is er vanuit deze landen blijvende druk om de koppeling tussen CITES en de Internationale Walvisvaart Commissie (IWC) los te laten. Ik ben van oordeel dat de voorstellen ingaan tegen de eerder vastgestelde besluiten om in de CITES-bijlagen geen wijzigingen met betrekking tot walvissen door te voeren zolang het door de Internationale Walvisvaart Commissie ingestelde moratorium op de commerciële walvisvangst van kracht is. Ik ben daarom tegen de voorstellen. Deze positie wordt in EU-verband gedeeld.


- Olifant -
Olifant

Tijdens de vorige Conferentie van Partijen (1997) is besloten tot een eenmalige experimentele verkoop van bestaande ivoor-voorraden uit Zimbabwe, Namibië en Botswana aan Japan. Hiertoe zijn deze populaties onder strikte voorwaarden overgeheveld van bijlage 1 naar bijlage 2. Door de Conferentie werd geoordeeld dat deze minder strikte bescherming voor deze populaties mogelijk was, aangezien de aantallen olifanten in de genoemde landen flink zijn toegenomen na uitvoering van diverse beheersprogramma's.

Het besluit is genomen onder een aantal strikte voorwaarden, waaronder uitwerking van een monitoringsysteem inzake olifantpopulaties en stroperij op het Afrikaanse continent, en het ten goede komen van de opbrengsten van de ivoorverkoop aan lokale
natuur-beschermingsprojecten en beheersprogramma's.
Voor de komende Conferentie is een aantal nieuwe en uiteenlopende voorstellen ingediend. Zuid-Afrika stelt een vergelijkbaar experiment voor met verkoop van ivoor afkomstig uit het Kruger Nationaal Park; Botswana, Zimbabwe en Namibië wensen verdergaande handelsmogelijkheden, terwijl Kenia en India de populaties in zuidelijk Afrika terug willen plaatsen op bijlage 1.

Deskundigen van het internationale CITES expert-panel betreffende de Afrikaanse Olifant en de Nederlandse wetenschappelijke CITES-commissie achten de situatie van de olifanten in Zuid-Afrika vergelijkbaar met die in de andere zuidelijk-Afrikaanse landen. Zij menen dat deze populaties inderdaad niet langer voldoen aan de criteria voor opname in bijlage 1.

Ik erken deze situatie in Zuid-Afrika, maar ik wil in mijn afweging de bescherming van de Afrikaanse olifant in het gehele verspreidingsgebied nadrukkelijk de voorrang geven. Een volledig monitoringssysteem is thans nog niet operationeel en daarmee bestaat onvol-doende zicht op de mogelijke gevolgen voor populaties elders op het continent. Objectieve en verifieerbare informatie hieromtrent is essentieel.

Ik ben dan ook tegen de voorstellen in de huidige vorm. Het eerste streven van de EU-landen zal zijn om bij de betrokken landen aan te dringen op intrekken van de diverse voorstellen en aldus de huidige status quo te handhaven. Ook met het specifieke Zuid-Afrikaanse voorstel voor bijlage 2 kan ik niet instemmen, tenzij er duidelijke garanties zijn dat wordt afgezien van elke handel zolang een effectief en internationaal gedragen monitoringssyseem nog niet is geïmplementeerd. Ik wil hierbij overigens aantekenen dat de uitkomst van de discussie hoogst ongewis is.

Karetschildpad

Voor deze Conferentie zijn twee voorstellen ingediend voor overheveling van de Cubaanse populatie van de Karetschildpad van bijlage 1 naar bijlage 2. Het betreft een voorstel voor de verkoop van een bestaande voorraad zeeschildpad-schilden via een gesloten systeem aan Japan en een tweede vergelijkbaar voorstel waarbij naast de oude voorraad aan-vullend een vast quotum jaarlijks wordt verhandeld.

Hoewel Cuba zeer goede inspanningen levert op het vlak van natuurbeheer en verkoop van dit bijproduct van de traditionele visserij financieel kan bijdragen aan natuurbehoud (hegeen in het voorstel is opgenomen), stel ik mij vooralsnog kritisch op tegen de voor-stellen.


- Ik -
Ik ben tegen het instellen van een jaarlijks handelsquotum in het tweede voorstel, aan-gezien de Cubaanse populatie deel uitmaakt van een grotere Caraïbische populatie en er onduidelijkheid bestaat over het draagvlak in de regio. Dit is mede van belang in het licht van de groeiende regionale samenwerking in de Caraïben op het vlak van bescherming van de zeeschildpadden, waarbij het Koninkrijk via de Nederlandse Antillen en Aruba ook betrokken is.

De eenmalige verkoop van de bestaande voorraden (eerste voorstel) acht ik vooralsnog ook niet gewenst, tenzij regionaal draagvlak hiervoor aanwezig is en er voldoende garanties bestaan dat het een gesloten systeem betreft.

Haaien

Voor de Conferentie is door Australië, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk een drietal voorstellen ingediend voor opname van haaiensoorten. De bedreiging van haaien door overexploitatie is internationaal reeds vele jaren een zorg. Ik acht de voorstellen dan ook een belangrijke stap voorwaarts om de bedreiging te verminderen. Tegelijkertijd dienen echter wel de praktische uitwerking en handhavingsmogelijkheden in ogenschouw te worden genomen. Het voorstel tot opname van de reuzenhaai in bijlage 2 ondersteun ik, evenals opname van de walvishaai in bijlage 2 wanneer overeenstemming bestaat over de aangereikte biologische gegevens. Opname van de grote witte haai in bijlage 1 is vooralsnog voorbarig, maar ik kan plaatsing op bijlage 2 ondersteunen.

Nederlands voorstel voor gifkikkers uit Madagascar

Nederland heeft samen met de USA en op verzoek van Madagascar voorgesteld om diverse soorten gifkikkers (Mantella, alleen voorkomend op Madagascar) op te nemen in bijlage 2. Dit in vervolg op eerdere initiatieven die Nederland op dit vlak heeft genomen. Verwacht mag worden dat het voorstel, met de steun van Madagascar, door de Conferentie breed zal worden gesteund.

DE STAATSSECRETARIS VAN LANDBOUW, NATUURBEHEER

EN VISSERIJ,

G.H. Faber

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

Deel: ' Kamerbrief over CITES-conferentie '




Lees ook