MINISTERIE BZK

https://www.minbzk.nl

MINBZK: Overheid en arbeidsmarkt

Overheid in toenemende mate geconfronteerd met krappe arbeidsmarkt

De krapte op de arbeidsmarkt begint ook voor de overheid merkbaar te worden. In de nabije toekomst zullen vooral hogere functies moeilijker vervulbaar zijn. Op dit moment heeft de onderwijssector al grote moeite met het vinden van gekwalificeerd personeel. Bij de decentrale overheden zijn de problemen bij de gemeenten en de waterschappen snel toegenomen. Om nieuw personeel te werven, maar ook om het huidige personeel te behouden, moet de overheid meer investeren in loopbaanbegeleiding en moeten banen bij de overheid aantrekkelijker worden. De huidige salarissen bij de overheid zijn gemiddeld hoger dan in de marktsector, met uitzondering van de hoger opgeleiden. Ook diverse secundaire arbeidsvoorwaarden, zoals uitgebreide kinderopvang en mogelijkheden om korter te werken, zijn bij de overheid doorgaans beter geregeld dan in de marktsector.

Dit staat in de Arbeidsmarktrapportage Overheid 2000 die minister De Vries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vandaag naar de Tweede Kamer heeft gezonden. De Arbeidsmarktrapportage Overheid wordt jaarlijks uitgebracht en bevat een geïntegreerde analyse van de positie van de overheidswerkgevers op de arbeidsmarkt. Alle overheidssectoren (rijk, defensie, politie, rechterlijke macht, onderwijs, hoger beroepsonderwijs, universiteiten, wetenschappelijke onderzoekinstellingen, gemeenten, provincies en waterschappen) worden daarin belicht.

In 1998 is het aantal banen bij de overheid gestegen naar 779.000. Naar verwachting zal de werkgelegenheid bij de overheid de komende jaren nog verder toenemen. De belangrijkste oorzaken hiervoor zijn de verkleining van de klassen en de uitbreiding van het aantal politieagenten. Naast de toename van het aantal banen bij de overheid, zullen er de komende tijd ook veel banen vrijkomen vanwege de uitstroom van ouderen. De toenemende vraag naar personeel komt in een periode dat de arbeidsmarkt krapper wordt. Dit leidt tot knelpunten in de personeelsvoorziening.

Het aantal moeilijk vervulbare vacatures bij de overheid is gestegen van gemiddeld 16% in 1997 naar bijna 23% in 1998. In de sector onderwijs is het percentage zelfs opgelopen van ruim 23% naar 42%. De overheid heeft vooral moeite met het vinden van hoger opgeleiden. Grote wervingsproblemen doen zich momenteel al voor onder diverse categorieën docenten, bouwkundigen, civiel technici, informatici, economen en managers. Naast hoger opgeleiden zullen in de toekomst ook functies op middelbaar niveau steeds moeilijker vervulbaar blijken te zijn. Zo zal de werving van politiepersoneel en militairen problematisch worden en zullen ook in administratieve sfeer knelpunten ontstaan.

Ondanks de geconstateerde knelpunten is de huidige situatie bij de overheid zeker niet somber te noemen. Zo blijkt dat de overheid nog altijd meer werknemers uit de marktsector aantrekt dan dat er naar de marktsector overstappen. Bovendien blijkt de overheid gemiddeld iets intelligentere jonge hbo'ers en academici aan te trekken dan de marktsector; zij hebben hun studie ook iets sneller afgerond.

Wil de overheid haar personeel behouden, dan zal zij nadrukkelijk moeten investeren in een aantrekkelijk loopbaanperspectief, interessant inhoudelijk werk en goed management. Voor uitstromers naar de marktsector vormden de inhoud van het werk (52%), de kwaliteit van het management (54%) en het loopbaanperspectief (58%) de voornaamste redenen om een andere baan te gaan zoeken. Een ander aandachtspunt vormt verder de achterblijvende loonontwikkeling van hoger opgeleiden bij de overheid. Hoewel het uurloon bij de overheid gemiddeld 3% hoger ligt, is het loon van hbo'ers en academici lager dan in de marktsector. Maatwerk in arbeidsvoorwaarden met een betere aansluiting op de voorkeuren van werknemers en de marktomstandigheden biedt kansen. Arbeidsvoorwaarden die een goede combinatie van arbeid en zorg mogelijk maken, vormen een sterk concurrentiemiddel bij de werving en het behoud van personeel. De overheidswerkgevers bieden doorgaans gunstige arrangementen op het vlak van deeltijdwerk, ADV, ouderschapsverlof, kinderopvang en dergelijke. Overheidswerkgevers moeten zich wel bewust zijn dat dergelijke gunstige voorzieningen ook steeds vaker door de markt worden aangeboden.

Een andere mogelijkheid om eventuele personeelsproblemen te voorkomen, is het mobiliseren van onderbenut arbeidspotentieel en het verhogen van de arbeidsparticipatie. Tot nog toe wordt bij de overheid weinig gebruikgemaakt van het reservoir herintreders. Een positieve uitzondering vormt het onderwijsveld waar op succesvolle wijze een paar duizend ex-docenten zijn gerekruteerd. Ook de werving onder werklozen en gedeeltelijk arbeidsgehandicapten biedt mogelijkheden om personeelstekorten terug te dringen. Daarnaast vormen de etnische minderheden een doelgroep die op de arbeidsmarkt in belang toeneemt. De instroom van etnische minderheden bij de overheid was in 1998 overigens relatief hoger dan die van autochtonen. Het inzetten van scholingsinstrumenten kan bij het aanboren van specifieke doelgroepen een belangrijke ondersteunende functie hebben. Ook de stimulering van arbeidsduurverlenging en het prikkelen van ouderen om langer te blijven werken, kunnen bijdragen aan de oplossing van knelpunten. Verder kunnen deeltijders gestimuleerd worden een baan voor meer uren te accepteren. In dit verband is ook van belang dat de instroom van schoolverlaters bij de overheid relatief gering is. Instrumenten om schoolverlaters te interesseren voor een baan bij de overheid zijn daarom essentieel. Het trainee-project bij de sector Rijk is daarvan een succesvol voorbeeld.

Deel: ' Overheid vaker geconfronteerd met krappe arbeidsmarkt '




Lees ook