RPF

Paars langs de Grondwet
Samenvatting speech Leen Van Dijke
(persbericht, 21 september 1999)

Paars II is steeds onzekerder over de taak van de overheid in deze tijd. De coalitie heeft behoefte aan een duidelijke politieke agenda, maar slaagt er niet in deze op te stellen. De RPF adviseert het kabinet daarom om de Grondwet er maar eens bij te pakken. In de Grondwet is die politieke agenda voor de 21ste eeuw gewoon terug te vinden.

Aan de hand van de Grondwet houdt de RPF-fractie het kabinet de volgende agendapunten voor om nu eens echt aan te werken:


1. De overheid draagt zorg voor de bestaanszekerheid en spreiding van de welvaart (artikel 20 Grondwet).

Er zijn sociale maatregelen nodig die toegespitst zijn op die situaties waarin de noden het hoogst zijn. De RPF wil daarom een inkomensafhankelijke kop bovenop de Kinderbijslag, die geleidelijk afneemt naarmate het inkomen hoger wordt. Alle inkomensafhankeleijke regelingen die samenhangen met kinderen kunnen daarin worden samengebracht. Daarnaast is een substantiële verlaging van het schoolgeld nodig.

De RPF wil het kabinet uitnodigen om een fundamenteel inkomensdebat aan te gaan, om opnieuw te definieren hoe hoog het sociaal minimum nu eigenlijk moet zijn om de `noodzakelijke' kosten van het bestaan te dragen, zonder dat vanuit de bijzondere bijstand en andere potjes nog allerlei extra ondersteuning nodig is. Al die extra potjes versterken de loketafhankelijkheid en dat is onwenselijk.

De stille armoede onder agrarische gezinnen behoort ook een zorg voor de overheid te zijn. De crisis op het platteland schreeuwt niet om nog lagere productprijzen, maar om onze gezamenlijke verantwoordelijkheid.


2. De overheid moet voldoende werkgelegenheid bevorderen (artikel 19 Grondwet).

Als de overheid deze opdracht waarmaakt, neemt zij geen genoegen nemen met het feit dat mensen niet meer bemiddelbaar zijn, zoals het MKB stelt. De RPF vindt dat we alles op alles moeten zetten om een samenleving te bouwen waarin voor iedereen een volwaardige plaats is. Werknemers uit Polen of Spanje halen, en tegelijkertijd werklozen, ouderen en gedeeltelijk arbeidsongeschikten onbemiddelbaar verklaren, is weglopen voor onze verantwoordelijkheid.


3. De overheid bevordert de ontwikkeling van de internationale rechtsorde

(artikel 90).

De kloof tussen de arme landen en de industrielanden groeit alarmerend. In 1999 is het aantal mensen onder de absolute armoedegrens met 100 miljoen tot liefst 1,5 miljard gestegen. Daarom wil de RPF-fractie 300 miljoen gulden extra uittrekken voor de schuldreductie van Derde Wereldlanden. Het jaar 2000 is daarvoor een uitgelezen moment. Nederland schaart zich daarmee achter de doelstellingen van de internationale campagne Jubilee 2000.

Als het gaat om het defensiebeleid moeten we het woord vredesdividend snel vervangen door het begrip vredesverplichting ten opzichte van het buitenland. Defensie heeft steeds meer moeite daaraan te voldoen. Er moet daarom 300 miljoen aan het budget worden toegevoegd.


4. De overheid treft maatregelen ter bevordering van de volksgezondheid

(artikel 22).

De overheid heeft krachtens dit artikel ook een taak ten opzichte van bijvoorbeeld drugsgebruikers of discogangers en housepartybezoekers die gehoorschade riskeren.. Drugs of houseparties zijn meer dan een openbare orde probleem.

De overheid is daarnaast verantwoordelijk voor de ontwikkelingen op medisch-ethisch gebied. Die verantwoordelijkheid lijkt het kabinet steeds verder van zich af te schuiven. Abortus en euthanasie zijn echter geen oplossing voor de problemen. De jongste voorstellen inzake abortus en euthanasie doen onrecht aan de essentie van het mens-zijn. Ze gaan al lang voorbij het zelfbeschikkingsrecht. Steeds meer wordt de `kwaliteit' van het leven het toetsmoment of een abortusingreep dan wel een levensbeeindigende handeling wordt toegepast. De RPF vindt dat zeer kwalijk. Een mens hoeft zijn bestaan nooit te rechtvaardigen.


5. De overheid draagt zorg voor de bewoonbaarheid van het land en bescherming en verbetering van het leefmilieu (artikel 21).

Hoezeer milieubeleid ook een verantwoordelijkheid van overheid en burgers gezamenlijk is, in veel gevallen is alleen de overheid bevoegd en in staat om noodzakelijke gedragsveranderingen af te dwingen. Om maar een groot milieuprobleem te noemen: alleen de overheid is in staat een doorbraak te forceren om de mobiliteit in schonere en groenere banen te leiden.

Verder roept de RPF-fractie het kabinet op een volgende autoloze zondag met kracht te ondersteunen.

De RPF stelt de introductie voor van een 1-procents BTW-tarief voor milieuvriendelijke producten om deze producten concurrerend te laten zijn met andere producten.

De RPF-fractie trekt naar aanleiding van deze toets van het paarse beleid aan grondwettelijke bepalingen, de volgende conclusies.


1. Het kan beter, en daarom moet het beter. Het kan socialer, groener en rechtvaardiger. De overheid moet zich niet alleen druk maken over economische groei, maar al haar activiteiten dienen in het teken te staan van `zorg voor gewone mensen' (ds Buskes).
2. De overheid moet hart hebben voor mensen. Als de overheid het hart van mensen raakt, dan kan tegen de individualistische en materialistische tijdgeest in, het besef ontstaan gezamenlijk ergens voor te staan. Alleen zo kan de samenleving SAMENleving zijn. Een vraagstuk als de armoede is dan niet een individueel probleem, maar een probleem van ons allen.

De samenleving roept om een richtinggevende overheid. Dat vraagt om een goed orientatiepunt. De Grondwet is daarbij dienstig, maar vraagt wel om een nadere politieke interpretatie. Voor de RPF staat vast dat het Woord van God het beste oriëntatiepunt is bij de zoektocht naar die interpretatie.


Deel: ' Leen Van Dijke (RPF) Paars langs de Grondwet '




Lees ook