Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek


Nederlandse rechter toetst bewijs te weinig

De Nederlandse rechter toetst op strafzittingen de processen-verbaal van de politie en de deskundigenrapporten te weinig. Daarnaast zijn tijdens strafzittingen zelden getuigen of deskundigen aanwezig. De rechter bespreekt slechts het dossier. Hierdoor vervult hij zijn toetsende taak onvoldoende. Dit stellen onderzoekers aan NWOs Nederlandse Studiecentrum voor Criminaliteit en Rechtshandhaving in Leiden op grond van de analyse van een groot aantal rechtzaken, waaronder de balpenzaak, de Eper-incestzaak en de Chabot-zaak.

De onderzoekers stelden vast dat deskundigen, bijvoorbeeld psychologen of psychiaters van het Pieter Baan Centrum, streven naar een eensgezind oordeel over de toerekeningsvatbaarheid in het dossier. Daarnaast komt bewijsmateriaal dat de verdachte vrijpleit niet altijd in het proces-verbaal van de politie terecht. Hierdoor verdwijnen verschillende meningen en interpretaties over het delict en de toerekeningsvatbaarheid tijdens het vooronderzoek uit het dossier. Het behoort echter tot de taak van de rechter de schuld en de toerekeningsvatbaarheid vast te stellen.

Om het Nederlandse strafrecht te verbeteren, pleiten de onderzoekers voor een actievere rol van de verdediging in het inschakelen van deskundigen tijdens de zitting. Ook moet de rechter zijn uitspraken beter motiveren en moet het taalgebruik op de zittingen minder verhullend zijn. Daarnaast moeten de rechters en de deskundigen meer communiceren.

De onderzoekers menen dat de hedendaagse Nederlandse rechtspraak nog steeds hinder ondervindt van de Inquistitie in de Habsburgse tijd en de Franse bezetting. Tijdens de Inquisitie voerden autoriteiten het strafproces in het geheim en gaven ze de verdachte geen informatie over de voortgang. Daardoor is het vooronderzoek in de Nederlandse rechtspraak ook de beslissende fase geworden voor het vaststellen van de feiten. Tijdens de Franse bezetting werd een piramide van controle tussen politie, officier van justitie, rechtbank, hof en de Hoge Raad ingevoerd. Het dossier werd de centrale verzameling van documenten waarmee de handelingen van lagere instanties werden gecontroleerd. Getuigen en deskundigen speelden op de zitting een ondergeschikte rol. Daarmee werd het bewijs van de ten laste gelegde feiten een papieren zaak.

In Amerika, Engeland en Duitsland roepen de partijen in de rechtzaak deskundigen op. Hierdoor wordt het bewijs van strafrechtelijke feiten tijdens de zitting diepgaand besproken en worden tegengestelde meningen met elkaar geconfronteerd. Het nadeel van dit systeem is dat de onafhankelijkheid van deskundigen niet goed is gegarandeerd. De onderzoekers houden een voorkeur voor het ingetogen Nederlandse systeem met professionele rechters en onpartijdige deskundigen. Nadere informatie bij:

* mr. dr. Marijke Malsch (NSCR)

* tel. (071) 5278514, fax (071) 5278537

* e-mail vannoord@let.rug.nl

* Van het onderzoek verscheen recent het boek Complex Cases: Perspectives on the Netherlands Criminal Justice System (ISBN 90 5170 499 2).

Deel: ' NWO Nederlandse rechter toetst bewijs te weinig '




Lees ook