Ministerie van Justitie

17.09.99

Wetsvoorstel naar de Tweede Kamer

Nieuwe Vreemdelingenwet: snellere procedures

Staatssecretaris M.J. Cohen van Justitie heeft vandaag de nieuwe Vreemdelingenwet naar de Tweede Kamer gestuurd. De belangrijkste wijzigingen hebben betrekking op de asielprocedure en zijn: het invoeren van één vergunning voor bepaalde tijd, indien nodig na drie jaar gevolgd door één vergunning voor onbepaalde tijd; het afschaffen van de bezwaarfase; invoeren hoger beroep bij de Raad van State en het invoeren van een meeromvattende afwijzende beschikking, die tevens bepaalt dat verdere opvang wordt onthouden en dat de afgewezen asielzoeker Nederland moet verlaten. Tevens is het mogelijk om in bepaalde situaties de beslistermijn op een asielverzoek te verlengen met een jaar.

Downloaden nader rapport Vreemdelingenwet (reactie kabinet op advies van Raad van State) in Word of RTF-formaat.
Downloaden wetsvoorstel Vreemdelingenwet 2000 in Word of RTF-formaat.

Nieuwe wet

* Net als onder de huidige vreemdelingenwet kunnen asielzoekers voor een verblijfsvergunning in aanmerking komen op grond van internationale verplichtingen (waaronder het Verdrag van Genève en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens), op grond van klemmende redenen van humanitaire aard, of op grond van het beleid dat terugkeer naar het land van herkomst van een bijzondere hardheid zou zijn vanwege de algehele situatie aldaar. Onder het huidige beleid betekent dit dat ongeveer 30 procent van diegenen die een asielaanvraag indienen, in aanmerking komt voor een (tijdelijke) vergunning.

* In de huidige procedure kan de asielzoeker wanneer zijn aanvraag is afgewezen, bezwaar aantekenen en het bestuur vragen om een nieuwe beoordeling. Deze bezwaarfase komt te vervallen. Tegen een negatieve beslissing op de aanvraag, die binnen zes maanden moet worden genomen, staat beroep bij de rechter open. De beslissing over het beroep mag in Nederland worden afgewacht. Hiervoor is geen afzonderlijke beslissing meer nodig. Het afschaffen van de bezwaarfase betekent dat de kwaliteit van de IND-beschikking op de aanvraag moet worden verbeterd. Dat gebeurt door de asielzoeker in staat te stellen zijn asielmotieven duidelijk te maken en hem te vragen een reactie te geven op een voorgenomen afwijzing. Deze reactie wordt door de IND meegewogen in de toelatingsbeslissing. Uit de beslissing blijkt hoe de vreemdeling en de IND de aanvraag beoordelen. Dit biedt voldoende basis voor een rechtmatigheidstoets door de rechter.

* Het afwijzen van de aanvraag van de asielzoeker leidt automatisch tot de plicht voor de asielzoeker om Nederland binnen een zekere termijn te verlaten, tot beëindiging van de opvang, de mogelijkheid tot uithuiszetting en tot de bevoegdheid tot uitzetting. Hiertegen kunnen niet langer - zoals nu - apart procedures bij de rechter worden aangespannen.
* Elke asielzoeker van wie de aanvraag wordt gehonoreerd krijgt dezelfde tijdelijke vergunning, waaraan een voorzieningenpakket is gekoppeld. Er wordt nog slechts één asielstatus verleend. Momenteel zijn er drie verschillende statussen, met elk een ander voorzieningenpakket. Dat leidt tot veel "doorprocederen". Onder de nieuwe wet kan iemand die een tijdelijke verblijfsvergunning heeft gekregen niet verder procederen, omdat er maar één status is. Wel kan de asielzoeker na drie jaar in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd. Er komen dus twee vergunningen: één voor bepaalde tijd, eventueel na drie jaar gevolgd door één voor onbepaalde tijd (het zogenoemde volgtijdelijk systeem).

