Tweede Kamer der Staten Generaal


26814vra.gen vragen positie van alphahulpen
Gemaakt: 24-2-2000 tijd: 14:40


26814 positie alphahulpen

VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG

Vastgesteld 2000

In de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport bestond er bij enkele fracties behoefte een aantal vragen ter beantwoording voor te leggen aan de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over haar brief van 23 december 1999 inzake de positie van alphahulpen (26 814, nr. 6).

Deze vragen zijn met de bij brief van toegezonden ...........hieronder afgedrukt.
Vragen PvdA -fractie


1.

Is het duale systeem een overgangsmaatregel? Zo ja, is de staatssecretaris bereid de Kamer een notitie te doen toekomen waarin een tijdpad en maatregelen zijn aangegeven die ertoe leiden dat alphahulpen toegroeien naar volwaardige CAO-banen? Zo nee, kan de staatssecretaris uiteenzetten hoe zij, redenerend vanuit het gegeven dat alphahulpen mede uit hun vak uitstromen vanwege gebrek aan ondersteuning, perspectief, en scholing, denkt via het duale systeem tot een positie van alphahulpen te komen die op de krappe arbeidsmarkt voldoende concurrerend is om de hulpen te behouden voor de zorg?


2.

Is er inmiddels overeenstemming met de vakbonden bereikt over het plaatsen van alphahulpen in schaal 1 van de CAO-thuiszorg? Zo nee, wat weerhoudt de vakbonden ervan met deze inschaling akkoord te gaan?


3.

Er wordt gesteld dat het CTG-tarief zal bestaan uit een mix van de kosten van de alphahulp en de CAO-hulp uit schaal 1. Door een scherpe calculatie zal dat meer richting alphahulptarief dan richting het huidige thuishulptarief uit moeten komen. Kunt u uw redenering nader toelichten? Wordt met deze invalshoek voor de keuze van een tarief voldoende gewaarborgd dat er voldoende scholing, begeleiding en andere noodzakelijke beroepsvoorwaarden geboden kunnen worden door de thuiszorginstellingen? Kunt u dit nader uitleggen?


4.

Kan bij de keuze voor een duaal systeem worden ingegaan op de derde mogelijkheid, aangegeven door de aangenomen motie Van Vliet om de wachtlijsten(eenvoudige) thuiszorg op te lossen door de geïndiceerden daartoe een budget te geven. Hoe staat het met de uitvoering van deze motie en hoe zou het budget gerelateerd moeten worden aan de verhoogde alphahulpbeloning c.q. CAO-CTG-tarief?


5.

Kan worden aangegeven wat het voornemen tot het optrekken van het tarief alphahulp c.q. het creëren van de (laagste) CAO (ex-alphahulp) inschaling voor consequenties kan hebben voor het laagste PGB budget V&V?


6.

Is er een onderliggend stuk waarin «de wens van de alphahulpen» kenbaar wordt gemaakt? Zo ja, kan dat als bijlage bij de antwoorden worden meegezonden?

Zo nee, hoe is die wens van de alphahulpen gepeild? Hoe representatief is dit?


7.

Hoe groot is het tekort aan alphahulpen thans? Kan dit tekort als «meet-nul-punt» gebruikt worden om mogelijke effecten van het nieuwe fiscale stelsel goed te kunnen volgen en zo nee, is er het voornemen alsnog een nulpunt-meting uit te voeren?


8.

Wat is in guldens thans:

? de beloning voor alphahulp;

? het maximumbedrag schaal 1 van de CAO-thuiszorg, en

? het gemiddelde loon van CAO-hulp in schaal 1 en het loon van een thuishulp A?

Kan voor elk van de soorten ook worden aangegeven wat het bruto kost? (CTG-tarief)


9.

Wordt door het optrekken van de beloning voor de klassieke alphahulp naar het maximumbedrag van schaal 1 van de CAO-thuiszorg de voorziene financiële achteruitgang volledig gecompenseerd?


