Tweede Kamer der Staten Generaal

25422vra.gen vragen inzake opwerking radioactief materiaal Gemaakt: 11-2-2000 tijd: 10:33

1
25 422 Opwerking van radioactief materiaal

Nr. Lijst van vragen en ...........

Vastgesteld 3 februari 2000

De vaste commissie voor Economische Zaken (1), heeft de regering naar aanleiding van het algemeen overleg over de verwerking van gebruikte splijtstoffen uit Nederlandse kerncentrales en het vervoer van radioactief materiaal een aantal vragen voorgelegd. De gestelde vragen en de daarop gegeven .......... zijn hieronder afgedrukt.

De voorzitter van de commissie,

Biesheuvel

De griffier van de commissie,

Tielens-Tripels


1.

De Afdeling Rechtspraak van de Raad van State heeft het verzoek tot schorsing van de vergunningverlening voor de transporten van radioactieve splijtstofelementen door Greenpeace toegewezen. Een van de redenen was dat de route van de transporten vooraf bekend moet zijn. Bij alle voorgaande transporten was de route wel degelijk bekend bij provincies, gemeenten, politie en andere bevoegde instanties. Betekent de uitspraak van de Raad van State dat de route vooraf publiekelijk bekend moet worden gemaakt in de media? En zo ja, wegen de nadelen van de mogelijkheid tot terroristische activiteiten niet zwaarder dan de tot nu toe gevolgde procedure die nooit tot problemen heeft geleid bij alle voorgaande transporten?


2.

Door het tot stilstand komen van de productie van isotopen in Petten als gevolg van het niet meer kunnen opslaan van splijtstofelementen in de reactor zal de behandeling van miljoenen kankerpatienten in Europa en Amerika in gevaar komen. Nu terugsturen op korte termijn van splijtstofelementen naar Amerika niet mogelijk is wil de regering tijdelijk opslaan bij de Covra. Waarom is dit niet eerder gedaan? Ofwel het is absoluut veilig, waarom is dat dan niet eerder gebeurd ofwel het is toch niet zo veilig en waarom gebeurt het nu dan wel? Hanteert de regering verschillende «veiligheidsnormen»?


3.

Tijdens het overleg op 19 januari jl. naar aanleiding van het uitblijven van de vergunningverlening voor de veilige insluiting van Dodewaard zei de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu dat in het kabinet de mogelijkheid wordt besproken eventueel versneld tot ontmanteling van Dodewaard over te gaan. Waarom is dit niet eerder aan de Kamer meegedeeld? Wanneer wordt hierover een kabinetsbesluit verwacht? Hoe zal in geval van een snelle ontmanteling de extra kosten van circa fl. 130 miljoen worden bekostigd? Komt een en ander ten laste van het budget van VROM of van EZ?


4.

In de beantwoording van de kamervragen d.d. 30 november 1999 wordt gesteld dat de MER met betrekking tot de veilige insluiting impliciet aanvaard is. Heeft de regering daarmee niet te kennen gegeven dat de MER is opgesteld overeenkomstig de richtlijnen zoals gesteld door het bevoegd gezag? Of worden nu door de regering alsnog criteria aan de richtlijnen toegevoegd dan wel gewijzigd? En zo ja, welke nieuwe criteria zijn dat en waarop zijn die gebaseerd?


5.

Wil de regering vanaf october 1996 toen werd besloten tot vervroegde buiten bedrijfstelling van de kerncentrale in Dodewaard uiteen zetten welke stappen de overheid heeft genomen, samen met Dodewaard, om de procedure die de buiten bedrijfstelling met zich meebrengt te volgen. Welke aanvragen zijn ingediend, welke beslissingen binnen welke termijnen moesten c.q. werden hierop genomen?


6.

Welke overwegingen liggen ten grondslag aan de mededeling van de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu dat de centrale in Dodewaard zo snel mogelijk ontmanteld zal moeten worden? Welke nieuwe gegevens, anders dan die in 1995, zijn hierbij betrokken?


