Ingezonden persbericht

P E R S B E R I C H T

GLOBALISERING GAAT VAN AU!: DE PARADOX VAN DE LIBERALISERING

DGIS-topman Bram van Ojik houdt 7e lezing in SID-serie "Wereldmarkten - Universele Waarden?"

Rotterdam, 14 september 2001

Profiteren van de vrije wereldmarkt gaat voor arme landen van "au!". Dat komt door "de paradox van de liberalisering" die maakt dat ontwikkelingslanden met een voorsprong bij hun aanpassing aan de markt op een achterstand worden gezet. Overbrugging van die tegenstelling is dé uitdaging voor beleidmakers. Dat stelt topman van het Ministerie van Ontwikkelingssamenwerking Bram van Ojik aanstaande maandag 17 september in zijn inleiding Sturen, Niet Stuiten, of 'Wie is er bang voor de wereldmarkt (en waarom)?' voor de Nederlandse afdeling van de Society for International Development. De lezing is de zevende in de serie "Wereldmarkten - Universele Waarden?" over maatschappelijke en ethische waarden in de internationale economische samenwerking. Plaats: Vrije Universiteit, Amsterdam, 18.00 u.

Globalisering biedt ook de armste wereldburgers nieuwe kansen op ontwikkeling, aldus Van Ojik, Ambassadeur in Algemene Dienst voor Ontwikkelingssamenwerking en adviseur van Minister Herfkens. Versnelde technologische ontwikkeling in het algemeen en de dalende kosten van transport en communicatie in het bijzonder, leiden tot economische groei en toenemende internationale handel. Ook de armen hebben daar baat bij. Snelle daling van de armoede in landen met hoge groei - India, China, Vietnam en Oeganda - getuigt daarvan. Maar tegelijkertijd neemt binnen die landen vaak ook de ongelijkheid toe. Zonder groei en open markten kan er geen sprake zijn van structurele armoedebestrijding. Maar globalisering leidt niet vanzelf tot vermindering van armoede. Dat te denken is naïef.

Ontwikkelingslanden profiteren niet automatisch en onmiddellijk van de liberalisering van de wereldhandel. De import groeit vaak sneller dan de export, de prijs voor exportproducten is relatief laag en import verdringt lokale productie. Werkloosheid is het gevolg. En vreemd genoeg: naarmate landen over een betere sociale en economische infrastructuur beschikken, zal deze negatieve situatie eerder in zijn tegendeel verkeren.

Van Ojik noemt dat de paradox van de liberalisering: hoe verder landen ontwikkeld zijn des te beter kunnen ze het aanpassingsproces aan. Maar ze ontwikkelen zich pas nadat ze zich aan de eisen van de vrije markt hebben kunnen aanpassen. De paradox verklaart ook waarom de globalisering bestaande ongelijkheden - tussen landen en binnen landen - eerder vergroot dan verkleint. Voorsprong wordt beloond, achterstand is een extra handicap. De DGIS-topman acht het dé centrale opgave van beleidsmakers - in rijke en arme landen, en in internationale fora - om die paradox te overwinnen.

Hoe dat kan en wat Nederland daaraan kan doen staat centraal in deze lezing op de dag vóór Prinsjesdag.

Bram van Ojik
Bram van Ojik is Ambassadeur in Algemene Dienst voor Ontwikkelingssamenwerking en adviseur van Minister Herfkens. Voor zijn benoeming was hij drie jaar Directeur Voorlichting van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Van Ojik - ontwikkelingseconoom - is geworteld in de vaderlandse NGO-wereld. Hij werkte voor Amnesty, de NIO-vereniging en Novib en was voorzitter van Milieudefensie. Daarnaast schreef hij als journalist veel over Noord-Zuidvraagstukken en was hij ook politiek actief. Hij was als voorzitter van de PPR betrokken bij de totstandkoming van Groen Links, waarvoor hij midden jaren negentig in de Tweede Kamer zat. Van Ojik publiceerde enige boeken over ontwikkelingssamenwerking, waarvan twee met Max van den Berg.

Deel: ' Lezing Globalisering gaat van au! door DGIS-topman Van Ojik '




Lees ook