10.

Kan inzicht worden gegeven wat de budgettaire gevolgen zijn indien respectievelijk 25%, 50 %, 75% en 100% van de huidige ca. 67.000 alphahelpers kiezen voor de mogelijkheid tot een verhoogd alphahulploon? Idem, indien respectievelijk 25%, 50%, 75% en 100% ervoor kiest toe te treden tot de reguliere CAO-hulp?


11.

Wie heeft de regie en verantwoordelijkheid voor een adequate voorlichting van de huidige werknemers in de alphahulp over de ophanden zijnde veranderingen, de keuzemogelijkheid en de financiële en rechtspositionele consequenties?

Wie betaalt die adequate voorlichting aan maarliefst ca. 67.000 alphahelpers van verschillende opleidingsniveaus en vanuit verschillende taalachtergronden?


12.

Wanneer is de uiterste datum voor de alphahulp waarop gekozen moet worden voor het model CAO-hulp, opdat werkgevers dat nog technisch correct kunnen verwerken?


13.

Is er rekening gehouden met de extra administratieve en managementkosten voor de werkgever bij een aanzienlijke toestroom van ex-alphahulpen naar de CAO-hulp?

Worden de ex-alphahulpen in deze optiek volwaardige reguliere werknemers van de thuiszorginstellingen en zullen zij ook premieplichtig en de werkgevers premie-afdrachtplichtig zijn?

Hoe kan voorkomen worden dat de extra administratieve- en managementkosten negatieve gevolgen genereren voor het volume?


14.

Kan worden onderbouwd waarom het aparte (nieuwe) CTG-tarief voor de voormalige alphahulp aanzienlijk lager «kan en moet» uitvallen dan het huidige tarief voor de thuishulp A?


15.

Wat is het voordeel voor een voormalige alphahulp om toe te treden als werknemer van een thuiszorginstelling, wat is het verschil met het werk en de verantwoordelijkheid van de voormalige alphahulp-CAO-hulp en de (duurdere) thuishulp A en waarom zou een voormalige alphahulp als ze in het nieuwe stelsel voor het CAO-traject kiezen niet gelijk opteren als thuishulp A te gaan werken?
Vragen CDA-fractie


16.

Zowel in de notitie als in de brief van de staatssecretaris wordt gesproken over de inkomenspositie van alphahulpen met een partner vóór en na de belasting-herziening. Kan de staatssecretaris toelichten wat de situatie is voor alphahulpen zonder partner?


17.

Kan een rekenvoorbeeld van het netto-inkomen in de nieuwe situatie gegeven worden t.o.v. de huidige situatie van een alphahulp die geen werknemer wordt als zij 2, 5 of 10 uur per week werkt? Waarvoor is zij dan wel en niet verzekerd en bouwt zij wel of niet pensioen op? Wat zijn de netto-inkomens in oude en nieuwe situatie? Wat zijn de totale loonkosten in de oude en nieuwe situatie?


18.

Kan een rekenvoorbeeld van het netto-inkomen in de nieuwe situatie gegeven worden t.o.v. de huidige situatie van een alphahulp die wel werknemer wordt als zij 2,5 of 10 uur per week werkt. Waarvoor is zij dan wel en niet verzekerd en bouwt zij wel of niet pensioen op? Wat zijn de netto-inkomens in oude en nieuwe situatie? Wat zijn de totale loonkosten in de oude en nieuwe situatie? Is hierbij ook pensioenopbouw meegenomen?


19.

Is het duale systeem een definitieve keuze of wordt er naar gestreefd binnen afzienbare tijd uiteindelijk tot één stelsel over te gaan? Zo ja, wat zijn dan de gevolgen voor degenen die van het ene naar het andere systeem over zullen moeten gaan?


20.

Hoe is de aansprakelijkheid van alphahulpen op grond van de ARBO-wet geregeld?


21.

