Amsterdam Exchanges

04 Jan 2000 Nieuwjaarsspeech G.A. Möller
Persbericht 2000.001

Nieuwjaarstoespraak George Möller

President-directeur Amsterdam Exchanges

Hotel Krasnapolsky, Amsterdam

Dames en Heren,

Hartelijk welkom op deze eerste nieuwjaarsbijeenkomst van Amsterdam Exchanges in de 21ste eeuw!

Voor zover ik het nu kan overzien zijn we ongeschonden over de drempel van het nieuwe millennium gekomen.

U heeft wellicht de afgelopen weken gehamsterd, op oudejaarsdag extra cash uit de muur gehaald, en het bad vol laten lopen met reserve drinkwater, maar dit alles bleek achteraf toch overbodig. Dankzij de langjarige inspanningen van velen zijn de rampen ons - tot nu toe moet ik er voorzichtigheidshalve bij zeggen - bespaard gebleven en kunnen wij met goed vertrouwen de nieuwe eeuw tegemoet treden.

Voor Amsterdam Exchanges wordt het jaar 2000 wederom een spannend jaar. Maar voor dat ik daar iets over zeg, eerst een korte terugblik.

Wij zijn het jaar 1999, het eerste jaar van de euro, goed doorgekomen. We hebben het jaar zelfs met een recordslot afgesloten en vandaag is dat zelfs alweer verbroken! Het aantal effectentransacties steeg ook naar een nieuw record hoewel gedurende vele maanden de volumeontwikkeling een pas op de plaats maakte.

De trend van steeds toenemende omzetten werd in 1999 op de optiebeurs echter onderbroken.

Maar op de valreep werd het toch weer een uitzonderlijk beursjaar, want in oktober, net toen men begon te wanhopen en het beursjaar '99 al haast verloren leek, kwam de onvoorspelde eindejaarsrally.

De markt weet ons altijd weer te verrassen. De optieomzetten ' 99 leverden achteraf toch nog het één na beste resultaat ooit op in de historie van de AEX-optiebeurs.

In een ander opzicht was ' 99 ook bijzonder. Geheel tegen elke verwachting in, gaf de tweede helft van 1999 een prachtig emissieklimaat te zien. Het aantal nieuwe noteringen was het afgelopen jaar hoger dan ooit tevoren.

Dit is mede te danken aan de in 1998 geïntroduceerde nieuwe toelatingsregels voor beursnoteringen. In 1998 werden we nog bekritiseerd toen we de winstvereiste van fondsen bij de toelating tot notering schrapten.

In 1999 waren ondernemingen als UPC en KPNQwest die dankzij die nieuwe regels konden worden toegelaten de lievelingen van het publiek.

Het afgelopen jaar hebben we de evaluatie van de primaire markt afgerond. Eind vorige eeuw, op 30 december om precies te zijn, hebben we onze besluiten publiek gemaakt. U heeft kunnen lezen dat we de prospectuseisen verzwaard hebben en dat we zwaardere eisen gaan stellen aan de begeleidende emissiehuizen.

De prospectus zal in de nabije toekomst moeten gaan voldoen aan wat ik maar even "Angelsaksische" eisen noem. De belegger zal meer tijd krijgen om de prospectus te lezen; daar zijn duidelijke afspraken over gemaakt.

Er komt een Nederlandse synopsis indien er sprake is van een Engelstalige prospectus voor een emissie die met name ook op Nederlandse particuliere beleggers is gericht, en het internet zal worden gebruikt om prospectusteksten snel bij beleggers te bezorgen.

Het adres
www.AEX.nl zal met name voor de particuliere belegger daarom nog belangrijker worden. Tegenover het verder verbeteren van het inzicht in de aangeboden effecten, met name bij een IPO proces, zullen nu ook bedrijven met een kort ''track record'', oftewel een minder lange historie, een notering kunnen krijgen aan onze beurs. Ook hier alleen onder voorwaarden.

Ik heb het dan hoofdzakelijk over representanten van wat men tegenwoordig de nieuwe economie noemt: bijvoorbeeld internetbedrijven.

