ESSENT C.O.R.

Noodkreet voor behoud werkgelegenheid

Recentelijk is op de website van de Dienst uitvoering en toezicht Elektriciteitswet (DTe) een persbericht geplaatst inzake de vaststelling van de elektriciteitstarieven voor 2000. De tarieven zullen op 1 januari 2000 van kracht worden. Vergeleken met 1999 heeft over de hele linie een verlaging van de tarieven plaatsgevonden van f 225.000.000,--. Dit betekent een daling van bijna 2%. Voorts wordt gesteld dat dit voor de consument betekent dat aan de trend van stijgende elektriciteitstarieven een einde is gekomen.

Deze en andere persberichten geven aan dat de energiewereld aan sterke veranderingen wordt blootgesteld.

Het startsein van deze verandering is gegeven door de introductie van richtlijn nr. 96/92/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 19 december 1996 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit. Ter uitvoering van deze richtlijn is een nieuwe Elektriciteitswet tot stand gekomen, waarin de Dienst uitvoering en toezicht Elektriciteitswet (DTe) wordt geïntroduceerd alsmede de onafhankelijke netbeheerder.

De liberalisering van de energiemarkt heeft ertoe geleid dat in snel tempo een aantal productiebedrijven zijn overgenomen door buitenlandse ondernemers en dat de Nederlandse distributiebedrijven zich genoodzaakt zien om te opteren voor schaalgrootte middels fusies en overnames.

Van diverse kanten wordt erop gewezen dat de Nederlandse energiebedrijven niet krachtig genoeg zijn om tegengas te geven aan buitenlandse spelers, die er alle belang bij hebben om te penetreren binnen de Nederlandse markt.

De liberalisering en daarmee samenhangend de op komst zijnde privatisering leidt er tevens toe dat de concernstrategie steeds meer wordt verlegd naar 'share-holders value'.

MAKELAARS EN ADVISEURS

Uit een artikel uit Energie Nederland van 14 december 1999 blijkt dat makelaars en adviseurs hun intrede op de energiemarkt doen. Volgens hen is de liberalisering van de energiemarkt niet alleen profijtelijk voor vrije klanten, maar maakt het ook tal van nieuwe activiteiten mogelijk zoals het makelen van energie. Het eerste financiële product dat na de opening van de Amsterdamse stroombeurs APX volgde was de 'swap'. Dit is een financieel contract dat het verschil verrekent tussen de vaste prijs en spotmarktprijs op de APX.

Alle berichten overziend lijkt het er bijna op alsof de introductie van de vrije markt alleen maar winnaars oplevert en ten faveure is van klanten, eigenaren en werknemers.

LIBERALISERING GEREGULEERD DOOR NMa EN DTe

De Centrale Ondernemingsraad realiseert zich dat de in gang gezette liberalisering van Europa niet te keren is. De Centrale Ondernemingsraad accepteert dan ook, zij het met grote scepsis, dat de energiewereld transformeert van Nuts naar marktgericht. Deze beweging erkennend constateert de Centrale Ondernemingsraad vervolgens dat de Nederlandse overheid tweeslachtig omgaat met dit vrije markt denken. Aan de ene kant worden onze energiebedrijven gedwongen om groter en sterker te worden om de concurrentie het hoofd te bieden en ook door schaalgrootte efficiënter en effectiever te kunnen optreden. Aan de andere kant worden diezelfde bedrijven aan banden gelegd door instituten zoals de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) en de DTe. In dat verband verwijst de Centrale Ondernemingsraad onder meer naar een artikel uit voormeld blad Energie Nederland van 14 december 1999, waarin een lid van de Raad van Bestuur van Essent, de heer G.J.M. Prieckaerts stelt dat energiebedrijven worden uitgekleed door de toezichthouder. De NMa, aldus de heer Prieckaerts, staat op het standpunt dat verdere groei in Nederland niet mogelijk is. Dit is een wat merkwaardige opvatting omdat de overheid eist dat er wordt geliberaliseerd. Vervolgens worden dezelfde bedrijven uitgekleed door de DTe. Het transporttarief wordt niet gebaseerd op een reële vergoeding voor het geïnvesteerde vermogen in de activa. De tarieven die Essent moet hanteren worden door de DTe gerelateerd aan de tarieven in 1996, die veel lager zijn geweest dan de tarieven bij andere bedrijven. De consequentie is dat met 1996 als vertrekpunt, Essent in 2000 lagere tarieven moet berekenen dan andere bedrijven.