Is het waar dat zorgvragers aansprakelijk kunnen worden gesteld voor schade veroorzaakt door alphahulpen? Wordt eventuele schade vergoed via de WA-verzekering van de zorgvragende? Bent u bereid om hier, in het kader van de herdefiniëring van de positie van alphahulpen, aandacht aan te besteden? Is het bijvoorbeeld mogelijk alphahulpen onder de collectieve aansprakelijkheids-verzekering van de thuiszorgorganisatie te brengen?


22.

Is het waar dat de zorgvrager verantwoordelijk is voor het nakomen van de eisen van de arbowet ten gunste van de alphahulp? Zo ja, hoe kunnen de alphahulp goede arbeidsomstandigheden worden geboden, zonder de zorgvrager onnodig zwaar te belasten?


23.

Hoe kan een eventuele grote(re) toeloop van CAO-hulpen door de thuiszorgorganisaties worden opgevangen?


24.

Waarom kunnen werkgevers in de thuiszorg de opname van 67.000 werknemers niet aan, mede gezien de voorbereidingstijd van een jaar? Waarom heeft dit bezwaar kennelijk niet geleid tot eerdere besluitvorming is het kabinet omtrent de rechtspositie van alphahulpen?


25.

Is het waar dat de CAO-hulp, afgezien van de hoogte van de verdienste voor het overige, dezelfde rechten en plichten krijgt op het gebied van sociale zekerheid, pensioenopbouw en fiscaliteit als andere werknemers van thuiszorginstellingen?


26.

Hoe wordt het uitgangspunt dat er een concurrerende rechtspositie en een concurrerende inkomenspositie geboden moet worden met deze voorstellen verwezenlijkt?


27.

Op welke punten vormen alphahulpen statistisch gezien geen groot risico en waarop is dit gebaseerd, aangezien ze nu niet verzekerd zijn?


28.

Zal voor de alphahulp die ervoor kiest werknemer te worden de opbouw van rechten WW, WAO en pensioen vanaf 1 januari 2001 beginnen of vanaf het moment dat deze als alphahulp begon te werken?


29.

Zullen alphahulpen die werknemer worden wel en alphahulpen die de huishoudconstructie handhaven geen pensioen opbouwen? Zal voor alphahulpen die werknemer worden wel de ontslagwetgeving gelden doch niet voor alphahulpen die dat niet worden niet? Kan een overzicht van de verschillen in rechtspositie gegeven worden?


30.

Onder welke doelgroepen zal geworven worden? Hoeveel werknemers zullen naar verwachting hierbij worden geworven?


31.

Kan worden aangegeven wat wordt verstaan onder de «scherpe calculatie van

tarieven»?


32.

Kan worden aangeduid waar het benodigde bedrag van f. 20 mln. vrijgemaakt zou kunnen worden?


33.

Kan de staatssecretaris een kostenplaatje presenteren waarin vermeld wordt wat de beraamde totale kosten zijn en hoe het duale stelsel gefinancierd zal worden?

Kan een toelichting gegeven worden op de stelling dat de keuze voor het duale stelsel financieel inpasbaar is?


34.

Hoe kan een eventuele kostenoverschrijding worden opgevangen ingeval veel meer alphahulpen dan geraamd binnen het duale stelsel kiezen voor de optie «CAO-hulp»?


35.

Wat bedoelt de staatssecretaris met «kostenverschuiving» in het kader van de kosten en dekking van het duale stelsel?


36.

Is het waar dat het CTG-tarief voor zowel de alpha-hulp als de CAO-hulp één en hetzelfde zal zijn?


37.

Waarom is er voor gekozen de keuzemogelijkheid ook aan mensen die na 1 januari 2001 als alphahulp gaan werken te bieden? Waarom is er niet voor gekozen de optie van de huidige huishoudconstructie alleen als overgangsmaatregel voor mensen die het werk nu al doen in stand te houden?


38.