Wij hebben een nieuwe balans gevonden tussen een korte bedrijfsgeschiedenis en een veel belovende toekomst. Kinderen die voortkomen uit een revolutie dragen nu eenmaal weinig historie met zich mee maar houden wel veel beloften in voor de toekomst. Daarop past een op de toekomst gericht beleid.

In 1999 hebben wij ook mede vorm gegeven aan het Dutch Securities Institute (DSI) Het instituut draagt bij aan de kwaliteit en de integriteit van personen die in onze bedrijfstak werkzaam zijn.

De sector heeft met dit initiatief haar eigen verantwoordelijkheid genomen voor verhoging van kwaliteit en deskundigheid. De inschrijvingen voor het DSI overtroffen onze stoutste verwachtingen. Nu al is bereikt dat er een unieke inventarisatie tot stand is gekomen van vrijwel alle personen die in de effectensector werkzaam zijn. Al deze mensen zijn onder dezelfde gedragscode gebracht.

Al deze mensen accepteren ook dat zij voor een tuchtcollege gebracht kunnen worden indien zij overduidelijk ondeskundig of niet integer handelen.

Eén en ander zal een ieder extra motiveren om de persoonlijke deskundigheid te vergroten en nog zorgvuldiger te zijn bij het aanwenden van die deskundigheid ten dienste van de klant.

Wat ook bereikt is, is een verbreding van de werking van de klachtencommissie beursbedrijf die nu ook onderdeel is geworden van het DSI.

Doordat er bij het DSI meer instellingen zijn aangesloten dan bij de beurs, worden er meer bedrijven en dus ook meer producten onder de jurisdictie van de klachtencommissie gebracht. Een verworvenheid waar wij trots op mogen zijn.

In Europa zaten we het afgelopen jaar ook niet stil. In tegenstelling tot wat u bij tijd en wijle in de kranten leest is de Alliantie a live and kicking!

In mei van het afgelopen jaar sloten we een convenant met zeven Europese effectenbeurzen om gezamenlijk een Europees handelsplatform voor Europese topfondsen op te richten. In vervolg daarop werd in september overeenstemming bereikt over een gemeenschappelijk marktmodel.

Binnenkort zullen we een besluit nemen over de te hanteren protocollen waarmee de verschillende computersystemen met elkaar gaan communiceren.

Ik heb dan ook goede hoop dat we in november van dit jaar het platform gereed zullen hebben.

Ja zult u zeggen, allemaal mooi en aardig, maar hoe zit dat dan met Tradepoint en Nasdaq Europe en de vermeende "'allein gang" van onze oosterburen. Om met dat laatste te beginnen er komt so wie so één Europees platform voor de topfondsen.

Als het niet door acht beurzen wordt gerealiseerd zal dat door zeven geschieden.

De gezamenlijke wil om het tot stand te brengen beperkt de mogelijkheid voor iedere beurs afzonderlijk om alsnog zijn eigen weg te gaan. Dat geldt ook voor onze oosterburen.

De ontwikkelingen rondom de Engelse beurs Tradepoint leggen een paar interessante dilemma's bloot. Het platform dat de Alliantie wil realiseren gaat uit van gelijkwaardige participatie van institutionele en particuliere beleggers. Immers dat aspect maakt dat er sprake is van een echte markt.

Wij hebben ons in alliantie verband onder meer sterk gemaakt dat de minimum grootte van een order die op het platform kan worden uitgevoerd één aandeel moet zijn; het wordt daarbij een platform voor iedereen.

Dit is de democratisering van de Europese kapitaal markt. Tradepoint wil vooral en misschien wel uitsluitend de institutionele markt bedienen en dat vinden wij een stap terug.

Voorts als de banken die aandeelhouders zijn in Tradepoint, de institutionele beleggers rechtstreeks toegang geven tot het handelsplatform van Tradepoint, dan zullen de Europese beurzen zich moeten bezinnen of zij zelf ook zo'n verruiming van deelnemers aan haar markten willen invoeren.

Interessante strategische dilemma's die in het komende jaar tot nieuwe ontwikkelingen aanleiding kunnen en zullen geven.