7.

Welke maatregelen moeten op korte termijn worden genomen als tot directe ontmanteling wordt besloten (b.v. afvoer materiaal, opslag, veiligheid voor omgeving, inzet personeel)?


8.

Welke onderzoeken lopen op dit moment of worden voorgenomen naar een ondergrondse opslag van radioactief afval? Kan daarbij de aard en de omvang worden aangegeven?


9.

Betreffen de opwerkingscontracten met bedrijven in Frankrijk en Engeland alle kernafval afkomstig uit Nederland? Om welke contracttermijnen gaat het hier?


10.

Is het juist dat een groot deel van het in Nederland geproduceerde kernafval nog ligt opgeslagen bij de verwerkingsfabrieken in het buitenland?


11.

Welk internationaal overleg vindt plaats over de verwerking c.q. opslag van kernafval? Wordt er met landen die net als Nederland bezig zijn hun kerncentrales af te bouwen c.q. te ontmantelen overleg gevoerd over de mogelijkheid van gezamenlijke eindopslag?


12.

Kan in het thans in aanbouw zijnde HABOG, evt. met aanpassingen, directe opslag van het kernafval uit Dodewaard plaatsvinden?


13.

De minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu is in het algemeen overleg van 19 januari jl. ingegaan op de extra kosten die zullen ontstaan als de HABOG die nu in aanbouw is, zal moeten worden veranderd in een HABOG die tevens is geschikt voor opslag van gebruikte splijtstofstaven en van geconditioneerde maar niet-opgewerkte afval. Is het technisch gezien ook mogelijk de HABOG die nu in aanbouw is op een eenvoudigere manier aan te passen zodat er geen compleet nieuw ontwerp nodig zal zijn? Is de milieubeweging bereid hier constructief aan mee te werken als dat tot doel heeft te stoppen met de opwerking?


14.

Als Nederland de opwerkingscontracten zou willen verbreken dan is één van de mogelijkheden de weerstand van Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk weg te nemen dat het Nederlandse afval niet wordt opgewerkt maar wél in die landen wordt geconditioneerd. Heeft de regering contact gehad met deze twee landen én de desbetreffende bedrijven om de kansen voor deze optie te verkennen? Zo ja, wat zijn de voorlopige resultaten? Zo nee, waarom niet?


15.

Waarom heeft de regering geen initiatief genomen om met andere landen te kijken naar een gezamenlijke oplossing van een aantal problemen als gevolg van het openbreken van de opwerkingscontracten?


16.

Is de regering alsnog bereid met bijvoorbeeld Duitsland en België in contact te treden om te onderzoeken in hoeverre een gezamenlijke aanpak van opslagcapaciteit dan wel van conditionering mogelijk is en welke concrete voordelen dat met zich mee zal brengen?


17.

Wat zijn de mogelijkheden in de bassins van de centrale in Dodewaard gebruikte splijtstofstaven langer op te slaan? Is het technisch gezien mogelijk daar (tijdelijk) materiaal op te slaan dat bij het openbreken van de opwerkingscontracten mogelijkerwijs terug zal worden gestuurd?


18.

Zijn er nieuwe inzichten over een te verwachte schadeclaim als gevolg van het openbreken van de opwerkingscontracten?


19.

Waarom wordt er met het oog op mogelijke schadeclaims in Duitsland onderscheid gemaakt tussen oude en nieuwe(ere) contracten en waarom speelt dat in het debat in Nederland tot nog toe geen rol?


20.

Is het juist dat voor de zgn. post-baseload contracten een aanvullende bilaterale overeenkomst niet werkelijk nodig is geweest en dat het opzeggen van de opwerkingscontracten zonder schadeclaim eenvoudiger was geweest?


21.

Waarom zijn voor deze post-baseload contracten toch bilaterale overeenkomsten gesloten?


22.

Welke Nederlandse opwerkingscontracten horen bij deze post-baseload contracten (aantal en hoeveelheid materiaal)?


