Ministerie van Financien

Titel: Opcenten motorrijtuigenbelasting 2000.

Directie Financiën Publiekrechtelijke Lichamen

Aan de Colleges van Gedeputeerde

Staten van de provincies

Uw brief van/kenmerk

Ons kenmerk

Den Haag

fip 1999/434 M

Onderwerp

Opcenten motorrijtuigenbelasting 2000.

Hierbij zend ik u, mede namens de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de ministeriële regeling tot vaststelling van het maximum aantal provinciale opcenten motorrijtuigenbelasting betreffende de periode 1 april 2000 tot en met 31 maart 2001 (dit bedraagt 76,0) en de bijbehorende toelichting.

Te uwer informatie treft u in een bijlage bij deze brief een toelichting aan van de berekening van de jaarlijkse aanpassing van het maximum aantal te heffen opcenten op de motorrijtuigenbelasting. Deze berekeningswijze komt overeen met die welke voor het eerst is gehanteerd voor het belastingjaar 1989 (1 april 1989 tot en met 31 maart 1990). Deze berekeningswijze is neergelegd in artikel 222, vierde lid, van de Provinciewet.

DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN,

Bijlage bij brief nr. fip 1999/434 M

Toelichting berekeningswijze van de jaarlijkse aanpassing van het maximum aantal opcenten motorrijtuigenbelasting voor het jaar 2000.

Overeenkomstig de in artikel 222, vierde lid, van de Provinciewet neergelegde berekeningswijze van de jaarlijkse aanpassing van het maximum aantal te heffen opcenten motorrijtuigenbelasting (zoals voor het eerst is gehanteerd voor de periode 1 april 1989 tot en met 31 maart 1990), zijn in het navolgende de relevante grootheden voor de vaststelling 2000 weergegeven.

Groei netto nationaal inkomen tegen marktprijzen (1998 t.o.v. 1997)1:

666,25 / 628,59 = 1,059918 ofwel afgerond 6,0%.

Rekening houdend met het vierjaarlijks voortschrijdend gemiddelde van de groeivoet van het netto nationaal inkomen tegen marktprijzen, kan het volgende maximum aantal te heffen opcenten voor het belastingjaar 2000 worden vastgesteld.

Belastingjaar Groei netto nationaal 4-jaarlijks Maximum

(t) inkomen tegen voortschrijdend aantal

marktprijzen (t-2) t.o.v. gemiddelde opcenten

(t-3). Bron CEP (t-1) (in %)

(in %)

1996 4,5 3,8 41,4

2 Met de inwerkingtreding op 1 april 1996 van de Wet tot wijziging van de Provinciewet en de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 in verband met de verruiming van het provinciale belastinggebied is het maximum aantal opcenten voor het belastingjaar 1996 gewijzigd in 105,3. Zonder de verruiming van het belastinggebied zou het maximum aantal opcenten zijn vastgesteld op 41,4.

2

1997 4,5 3,6 66,4

3 De jaarlijkse aanpassing is gebaseerd op het maximum aantal provinciale opcenten (64,0) zoals dat voor het belastingjaar 1996 zou zijn vastgesteld, als de nieuwe grondslag reeds van toepassing was geweest. De nieuwe grondslag houdt in dat wordt uitgegaan van de hoofdsomtarieven volgens de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994, zoals die op 1 april 1995 golden. De nieuwe grondslag is van toepassing per 1 april 1997. Het maximum aantal opcenten van 66,4 voor het belastingjaar 1997 is wettelijk vastgelegd (zie de Wet van 10 april 1997, Stb. 189).

3

1998 4,2 3,7 68,9

1999 5,8 4,8 72,3

2000 6,0 5,1

4 (4,5 + 4,2 + 5,8 + 6,0) / 4 = 5,1 (afgerond)

4 76,0

Het op deze wijze bepaalde maximum aantal opcenten voor het belastingjaar 2000 bedraagt aldus (1,051 x 72,3) = 75,9873. Ingevolge artikel 222, vierde lid, van de Provinciewet wordt dit naar boven afgerond op één decimaal tot 76,0.

Directie Financiën Publiekrechtelijke Lichamen

Uw brief van/kenmerk

Ons kenmerk

Den Haag

fip 1999/434 M

29 juni 1999

Onderwerp

Opcenten motorrijtuigenbelasting 2000.

De Staatssecretaris van Financiën, in overeenstemming met de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

Gelet op artikel 222, vierde lid, van de Provinciewet;

BESLUIT:

Artikel 1

Het door de provincies te heffen aantal opcenten voor de periode 1 april 2000 tot en met 31 maart 2001 bedraagt ten hoogste 76,0.

Artikel 2

1. Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 april 2000.
2. Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling maximum aantal provinciale opcenten motorrijtuigenbelasting 2000.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN,

Toelichting

Ingevolge artikel 222, vierde lid, van de Provinciewet, wordt met de onderhavige regeling het aantal opcenten bepaald dat de provincies ten hoogste kunnen heffen in de periode van 1 april 2000 tot en met 31 maart 2001.

Het maximum aantal provinciale opcenten wordt aangepast door, ingevolge art. 222, vierde lid, van de Provinciewet, rekening te houden met het vierjaarlijks voortschrijdend gemiddelde van de gerealiseerde nominale ontwikkeling van het nationaal inkomen.

s-Gravenhage,

DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN,

Deel: ' Opcenten motorrijtuigenbelasting 2000 '




Lees ook