Wij houden de ontwikkelingen zowel binnen als buiten de alliantie scherp in de gaten; met de stappen die wij zetten ter verbetering van onze strategische positie lopen wij vóór op de ontwikkelingen in de Alliantie en tegelijkertijd sporen zij daarmede.

Wij gaan pro-actief om met onze strategische belangen; dat doen wij ook omdat onze markt meer is, laat ik zeggen véél meer is dan alleen maar de topfondsen die worden toegelaten tot het europese handelsplatform.

Uiteindelijk willen wij voor onze hele markt één belangrijk Europees concept creëren.

Eén van de resultaten van dat proactieve beleid is bijvoorbeeld ons nieuwe toegangsconcept genaamd AEX ACCESS 2000. Achter mij ziet u nu als het goed is het nieuwe logo.

AEX ACCESS 2000 staat voor al onze nieuwe faciliteiten om financiële instellingen en haar klanten, direct en rechtstreeks, vanuit de gehele wereld op onze systemen te laten handelen.

Wij zijn met KPNQwest in zee gegaan voor het gebruik van haar Europese glasvezelnetwerk genaamd Euroring . Via Euroring zullen wij de voordeur van Amsterdam Exchanges naar de klant gaan brengen in plaats van de klant naar de voordeur.

Euroring zal snel, betrouwbaar en goedkoop orders naar onze orderboeken leiden. Daarvoor is het noodzakelijk dat onze handelsplatformen een open systeeminfrastructuur kennen. "Open'' TSA en ''open'' Switch zullen dan ook in de eerste helft van dit jaar operationeel worden.

Dat betekent dat de klant niet langer een aparte terminal en een aparte verbinding met Amsterdam Exchanges nodig heeft maar rechtstreeks vanuit zijn eigen computersysteem via een verbinding naar zijn eigen keuze kan inloggen op de handels en afwikkelsystemen van Amsterdam Exchanges.

Toegang tot onze markten en orderboeken is van levensbelang. Het zorgt voor versterking van liquiditeit en leidt dus tot goede prijzen.

Daarom zullen wij ook in een versneld tempo de mogelijkheid tot schermenhandel op de optiebeurs gereed moeten hebben. Vervolgens zullen wij in overleg met de marktpartijen moeten bepalen welke producten van de vloer naar het scherm gaan.

Over het op scherm brengen van de future op de AEX-index lijkt iedereen het wel eens.

De directie van Amsterdam Exchanges kan zich voorstellen dat aan het eind van dit jaar díe opties op het scherm worden verhandeld die betrekking hebben op aandelen die op het Europese platform verhandeld gaan worden.

Is de vloer daarmee ten dode opgeschreven? Eén ding is zeker: dit jaar zullen wij nog belangrijke bedragen in de vloer investeren, vooral in handheld terminals. Dat lijkt misschien

tegenstrijdig met toekomstige ontwikkelingen maar dat is het niet.

Wij willen dat de automatisering op de vloer is afgerond voordat de vergelijking met het schermensysteem gemaakt wordt.

Dat zijn wij verplicht aan de gemeenschap op de vloer en aan de handelsmethodiek die tot op de dag van vandaag, voor een in Europa, unieke liquiditeit heeft gezorgd. Dat zijn wij verplicht aan de belegger die zélf zijn keuze moet kunnen maken in welke handelsomgeving hij zijn orders wil uitvoeren.

Het harmoniseren van handelsregels in Europa en het toegang geven tot de handelssystemen via snelle glasvezelkabels maakt dat in een steeds competitiever wordende Europese kapitaalmarkt het onderscheidend vermogen van beurzen een beetje aan het verdwijnen is. Beurzen gaan steeds meer op elkaar lijken.

Dit betekent dat het concurrerend vermogen van beurzen gaat verschuiven naar aanpalende gebieden. Eén daarvan is de primaire markt, de inkoopfunctie van de beurzen.

Een ander is de afwikkelfunctie van de beurs, de clearing en settlement. Voor wat dat laatste betreft kan worden geconstateerd dat Amsterdam Exchanges de afgelopen periode veel heeft geïnvesteerd om haar afwikkelinfrastructuur te verbeteren.

