D66

Partijblad Democraat
Idee
Brussel Vandaag

9 oktober 2001

Debat over de zondagavond ontstane internationale situatie

Thom de Graaf

Dit debat wordt gevoerd op een moment dat het volstrekt onzeker en onduidelijk is wat de gevolgen zijn van de militaire acties van Amerika en Groot-Brittannië in Afghanistan. Gevolgen op een breed front. We weten in de eerste plaats niet hoe doeltreffend de gerichte bombardementen van de afgelopen nachten zijn geweest en hoe lang die zullen voortduren om daadwerkelijk effect te sorteren. Ik bedoel het niet cynisch als ik zeg dat de ervaring van Kosovo leert dat woordvoering over de effecten en het daadwerkelijk resultaat twee verschillende dingen zijn. Pas achteraf kan de effectiviteit echt worden vastgesteld. Onzeker is dus op dit moment hoe lang de acties in Afghanistan zullen duren, moeten duren, om echt het terrorisme en zijn bescherming te raken. Voor D66 is het immers niet de vergelding die voorop staat (ondanks alle retoriek die dezer dagen klinkt) maar het stoppen en vernietigen van de structuren en middelen van een terroristisch netwerk dat in staat is gebleken het onmogelijke en ondenkbare te realiseren.

De rechtvaardiging van de militaire acties die nu plaatsvinden ligt in de noodzaak om te voorkomen dat misdaden tegen de mensheid en de menselijkheid van een omvang zoals vier weken geleden plaatsvonden, in de toekomst nog kunnen gebeuren. Dat is niet alleen een kwestie van zelfverdediging van Amerika, dat is ook vooral een humanitaire opdracht voor alle beschaafde landen en volkeren. D66 geeft voluit steun aan de acties vanwege de onvermijdelijke noodzaak, vanwege juist die opdracht.
Hierbij past geen vrijblijvendheid, geen handen vrijhouden en later wel eens zien wat we er van zouden kunnen vinden. Hierbij past een duidelijke keuze: committment en verantwoordelijkheid ook als het om risicovol optreden gaat ofwel tegen zijn. Een tussenweg is er niet. Dat verandert niet wezenlijk als Nederland niet rechtstreeks betrokken is in de militaire acties. Solidariteit en verantwoordelijkheid laten zich niet opdelen in verschillende gradaties, afhankelijk van de vraag of wij welk of niet een schip of vliegtuigen leveren. Nederland heeft terecht voluit steun gegeven aan de internationale coalitie en maakt daar voluit deel van uit, ook nu wij niet zelf rechtstreeks in de regio aanwezig zijn.
Voluit steun betekent niet slaafse steun of kritiekloos zijn. Integendeel, juist de goede bondgenoot, de goede partner in de coalitie tegen terrorisme hoort voortdurend het doel in het oog te houden en de middelen daar tegen af te wegen, hoort zichzelf ook vooraf af te vragen wat de condities zijn waaronder die steun voluit kan worden gegeven. Regering en parlement hebben dat de afgelopen weken zorgvuldig en gewetensvol gedaan en die condities staan nog steeds: acties van welke aard dan ook moeten gericht zijn, proportioneel, precies en in overeenstemming met het doel. Zij moeten de burgerbevolking ontzien en bijdragen aan een perspectief op een betere toekomst voor zowel de Afghaanse bevolking als voor de wereld die lijdt onder de angst voor terreur en instabiliteit. Voor zover wij kunnen overzien beantwoordt het optreden van de VS en het VK aan deze criteria en is onze steun dus gerechtvaardigd.

