Ministerie van VWS


Kleine zelfstandigen in de ziekenfondsverzekering

Vrijdag 21 mei 1999, persbericht nummer 50

Vandaag is het voorstel van minister Borst van Volksgezondheid, Welzijn en Sport om zelfstandigen met een belastbaar inkomen tot f 41.200 onder de ziekenfonds-verzekering te brengen aan de Tweede Kamer gezonden. Deze maatregel was aangekondigd in het Regeerakkoord. Het onderbrengen van zelfstandigen in de ziekenfondsverzekering heeft als doel de kosten voor ziektekostenverzekering van zelfstandigen meer in overeenstemming te brengen met hun financiële draagkracht.

De verzekeringssituatie voor de ziektekosten van zelfstandigen, in het bijzonder die met een bescheiden inkomen, is een probleem geworden sinds het afschaffen van de vrijwillige ziekenfondsverzekering in 1986. Tot die tijd konden verschillende groepen die niet tot de hogere inkomenscategorieën behoorden, een vrijwillige ziekenfondsverzeke-ring afsluiten. De premie hiervoor was weliswaar niet inkomensafhankelijk, maar werd betaalbaar gehouden, onder andere door middel van rijksbijdragen. Sinds het wegvallen van deze verzekeringsmogelijkheid is het in toenemende mate als een knelpunt ervaren dat kleine zelfstandigen geen gegarandeerde toegang hebben tot een volledige ziektekostenverzekering tegen een aan het inkomen gerelateerde premie.

Het onder de ziekenfondsverzekering brengen van kleine zelfstandigen beoogt dan ook om de premielasten van ondernemers meer in overeenstemming te brengen met de premielasten van werknemers. Een groot deel van de zelfstandigen, zoals alleen-staanden met een gering belastbaar inkomen en zelfstandigen met medeverzekerde gezinsleden zullen een positief inkomenseffect van deze maatregel ondervinden.

In het voorstel van minister Borst wordt een zelfstandige die winst uit onderneming geniet en een belastbaar inkomen heeft beneden een bepaalde jaarlijks vastgestelde grens, ziekenfondsverzekerd.
De belastingdienst zal jaarlijks vaststellen of iemand aan die voorwaarden voldoet en zal de ziekenfondspremie gaan heffen. Het inkomen dat in aanmerking wordt genomen is het gemiddelde belastbaar inkomen over drie jaren. De praktijk leert dat het inkomen van een zelfstandige meer fluctueert dan dat van bijvoorbeeld een werknemer.
Het is een gegeven dat met name in de agrarische sector de inkomens van jaar tot jaar fors kunnen verschillen. Zonder nadere regeling zou het als gevolg hiervan kunnen voorkomen dat een zelfstandige het ene jaar ziekenfondsverzekerd is en het andere jaar aangewezen is op een particuliere ziektekostenverzekering. Voor de betrokken zelfstandige kan dit grote gevolgen hebben. Voor startende ondernemers zal een afwijkende regeling gaan gelden. Wanneer een zelfstandige vanwege de hoogte van zijn belastbaar inkomen niet ziekenfondsverzekerd is, dan zal hij ook niet op een andere grond, bijvoorbeeld als werknemer of uitkeringsgerechtigde, ziekenfondsverzekerd zijn.
Ziekenfondsverzekerde zelfstandigen betalen, evenals ziekenfondsverzekerde werknemers, naast procentuele ziekenfondspremie over het premie-inkomen, een nominale ziekenfondspremie. De procentuele premie zal verschuldigd zijn over het belastbare inkomen waarbij het bedrag van de inkomensgrens voor zelfstandigen tevens de maximale premiegrondslag is.

Verder is er voor gekozen om de bestaande verhouding tussen de collectieve en de particuliere ziektekostenverzekering op de verzekeringsmarkt te handhaven. Daarom wordt voorgesteld om ziekenfondsverzekerde werknemers met een relatief hoog inkomen te laten uitstromen naar de particuliere markt.

De regering richt haar inspanningen op inwerkingtreding van het voorstel per 1 januari 2000.

Deel: ' Kleine zelfstandigen in de ziekenfondsverzekering '




Lees ook