Essentieel voor die Europese virtuele markt is het realiseren van een centraal Europees afwikkelinstituut.

Wij zullen actief willen bijdragen aan het realiseren van één Europese afwikkelinstituut.

En...als dat dan gerealiseerd is dan blijft als onderscheidend gebied alleen de primaire markt, de inkoopfunctie van de markt, over. Die zal bij uitstek een concurrentiemiddel worden binnen Europa.

Het is om die reden dat wij erg veel tijd en energie hebben gestoken in het goed inrichten van die markt. Amsterdam Exchanges blijft op die manier aantrekkelijk voor nieuwe noteringen en kan daarmee de concurrentiestrijd volop aan.

In een aantal Europese landen is de afgelopen periode gesuggereerd dat Europa een op Amerikaanse leest geschoeid toezichtsmodel zou moeten implementeren.

Het zogenaamde SEC-model. Kenmerkend voor dit model is dat de toezichthouder zich direct bemoeit met het toelaten van bedrijven tot de beurs en niet indirect zoals dat nu in Nederland is geregeld.

De vergelijking met het SEC-model gaat voor Europa, als geheel, misschien wél op, maar niet voor de landgebonden deelmarkten. Integendeel, een SEC-model introduceren in het ene land maar niet in het andere kan binnen de Europese kapitaalmarkt aardverschuivingen te weeg brengen.

Als Amsterdam Exchanges zijn snelheid en efficiëntie bij het toelatingsproces niet meer zelf, of alleen zelf, in handen heeft, zullen bedrijven en emissiehuizen bij de geringste vertraging door derden zonder pardon voor een andere Europese markt kiezen. Wij zijn als relatief kleine markt extra kwetsbaar.

Onze oosterburen hebben hun Europese ambities al duidelijk gemaakt en dat doen ze echt niet op basis van een SEC-model.

Hoe je het ook wendt of keert in Europa bestaan, ondanks het streven naar harmonisatie, toch grote verschillen in de wijze waarop het toezicht wordt uitgeoefend.

De ruimte die hierdoor ontstaat wordt door onze concurrenten handig gebruikt om in het Europese krachtenveld hun positie te versterken.

Dat heet met een mooie Engelse term gebrek aan 'level playing field' en dat is in Euroland nog volop aanwezig.

Ik vind dat we bij het toelatingsproces van nieuwe fondsen uiterst zorgvuldig moeten zijn en de STE houdt daar toezicht op. Per slot is beleggers bescherming een groot goed. Maar we moeten in onze procedures niet minder slagvaardig worden dan in die Europese kapitaalmarkten die een expansief beleid voeren. Zeker als dat expansieve beleid gericht is jegens onze markt.

We moeten streng zijn maar niet afwijkend streng ten opzichte van de Europese concurrentie!

Internationale financiële instellingen en hun compliance officers zullen steeds minder geneigd zijn verschillende regels in het bijna grenzenloze Europese effectenverkeer te accepteren.

Met andere woorden uiteindelijk zullen we naar één Europees ''level playing field moeten toegroeien.

Dit jaar staan wij wederom voor grote uitdagingen!

Zoals het in november gereed hebben van het Europese handelsplatform voor blue chip fondsen, het implementeren van schermenhandel voor de optiebeurs, het uitrollen van AEX ACCESS 2000 en het realiseren van een Europees afwikkelinstituut.

Kortom het goed invaren van een niet onaanzienlijk deel van de Nederlandse kapitaalmarkt in het verenigd Europa. Dat zal weer veel inspanningen van jullie vergen!

Dames en heren,

Rest mij nog jullie allemaal ontzettend te bedanken voor de enorme inspanningen die ook in 1999 weer zijn verricht!

Maar laten wij, voordat we aan de nieuwe uitdagingen beginnen eerst het glas heffen en ons verheugen op ieders aanwezigheid, op een nieuw en spannend jaar, op een nieuwe eeuw!

Ik wens u en de uwen allen een gelukkig nieuw jaar!!!.

© Amsterdam Exchanges / Pers en Public Affairs

Deel: ' Nieuwjaarstoespraak President-directeur Amsterdam Exchanges '




Lees ook