Hoe hoog zal naar verwachting het CTG-tarief zijn? Hoe reëel is de schatting van het FNV dat het rond de f 35,- zou moeten liggen?


39.

Hoeveel alphahulpen zullen naar verwachting hun huidige situatie willen continueren? Hoe wordt de situatie ingeschat dat thuiszorginstelling druk op de alphahulpen zullen leggen om de huishoudconstructie te handhaven, omdat het voor de werkgevers minder rompslomp en geld kost? Is onderzocht hoeveel alphahulpen de wens hebben?


40.

Zal tussen de verschillende fondsen die onder de ijklijn SZA vallen, geschoven gaan worden? Zo ja, op welke wijze?


41.

Hoe wordt de voorziene uitbreiding van de capaciteit van de ondersteuning bij eenvoudige, huishoudelijke arbeid verwezenlijkt?


42.

Is het mogelijk de alphahulpen in de toekomst via een bepaalde regeling tegemoet te

komen bij eventuele vraag om kinderopvang of reiskostenvergoeding?


43.

Hoe worden de belangen van alphahulpen behartigd in het overleg over het nieuwe

stelsel?


44.

Is er rekening mee gehouden dat de voorgestelde wijziging in rechtspositie ook tot extra uitkeringen zal kunnen leiden? Zo ja, op hoeveel extra is gerekend?


45.

Wanneer zal naar verwachting overeenstemming met sociale partners en het CTG bereikt zijn? Wanneer is definitieve besluitvorming noodzakelijk, gezien de voorbereidingstijd? Op welke wijze zal de Kamer betrokken worden bij de besluitvorming?
Vragen D66-fractie


46.

Bij de behandeling van het belastingplan 21e eeuw is besloten een overgangsmaatregel te treffen van 5 jaren voor alphahulpen. Kan er een overzicht per jaar worden gegeven van de consequenties voor alphahulpen afgezet tegen de budgettaire consequenties voor de thuiszorg?


47.

Wordt ook getracht om alphahulpen te motiveren om meer uren te gaan werken dan zij nu doen, mede in het licht van het tekort aan huishoudelijke hulp in de thuiszorg? Wat doet de regering om alphahulpen te motiveren om meer uren te gaan werken?


48.

Wordt het gekozen duale systeem voor onbepaalde tijd gehanteerd of is het systeem eindig? Wat is hiervan de reden?


49.

De alphahulp kan kiezen uit twee mogelijkheden. Is een eenmaal gemaakte keuze definitief of mag er (jaarlijks) gewisseld worden tussen beide constructies?


50.

De alphahulpen die kiezen voor het werknemerschap in de thuiszorginstelling worden ingeschaald in schaal 1 CAO-Thuiszorg. Zullen deze alphahulpen ook een opleiding moeten volgen om te voldoen aan kwalificatieniveau 1? Zo niet, waarom niet?


51.

Wat is de visie van de regering ten aanzien van het advies van de Commissie Verzorging 1995 om elke werkende in de zorg een opleiding op maximaal drie niveaus te laten krijgen? Welke consequenties heeft deze visie voor de alphahulpen na 2001 en welke maatregelen zal de regering concreet treffen?


52.

Waarom is er in deze notitie gekozen voor het duale stelsel en niet voor de derde mogelijkheid, namelijk het verstrekken van budget aan geïndiceerden voor huishoudelijke hulp (motie-Van Vliet)? Hoe staat het met de voortgang van dit experiment en welke consequenties kan dit experiment hebben voor alphahulpen na 2001?
Vragen GroenLinksfractie


53.

Kan een overzicht worden gegeven van de wijzigingen vanwege het nieuwe belastingstelsel die van invloed zijn op de financiele positie van de alphahulpen en de daarbij behorende inkomenseffecten voor alphahulpen?


54.

