expostbus51


Ministerie SZW
https://www.minszw.nl

SZW: Wijziging Pensioen- en Spaarfondsenwet:

Nr. 99/18
23 februari 1999

Wijziging Pensioen- en Spaarfondsenwet: Meer toezicht op pensioenfondsen

Het toezicht op de uitvoering van aanvullende pensioenregelingen wordt verscherpt. De Verzekeringskamer krijgt meer bevoegdheden, zoals de mogelijkheid om bij overtredingen een aanwijziging te geven dan wel bestuurlijke boetes en dwangsommen op te leggen. Er zullen bovendien meer eisen worden gesteld aan de kwaliteit van pensioenbesturen en er komt een verbod op zogenoemde uitstelfinanciering van pensioenaanspraken. Het wetsvoorstel van staatssecretaris Hoogervorst van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, waarin de wijziging van de Pensioen- en Spaarfondsenwet is opgenomen, is naar de Tweede Kamer gestuurd.

Het wetsvoorstel stelt nadere eisen aan de kwaliteit van de pensioenfondsen. Zo zal de dagelijkse leiding van het fonds bij tenminste twee personen moeten berusten. Door dit zogeheten .4-ogen-principe. wordt de kans op risicovolle solo-acties van eenlingen kleiner. De Verzekeringskamer zal worden gevraagd nadere kwaliteitseisen op te stellen waar bestuurders en beleidsbepalende managers van pensioenfondsen aan moeten voldoen. Pensioenfondsen worden veel meer dan vroeger aangesproken op hun beleggingsresultaten. Meer rendement betekent meer risico en vraagt om meer kwaliteit en een modern toezicht, stelt de staatssecretaris.

Pensioenfondsen worden verplicht een jaarrekening en een bestuurverslag, inclusief accountantsverklaring, op te stellen. Ook aan de inhoud van de accountantscontrole worden nadere regels gesteld. Voor de betrokken accountant en actuaris komt er een meldingsplicht aan de Verzekeringskamer. Pensioenfondsen worden verder verplicht een gedragscode op te stellen voor iedereen die bij het fonds werkt. De gedragscode zal regels moeten bevatten ter voorkoming van belangenconflicten en misbruik van aanwezige informatie. De Verzekeringskamer krijgt de bevoegdheid om zonodig voor te schrijven aan welke voorwaarden die gedragscodes minimaal moeten voldoen.

Alle pensioenfondsen worden verplicht een actuariële en bedrijfstechnische nota op te stellen. Zo moet inzichtelijk worden gemaakt of de bezittingen en de te verwachten inkomsten voldoende zijn voor de dekking van de pensioenverplichtingen. In de nota moet duidelijk worden gemaakt bij wie de beleidsverantwoordelijkheid ligt en bij wie de uitvoering berust en er moet een mandaatregeling worden opgenomen.

In het wetsvoorstel wordt uitgegaan van een gelijkmatige pensioenopbouw over de totale periode. Voor de verbetering van de pensioenfinanciering voorziet het wetsvoorstel in een verbod op .uitstelfinanciering., het zogenoemde .65-x-systeem.. Het belangrijkste kenmerk van dit systeem is dat de opbouw en de financiering van de zogeheten backservice-lasten (met een salarisverhoging samenhangend extra pensioen) worden verdeeld over de toekomst. Door dit af te schaffen wordt voorkomen dat financieringslasten, met de daarbij behorende risico.s, naar de toekomst worden verschoven. Immers als een onderneming in financiële problemen komt of failliet gaat kunnen de aanspraken van de deelnemers bij een systeem van uitstelfinanciering in gevaar komen. Als overgangsregeling wordt voorgesteld de financieringslasten over reeds verstreken jaren, in een periode van tien jaar in te halen. Er is voor een overgangstermijn van tien jaar gekozen omdat vanaf 2010 zich de eerste effecten van de vergrijzing van de Nederlandse bevolking voor zullen doen. Dan zal ook mogelijk druk op de hoogte van de pensioenpremies ontstaan. De effecten van deze maatregel voor de uitstel-financiering zijn dan uitgewerkt.

Pensioenfondsen met minder dan 100 actieve deelnemers worden verplicht tot volledige herverzekering. Dit betekent dat de risico.s van invaliditeit, van overlijden en langleven en de beleggingrisico.s niet langer zelf mogen worden gedragen maar bij een
verzekeringsmaatschappij moeten worden ondergebracht. Fondsen met meer dan 100 deelnemers mogen de regeling zelf uitvoeren (zonder herverzekering), als een fonds naar het oordeel van de Verzekeringskamer aan de hiervoor gestelde criteria voldoet.

Het wetsvoorstel voorziet verder in de introductie van bestuurlijke boeten en dwangsommen. Bij de invoering van de oude Pensioen- en Spaarfondsenwet in 1952 werd voornamelijk uitgegaan van zelfregulering door werkgevers en werknemers. Uitgangspunt was dat naleving niet in de eerste plaats door strafsancties moest worden bewerkstelligd. De ervaringen van de afgelopen decennia hebben echter, volgens staatssecretaris Hoogervorst, op tal van terreinen aangetoond dat handhaving van de regels niet mogelijk is zonder een stok achter de deur om de naleving ook daadwerkelijk af te dwingen.

23 feb 99 16:49

Deel: ' Meer toezicht op pensioenfondsen '




Lees ook