23.

Waarom heeft de regering voor de laatste 4 ton gebruikte splijtstof van de centrale Dodewaard een bilaterale overeenkomst getekend vóórdat het voorgezet algemeen overleg van juni 1999 heeft plaats gevonden, ondanks de toezegging van haar voorganger dat dit niet zou gebeuren voordat het debat over opwerking is afgerond, en ondanks het gegeven dat een dergelijke aanvullende overeenkomst niet daadwerkelijk nodig is geweest? Graag een reactie op beide onderdelen.


24.

Wat is de laatste stand van de planning met betrekking tot reeds opgewerkt plutonium dat in Frankrijk en Engeland ligt? Wordt er op dit moment gewerkt aan realisering van zgn. `verMOXing' of zijn daar nog geen concrete plannen voor?


25.

Heeft de regering kennis genomen van de schendingen van MOX-veiligheidseisen zoals die zich bij BNFL hebben geopenbaard? Welke conclusie trekt de regering uit het feit dat op basis van deze schendingen Japan zijn contracten (voor `verMOXing') met BNFL heeft opgezegd en dat Japan tevens heeft geconcludeerd dat de situatie in België even slecht en onaanvaardbaar is?


26.

Wat betekent de Japanse beleidswijziging voor de internationale MOX-markt?


27.

Op welke termijn zijn de diplomatieke onderhandelingen tussen de regering van de Verenigde Staten en de Europese Commissie over transport van in de HFR aanwezige bestraalde hoogverrijkte splijtstof afgerond?


28.

Op welke termijn kan er daadwerkelijk vervoer plaatsvinden van splijtstof naar de Verenigde Staten?


29.

Is het mogelijk de gevraagde termijn te versnellen door in plaats van «mee te varen» met de reguliere verscheping van andere splijtstofreactoren, een eigen spoedvervoer te organiseren? Wat zullen de kosten zijn van zo'n vervoer?


30.

Is het juist dat het afval van de HFR in Petten slechts tijdelijk in Zeeland wordt opgeslagen in afwachting van een transportregeling met de Verenigde Staten?


31.

Kunt u aangeven wanneer het advies van de Gezondheidsraad verwacht kan worden en is het mogelijk dat de Kamer in kennis gesteld wordt van dit advies?


32.

Kan de regering meer inzicht verschaffen in de gevolgen van de huidige crisis bij BNFL (grootschalige contracten door Japanse elektriciteitsbedrijven worden opgezegd vanwege vervalste documenten door BNFL-werknemers) voor de opwerkingscontracten van Dodewaard en wat betekent dit voor de voorgenomen verwerking van Nederlands plutonium in MOX?


33.

Zijn er op dit moment al andere contacten gelegd met eventuele kopers van het Nederlandse plutonium. Zo ja, kan de regering aangeven in welk stadium deze contacten zich bevinden? Zo nee, op welk termijn zullen deze contacten worden gelegd.


34.

Is het u bekend dat de aan Dodewaard gelijke reactor Big Rock Point in Michigan (Verenigde Staten) die eveneens in 1997 werd gesloten, op korte termijn geheel wordt ontmanteld?


35.

Kunt u een toelichting geven op het feit dat Dodewaard heeft berekend dat de uitgestelde ontmanteling goedkoper is, terwijl Big Rock Point juist aangeeft dat snelle ontmanteling goedkoper is?


36.

Kunt u aangeven wat de verschillen zijn in de benodigde hoeveelheid gekwalificeerd personeel die op dit moment in Dodewaard werkzaam zijn en die er werkzaam waren op het moment dat Dodewaard nog in werking was? Kunt u ook aangeven hoe het verloop van het personeel van afgelopen jaren was en welk verloop er de komende jaren zal optreden? Kunt u verder aangeven welke specifieke kennis noodzakelijk blijft tot Dodewaard daadwerkelijk ontmanteld is?

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

Deel: ' Lijst vragen en antwoorden opwerking radioactief materiaal '




Lees ook