Welke effecten op het aanbod van alphahulpen op de arbeidsmarkt zijn te verwachten als gevolg van het nieuwe belastingplan en het invoeren van een duaal stelsel? Welke maatregelen worden overwogen om een eventueel tekort aan alphahulpen op te lossen?


55.

Kan een overzicht gegeven worden van de lonen van schaal 1 Thuiszorg? Welke salarisverschillen zijn te verwachten tussen de alphahulpen en de alphahulpen met een CAO?


56.

Wat is het precieze tarief dat het CTG voor de alphahulp nieuwe stijl en de CAO-hulp heeft vastgesteld? Is het tarief dekkend voor de kosten voor thuiszorgorganisaties? Is het mogelijk met dit tarief ook arbeidsvoorwaarden als werkondersteuning, kinderopvang en scholing aan te bieden?


57.

Kan een overzicht worden gegeven van de precieze kosten van het duale stelsel en de financiele dekking van dez kosten?


58.

Is er al overleg geweest met «betrokkenen» (sociale partners) en wat is hiervan de uitkomst?


59.

Welke maatregelen worden overwogen om het vak van alphahulp aantrekkelijker te maken zodat meer mensen instromen? Welke maatregelen worden overwogen om de al werkende alphahulpen meer uren te laten werken?


60.

Waarom is niet gekozen voor een overgangsfase waarin het duale systeem kan toegroeien naar een volledig CAO-systeem en waarin de voordelen van de alphahulpconstructie, zoals flexibele arbeidstijden, worden ingebouwd in de thuiszorginstelling?


61.

Waarom is niet gekozen voor een algemeen verbindend verklaren van de CAO voor alle alphahulpen? Hoe beoordeelt u het onder de CAO brengen van de mensen die voor een werkgever met een PGB werken? Vragen SP-fractie


62.

Het duale systeem dat de staatssecretaris voorstelt leidt enerzijds tot hogere kosten voor de hulpverleningsvorm en anderzijds tot hogere ontvangsten aan belastingen. Hoe schat de staatssecretaris de balans tussen de beide vermoedelijke bedragen in? Is zij bereid de hogere belastingontvangsten in te zetten voor het financieren van de hogere kosten?


63.

Er wordt een nieuw, hoger CTG-tarief voorgesteld dat een mix moet zijn van de kosten van de alphahulp en de CAO-hulp uit schaal 1. Door een scherpe calculatie zal dat meer richting het huidige alphahulptarief dan richting het huidige huishulptarief uit moeten kunnen komen. Wat wordt bedoeld met `een scherpe calculatie'? Is deze calculatie gebaseerd op de verwachting dat velen ervoor zullen kiezen alphahulp te blijven of te worden waardoor een groot aantal mensen zal werken voor een prijs die lager uitvalt dan het CTG-tarief en de gemiddelde kosten die van de huidige alphahulp zullen benaderen? Hoe zal volgens het kabinet de verhouding tussen het aantal alphahulpen en het aantal CAO-hulpen komen te liggen?


64.

Zijn de lagere kosten van een alphahulp ten opzichte van bijvoorbeeld een thuishulp A of een CAO-hulp het gevolg van een aantal nadelen voor de alphahulp zoals twee wachtdagen bij ziekte en het niet ontvangen van scholing? Kan een alphahulp niet beter worden aangemerkt als een volwaardige arbeidskracht die recht zou moeten hebben op deze en andere zaken?


65.

Waarom wordt niet gekozen voor een `sterfhuisconstructie' waarin de huidige alphahulpen kunnen kiezen voor het handhaven van hun huidige situatie danwel in dienst te treden van een thuiszorginstelling en volgens de CAO te gaan werken, terwijl voor nieuwe werknemers alleen de laatste optie open blijft? Denkt de staatssecretaris dat deze constructie een kwaliteitsverbetering tot gevolg zal hebben aangezien werknemers in dienst van de thuiszorginstelling ook geschoold worden?


66.