* In het voorgestelde systeem krijgen alle asielzoekers van wie het verzoek om tijdelijke toelating wordt gehonoreerd, dezelfde rechten en voorzieningen. Deze voorzieningen worden voor een belangrijk deel bepaald door internationale verplichtingen. Het zal aan houders van een tijdelijke vergunning worden toegestaan om betaalde arbeid te verrichten. Tevens komen zij in aanmerking voor studiefinanciering en huisvesting. Gezinshereniging is in het voorstel voor statushouders mogelijk, maar uitsluitend voor wie een zelfstandig inkomen heeft op 100% van het bijstandsniveau, hetgeen (voor sommigen) een verzwaring is van de huidige eis van 70%. Evenals thans het geval is moet de aanvraag door de betrokkene vanuit het buitenland worden gedaan. Zonodig wordt door middel van DNA-onderzoek de gezinsband vastgesteld.
* Het wetsvoorstel biedt de mogelijkheid om bij ministerieel besluit voor bepaalde categorieën vreemdelingen de normale beslistermijn van zes maanden te verlengen met een jaar (totaal 1½ jaar). Van deze mogelijkheid kan gebruik worden gemaakt indien naar verwachting voor een korte periode onzekerheid zal bestaan over de situatie in het land van herkomst, of indien de situatie uit het land van herkomst naar verwachting op korte termijn zal verbeteren, of indien het aantal ingediende aanvragen zo groot is, dat de IND daarop niet binnen de zes maanden-termijn kan beslissen.

* In het wetsvoorstel zijn ook bepalingen met betrekking tot toezicht en vrijheidsbeperkende en -ontnemende maatregelen opgenomen. Op basis van de huidige Vreemdelingenwet (art. 19) kunnen ambtenaren slechts van hun bevoegdheid gebruik maken wanneer zij 'concrete aanwijzingen over illegaal verblijf' hebben. In de praktijk betekent dit dat een actief vreemdelingentoezicht op straat nauwelijks plaatsvindt, omdat bij personen op straat zelden concrete aanwijzingen voor illegaal verblijf aanwezig zijn. Om die reden stelt het kabinet voor het criterium 'redelijk vermoeden' op te nemen, zoals dat ook voor 1994 het geval was. Met de toepassing van dit criterium zijn de ambtenaren van politie, die belast zijn met het toezicht op vreemdelingen, vertrouwd. In het 'redelijk vermoeden'-criterium liggen voldoende waarborgen besloten voor een non-discriminatoir gebruik van deze toezichtbevoegdheid.

Advies Raad van State

* In zijn advies heeft de Raad van State een aantal algemene en een aantal technische opmerkingen gemaakt. De Raad adviseert - om de beoogde harmonisatie in Europa niet in gevaar te brengen - de verblijfsvergunning voor asiel slechts dan te verstrekken als er sprake is van internationale verplichtingen. Het kabinet is van mening dat dit in strijd is met het regeerakkoord. Dat gaat er vanuit dat de nieuwe wet dezelfde toelatingsgronden zal bevatten als de huidige wet. Wel is het kabinet van mening dat een van de toelatingsgronden (tijdelijke bescherming/VVTV) nog meer dan nu al het geval is in het perspectief van toekomstige Europese ontwikkelingen moet worden toegepast. Naar mate er meer en betere afspraken in Brussel kunnen worden gemaakt over tijdelijke bescherming, kan deze toelatingsgrond minder worden gebruikt. Een groot aantal van de technische opmerkingen van de Raad van State is overgenomen.

Voor vragen of commentaar met betrekking tot de inhoud van deze pagina's kunt u terecht bij de Directie Voorlichting van Justitie, telefoon: (070) - 3706850,
email: voorlichting@best-dep.minjust.nl,
fax: (070) - 3707594

Home
Persberichten

top

Deel: ' Nieuwe Vreemdelingenwet snellere procedures '




Lees ook