De Centrale Ondernemingsraad onderschrijft de stellingname van de heer Prieckaerts. Het lijkt erop alsof de Nederlandse overheid zich onvoldoende inspant om de Nederlandse energiebedrijven te ondersteunen in hun streven om het hoofd te bieden aan buitenlandse concurrentie.

GROTE UITSTROOM VAN MEDEWERKERS

De laatste jaren worden onze energiebedrijven geconfronteerd met snel opeenvolgende veranderingen. Alles moet anders, alles moet beter. De traditionele waarden, zoals betrouwbaarheid, veiligheid, kwaliteit en loyaliteit lijken te vervagen. De roep om nog meer efficiency klinkt steeds luider. Op zich heeft de Centrale Ondernemingsraad er geen bezwaar tegen dat op een zo effectief en efficiënt mogelijke wijze de werkzaamheden ten behoeve van de klanten worden verricht. Maar op enig moment is de rek eruit. Wanneer de Centrale Ondernemingsraad thans constateert dat ook een DTe met betrekking tot de transporttarieven en een Minister van Economische Zaken met betrekking tot de verkooptarieven de touwtjes alsmaar strakker aantrekt, lijkt de positie van de werknemer vergeten te worden.

De door de DTe en Minister van Economische zaken opgelegde kortingen zullen binnen Essent leiden tot een nieuwe uitstroom van honderden medewerkers. Niet alleen de medezeggenschap, maar ook de vakbeweging maakt zich daar ernstig zorgen over. Het kan niet zo zijn dat alle veranderingen binnen de sector worden afgewenteld op de schouders van werknemers.

De Centrale Ondernemingsraad verbaast zich erover dat de positie van de werknemer in dit krachtenveld onderbelicht is, sterker nog, de medewerker heeft geen positie. De Centrale Ondernemingsraad kan hier geen genoegen mee nemen. Er zal aandacht moeten komen voor de medewerkers binnen de energiebedrijven en in dit concrete geval voor de medewerkers binnen Essent. Recentelijk is reeds duidelijk geworden dat de kortingen die worden opgelegd door de DTe tot gevolg hebben dat in ieder geval EDON Netwerk, één van de netwerkbedrijven van Essent, behoorlijk moet afslanken, teneinde teloorgang van dit bedrijf te voorkomen. Volgens de directeur van EDON Netwerk, de heer Volkers, zal er zonder drastische veranderingen straks helemaal geen EDON Netwerk meer zijn.

NOODKREET

De door de DTe en Economische Zaken gevoerde politiek leidt tot onaanvaardbare personele gevolgen voor onze bedrijven. Dit moet worden gestopt!!
Tegen de hierboven geschetste achtergrond doet de Centrale Ondernemingsraad een appèl op u. De Centrale Ondernemingsraad is van oordeel dat er een maximale inspanning moet worden geleverd om de werkgelegenheid binnen de energiesector te behouden. We vragen om concrete steun van vakorganisaties, politieke partijen en de collega's van andere energiebedrijven om dit streven te realiseren.

Voor reacties en/of nadere informatie:

Jan de Jong, voorzitter Centrale Ondernemingsraad Essent; telefoon 06 55714524

Jan Schuiling, secretaris Centrale Ondernemingsraad Essent; telefoon 06 55156268

e-mail: AH.vander.Heijden@essent.nl

COR-bureau Essent
Postbus 268
6800 AG ARNHEM

tel: 026 8511055

27 jan 00 16:21

Deel: ' Noodkreet voor behoud werkgelegenheid energiesector '




Lees ook