Het nieuwe CTG-tarief moet en kan volgens de staatssecretaris aanzienlijk lager uitvallen dat het huidige tarief voor de thuishulp A. Hoe verhoudt dit streven zich met de voorgestelde beloningen van alphahulpen en CAO-hulpen van 127% WML en 100%-127% WML? Denkt u met deze tarieven een aantrekkelijk salaris te hebben gecreëerd zodat meer mensen voor een baan in de zorg zullen kiezen en de wachtlijsten voor thuiszorg kunnen worden opgelost?


67.

De hieruit voortvloeiende kostenstijging c.q. kostenverschuiving zal door een inspanning van alle betrokken partijen worden gedekt c.q. opgevangen. Welke partijen worden hiermee bedoeld? Vallen hieronder ook de mensen die thuishulp ontvangen of gaan ontvangen? Zo ja, vindt de staatssecretaris het redelijk om van hen een hogere eigen bijdrage te vragen, vooral gezien het feit dat velen van hen al tot de laagste inkomensgroepen behoren?


68.

In paragraaf 3 wordt schaal 1 van de CAO thuiszorg gedefinieerd als ca
100% WML - ca 127% WML, terwijl in paragraaf 4 onder punt e. dezelfde schaal wordt gedefinieerd als ca 103% WML - ca 127% WML. Wat is het exacte percentage?


69.

De staatssecretaris stelt voor om alphahulpen die kiezen voor een dienstverband met een thuiszorginstelling, in te schalen op schaal 1 van de CAO thuiszorg, welke loopt van 100% WML tot 127% WML. Worden alle voormalige alphahulpen bij indiensttreding ingeschaald op de onderste trede, of zijn factoren als bijvoorbeeld het aantal jaren dat men al werkzaam is als alphahulp, hierop van invloed?


70.

Kan een compleet overzicht gegeven worden van het netto jaarsalaris dat een alphahulp nu verdient (inclusief het belastingvoordeel) en hoeveel die zelfde alphahulp gaat verdienen onder de nieuwe situatie met een salaris van 127% WML, uitgesplitst in de verschillende aantallen uren die alphahulpen werken, d.w.z. van drie uren per week tot en met ca. tien uren per week?

De staatssecretaris beschouwt in haar berekeningen de alphahulpen en hun partners als tweeverdieners met allebei een looninkomen. Wat verandert er voor gezinnen waarin de ene partner alphahulp is en de ander een (kleine) zelfstandige? Wat verandert er voor gezinnen waar de ene partner een uitkering ontvangt, bijvoorbeeld WAO, WW of AOW en de andere partner werkzaam is als alphahulp? Wat is voor die alphahulpen de meest voordelige keuze, in dienst treden van de thuiszorginstelling of alphahulp blijven?


71.

De LVT begroot de extra overheadkosten voor onder andere scholing van werknemers met een contract van weinig uren op een totaal van f. 272 mln. per jaar en voorspelt dat dit ten koste zal gaan van het zorgvolume bij de instellingen voor thuiszorg. Hoe schat de staatssecretaris deze kosten in, en welke berekeningen worden daarbij gehanteerd? Is de staatssecretaris bereid deze kosten op zich te nemen?


72.

Uit tabel 2 (integrale notitie blz. 16) blijkt dat de kleinste contracten er procentueel het meest op vooruit gaan (4,4% bij een werkweek van 4 uur, 2,8% bij een werkweek van 5,4 uur en een achteruitgang voor degene die een werkweek heeft van tien uur). Hoe verhoudt zich dat met het streven om de wachtlijsten voor de thuiszorg op te lossen? Denkt de staatssecretaris dat het een stap in de goede richting zou zijn wanneer mensen met kleine contracten juist worden gestimuleerd tot een uitbreiding van het te werken aantal uren?

De voorzitter van de commissie,

Essers

De griffier van de commissie,

Teunissen

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

Deel: ' Kamervragen positie van Alphahulpen '




Lees ook