Het is nu van het grootste belang dat het optreden van de internationale coalitie zich niet alleen richt op het verzwakken en afbreken van het Al Qaeda-netwerk en het Taliban-regime dat de terreur beschermt en faciliteert, maar ook op een perspectief voor de miljoenen onschuldige Afghaanse burgers, die al jaren lijden onder absolute wreedheden en onrecht en nu massaal van huis en haard zijn verdreven. Voedseldroppings zijn goed en symbolisch van grote waarde, maar vormen geen antwoord op de vraag naar een betere toekomst. De westerse wereld zal moeten bijdragen aan fatsoenlijke opvang in de regio en aan de wederopbouw van een land dat al decennia lijdt onder de verschrikkingen van machtspolitiek en ideologisch geweld. Afghanistan aan zijn lot overlaten als de terroristen zijn verdreven of Bin Laden is gepakt, zou simpelweg een schande zijn. Het internationale optreden zal bovendien moeten bijdragen aan een nieuwe balans, een nieuw evenwicht in de wereld in plaats van voeding geven aan instabiliteit, onrust en frustratie. Ook dat is allemaal nog zeer onzeker.
Collega Van Middelkoop sprak in de pers over een "bang avontuur" en ik kan dat gevoel begrijpen. Amerika is in de wereld als enige supermacht en als drager van de westerse economie weliswaar overal gerespecteerd, maar daarmee nog niet overal geliefd. In een aantal landen is zelfs dat een understatement. Internationaal optreden onder aanvoering van de VS kan gemakkelijk worden uitgelegd als nieuwe vormen van suprematie en machtsvertoon en onbedoeld krachten oproepen die onrust, geweld en escalatie veroorzaken. Het gevaar is groot dat Bin Laden door grote massa's niet wordt gezien als de terreurmisdadiger die hij is, maar als een martelaar van het ware geloof, die strijdt tegen onrecht en onderdrukking. Het is de opdracht van de hele wereld en van de Amerikanen in de eerste plaats om daar een antwoord op te vinden. Bommen en brood zijn daarvoor niet voldoende. Zowel het verdere verloop van de acties als de Amerikaanse en westerse buitenlandse politiek zullen in het teken moeten staan van internationale rust en het bieden van perspectief op een betere toekomst. Amerika vraagt terecht om grote solidariteit van de wereldgemeenschap na de verschrikkelijke aanslagen van 11 september. De wereld geeft terecht die solidariteit, het is ook ons belang. Maar de keerzijde is dat ook van Amerika meer dan in het verleden grote solidariteit mag worden gevraagd met de wereldgemeenschap in vraagstukken die bepalend zijn voor de gemeenschappelijke toekomst van het westen en het oosten, van het noorden en het zuiden. Armoedebestrijding, verbetering van de gezondheidszorg en welvaart, een evenwichtige benadering van het Midden-Oosten conflict, wapenbeheersing deelname aan het internationale strafhof en een volwaardige bijdrage aan milieu en klimaat, allemaal voorbeelden van de grote verantwoordelijkheid die op de schouders van de VS rust. In de toekomst zal er geen plaats kunnen zijn voor het eenzijdig veiligstellen van het eigen belang. De fractie van D66 steunt de regering in het ingenomen standpunt en de steun die zij heeft uitgesproken aan het internationaal optreden, zowel in als buiten NAVO-verband. Drie weken geleden hebben wij al het vertrouwen gegeven aan de regering voor die situaties waarin de Kamer niet in staat is te worden geïnformeerd en te worden geconsulteerd. Die situaties kunnen zich voordoen en dan moet de regering naar goed inzicht en met wijsheid kunnen handelen. Dat wil niet zeggen dat het parlement daarmee zijn rechten verliest, integendeel. Vooral in onzekere tijden zijn de waarborgen van democratie belangrijk en onontbeerlijk. Vooral in onzekere tijden zijn mensen bang en vragen zij zich af wat er gebeurt en waarom dat moet gebeuren. Openheid, maximaal informeren en draagvlak behouden zijn dan essentieel. De Kamer speelt daar een belangrijke rol in en hoort dat ook te doen. Om die reden heb ik de afgelopen weken een en ander maal aangedrongen op goede, adequate en ruimhartige informatieverstrekking aan de Kamer, waar nodig vertrouwelijk en via de meest geëigende kanalen. Een al te formalistische opstelling van de minister van Buitenlandse Zaken draagt hier niet aan bij.

