Ministerie van Buitenlandse Zaken


Ministerie van Buitenlandse Zaken

Onderwerp: Uitspraken Minister van Aartsen

Datum: 25-08-1999

Nummer : 70 / 99

MINISTER VAN AARTSEN OP RADIO 1 / 25-08-1999

JOURNALIST:

Mooier nieuws had Minister van Aartsen zich niet kunnen wensen. De Palestijnen krijgen een eigen haven in Gaza stad en Nederland gaat een belangrijke bijdrage leveren bij de aanleg van die haven. Dat is het resultaat van een gesprek gisteravond dat Minister van Aartsen had met de Palestijnse leider Arafat.

VAN AARTSEN:

Dat is - zoals president Arafat vanavond zei - een doorbraak en zo ziet de Nederlandse regering dat natuurlijk ook. Het is eigenlijk een fantastische dag en ik heb de president en al diegenen die daarbij betrokken waren ook echt van harte gefeliciteerd. Dit is mooi.

JOURNALIST:

Voedde het optimisme wat u de afgelopen dagen ten toon heeft gespreid over de toekomst van deze regio en het vredesproces zoals het nu gaat?

VAN AARTSEN:

Ja, want dit soort tekenen en daden die zijn nodig om ook duidelijk te maken dat, nou goed, alle mooie worden ook waargemaakt worden. Je kunt, wat de Israëlische regering heeft gedaan, zeggen: we willen nu ook echt voortgang. Maar terecht zegt men hier aan de zijde van de Palestijnse Autoriteit: dan willen we dat ook wel een keer zien. Daarom hebben wij ook in de afgelopen dagen ook gezegd als: het nu kan, laat het dan zien dat we op die haven nu echt voortgang boeken. Premier Barak heeft gezegd: "we zijn het eens met het principe, we gaan gewoon met de aanleg van die haven beginnen".

JOURNALIST:

Terwijl nog niet alles rond is.

VAN AARTSEN:

Neen, want er zijn zeker nog een aantal dingen die geregeld moeten worden. Een reeks van dingen, maar onder andere ook het veiligheidsaspect wat straks rond die haven geregeld moet worden. Nou, daar zal nog het nodige werk aan moeten worden verricht, maar dat kan gebeuren tijdens de constructie. En het is nu niet omgedraaid - wat als maar het geval was - dat tot op de laatste security check bij wijze van spreken alles geregeld moest zijn alvorens de Israëliers zeiden: "OK, de spa mag nu werkelijk in de grond".

JOURNALIST:

De Palestijnen hebben wat dat betreft Nederland gevraagd een rol daarin te spelen. Wat zal die worden?

VAN AARTSEN:

Ja, ik spreek liever niet van een rol, maar van een bijdrage. De Palestijnen hebben inderdaad gevraagd: "De constructie begint van de haven. In de periode van de constructie 2 à 3 jaar moeten er dus nog een aantal dingen geregeld worden, zoals de veiligheidsaspecten. Nu hebben we graag een derde partij die dan een beetje mee oplet, die misschien adviezen kan geven, die creatief kan zijn. Zou Nederland die bijdrage willen leveren? En ik heb aan president Arafat, aan de hoofdonderhandelarenkant, gezegd: "Natuurlijk willen wij dat doen, graag zelfs, maar ik denk dat ik het ook goed is als we datzelfde verzoek van de Israëlische regering krijgen".

JOURNALIST:

Dus als de Israëliërs dus ook vragen die rol of bijdrage zal gaan te leveren, dan zal Nederland dat doen.

VAN AARTSEN:

Dan zal Nederland dat doen. Zeker.

JOURNALIST:

Wat zal Nederland verder doen? Want Nederland speelt, heeft de afgelopen jaren al een grote rol gespeeld rond deze haven.

VAN AARTSEN:

Nou ik vind dat we veel doen. We kunnen op het gebied van trainingen van straks degenen de werknemers, de Palestijnen die het werk gaan doen, die kunnen getraind worden. De Amsterdamse haven heeft bijvoorbeeld al gezegd dat men daar bereid toe is. Maar Ballast Nedam en ongetwijfeld ook andere onderdelen van het Nederlandse bedrijfsleven zullen zeer geïnteresseerd zijn om nu de handen uit de mouwen te steken. Het is dus ook in zekere zin een Nederlands economisch belang.

JOURNALIST:

Daarnaast zal Nederland geld geven.

VAN AARTSEN:

Zeker,we geven geld, dat geld lag al op de plank. Dat kunnen we nu eindelijk uitgeven.

JOURNALIST:

Ziet u het een beetje als een persoonlijk succes dat dit nu bereikt is in de dagen dat u hier rondreist?

VAN AARTSEN:

Neen, ik zie het helemaal niet als een persoonlijk succes. Het is het succes van de Israëlische regering, het is het succes van de Palestijnse Autoriteit en de onderhandelaars aan deze zijde, aan de kant van de Palestijnen. Nederland kan zoals gezegd een bijdrage leveren. Dat hebben we gedaan en dat zullen we ook blijven doen.

(Peter ter Velde in gesprek in Gaza met Minister van Aartsen van Buitenlandse Zaken)

Deel: ' Minister van Aartsen over gesprek met Arafat '




Lees ook