De brief die wij enkele uren geleden van de regering kregen over de actuele situatie onderstreept de positie die Nederland tot dusverre heeft ingenomen. In deze brief wordt duidelijk dat er nog geen concrete verzoeken zijn voor een militaire bijdrage aan operaties in de Afghaanse regio of elders. Niettemin schrijft de regering dat inmiddels wel op militair niveau besprekingen worden gevoerd met Amerika. Ik leid hieruit af dat de kans reëel is dat Nederland een concrete bijdrage wordt gevraagd en ook zal leveren. Ik vraag de ministers dat te bevestigen en indien mogelijk toe te lichten. In de tweede plaats vraag ik de regering in te gaan op de berichten dat de VS zich in de zeer nabije toekomst ook militair willen richten op terroristische bases in andere landen dan Afghanistan. Zijn dergelijke voornemens inderdaad geuit in het verband van de VN (Veiligheidsraad)? Ik ga er van uit dat dergelijke besluiten niet lichtvaardig worden genomen en niet dan na consultatie. Ook hier past en eigen oordeel en een eigen afweging van de regering. Ik vraag de regering hier op een geëigend moment op in te gaan.

Tot slot enkele opmerkingen over de gevolgen van de internationale situatie voor ons eigen land. Ook daar passen beheersing, verstandig handelen en voorkomen van spanningen. Het komt mij risicovol voor om plotseling te gaan pleiten voor een ander, strenger integratiebeleid als gevolg van de aanslagen en de reactie daarop. Dat kan wel eens een te gemakkelijk antwoord zijn, dat bovendien de vraag oproept of in de voorgaande jaren het inzicht in de voorwaarden voor een goede integratie soms ontbrak. Ook hier is eerder bezinning nodig dan snelle statements.

Het actieplan terrorismebestrijding en veiligheid dat de regering afgelopen vrijdag presenteerde heeft de instemming van D66. Het bedrag dat daarvoor moet worden vrij gemaakt is nog onduidelijk en behoeft nadere toelichting. Het is logisch dat voor de noodzakelijke extra middelen de uitgavenreserve wordt aangewend. Het actieplan leidt nog wel tot een aantal vragen, die naar ik aanneem nog nader tussen kabinet en Kamer zullen worden besproken. Op sommige punten lijkt Nederland niet erg snel te lopen. Pas over drie maanden zal uitvoerings- en goedkeuringswetgeving voor gezamenlijke onderzoeksteams in Heuvelrand voor advies naar de Raad van State gaan. Ik noem maar een voorbeeld. Kan dat niet sneller? Het actieplan vermeldt ook dat de samenwerking tussen BVD en Europese zusterdiensten nu zal worden geïntensiveerd Dit roept vanzelfsprekend de vraag op of tot op heden het aan deze samenwerking heeft geschort. De uitbreiding van veiligheidsdiensten, Marechaussee en politieonderdelen is noodzakelijk. Vooralsnog zal echter moeten worden gewerkt met de staande bezetting. Welke risico's zijn daar aan verbonden. In het bijzonder vraag ik naar de effecten van verhoogde politie-inzet rond de terreurdreigingen voor het andere politiewerk en hoe de minister van BZK kan voorkomen dat de gewone veiligheid en het gewone belangrijke politiewerk daaronder gaan lijden.
De beveiliging van Schiphol blijft in onze ogen nog steeds zorgelijk. Wij wachten nog op het oordeel van het kabinet over de wenselijkheid van het doorzetten van de privatisering van de beveiligingstaken op Schiphol. Ik wil de regering in overweging geven voorlopig van behandeling af te zien. In de tweede plaats heb ik de concrete vraag waarom wij zouden moeten afwachten wat internationaal overleg oplevert over 100% controle van de ruimbagage. Waarom kan Nederland niet zelfstandig besluiten de ruimbagage op Schiphol voortaan niet steekproefsgewijs maar volledig te controleren? Veiligheid vraagt offers.

Thom de Graaf

Zie ook: Eerste reactie Thom de Graaf 08-10-2001 D66 steunt aanvallen in Afghanistan

Deel: ' Kamerdebat over militaire acties in Afghanistan '




Lees ook