PERSMEDEDELING VAN DE VLAAMSE REGERING

VERGADERING VAN 19 NOVEMBER 1999

Positief advies voor federaal ontwerp-APKB

Op voorstel van Vlaams Ambtenarenzakenminister Johan SAUWENS heeft de Vlaamse regering gunstig advies verleend over het federale zgn. ontwerp-APKB. Daarmee wordt het ontwerp-KB bedoeld tot bepaling van de algemene principes van het administratief en geldelijk statuut van de rijks- ambtenaren die van toepassing zijn op het personeel van de diensten van de Gemeenschaps- en Gewestregeringen en van de colleges van de Gemeenschappelijke Gemeenschaps- commissie en van de Franse Gemeenschaps-commissie, alsook op de publiekrechtelijke instellingen die ervan afhangen. Het gaat om een ontwerp van Koninklijk Besluit waarin een aantal algemene principes en gemeenschappelijke spelre- gels worden vastgelegd die van toepassing zijn voor amb- tenaren in dienst van de federale en regionale overheden.

De Vlaamse regering is van oordeel dat het voorliggend ontwerp de deelstaten toelaat een modern en coherent personeelsbeleid te voeren. Het ontwerp-APKB is verdien- stelijk en ligt in de lijn van de evoluties en de reali- saties die binnen het Vlaams ambtelijk apparaat reeds tot stand werden gebracht. De voorliggende actualisering van het APKB wordt evenwel als een noodzakelijk minimum beschouwd.

De Vlaamse regering wil echter ook het bestaan zélf van het APKB in vraag stellen en is voorstander van de wijzi- ging van het artikel 87 õ 4 van de Bijzondere Wet tot hervorming van de Instellingen. Hiertoe dienen echter de nodige stappen gezet binnen het federale parlement.

Voor zover niet wordt gekozen voor volledige schrapping dienen de 'algemene principes' derwijze geformuleerd in een KB dat zij de gewenste intersectorale sokkel (éénheid van visie) garanderen zonder afbreuk te doen aan de door de bijzondere wetgever vooropgestelde principiële autono- mie van de gemeenschappen en de gewesten om de rechts- positie van hun personeel vast te stellen.

Het uitgangspunt dat onder algemene principes de grond- regels dienen verstaan inzake de gemeenschappelijke opvatting over het openbaar ambt, houdt voor de Vlaamse regering in dat enkel deze grondregels dienen opgenomen en niet de algemene rechtsbeginselen (het gelijkheids- beginsel, de rechtszekerheid,...), de algemene beginselen van behoorlijk bestuur (de motiveringsplicht, het zorg- vuldigheidsbeginsel,...) die zich op een abstract niveau situeren, of deze beginselen die ook gelden indien zij niet in decretale, wettelijke of reglementaire teksten worden opgenomen. Bovendien dient vermeden dat grond- regels op diverse niveaus worden verankerd - bijvoorbeeld minimale rechten zijn ook reeds in het syndicaal statuut verankerd - aangezien dit de eenduidige visie in het APKB niet bevordert.

Naast deze algemene principes stelt de Vlaamse regering ook een aantal amendementen voor op de tekst van het voorliggend ontwerp-APKB die verder gaan dan de geformu- leerde voorstellen. Vlaanderen wil immers een personeels- beleid kunnen voeren dat gebaseerd is op nog meer respon- sabilisering en resultaatgerichtheid, en wenst hiervoor bijkomende wettelijke ruimte te krijgen.

Een aantal van de amendementen zijn erop gericht overbo- dige bepalingen te schrappen en over te dragen naar het eigen personeelsstatuut van de Vlaamse Gemeenschap. Die amendementen hebben betrekking op :


- de statutaire tewerkstelling : de stringente bepalin- gen van het APKB in verband met de statutaire tewerkstel- ling worden in vraag gesteld ten voordele van de keuze- mogelijkheid tussen statutaire en contractuele tewerk- stelling. Bovendien beperken de voorziene moge-lijkheden voor contractuele tewerkstelling nieuwe vormen van tewerkstelling, zoals interim-tewerkstelling of tewerk- stelling via andere tewerkstellingsprogramma's;


- de mogelijkheid tot het invoeren van een door Vlaamse ambtenaren af te leggen aangepaste eed;


- de beperking van de verplichte rol van het Vast Wervingssecretariaat (VWS) die gemeenschappen en gewesten beperkt in hun mogelijkheden om te voorzien in een eigen wervingsbeleid. De herziening van art. 87 õ 2 van de Bijzondere Wet tot Hervorming van de Instellingen is hiertoe een noodzaak. De Vlaamse regering gaat wel akkoord met het voorstel tot het hanteren van een objec- tief wervingssysteem dat, naar vorm en inhoud, waarborgen biedt inzake gelijke behandeling, verbod van willekeur, onafhankelijkheid en onpartijdigheid;


- de tuchtstraffen : het komt de deelstaten toe zelf te bepalen welke tuchtstraffen zij willen voorzien wanneer de ambtenaren hun plichten niet nakomen. Het principe van de tuchtstraf is een grondregel, de wijze waarop die wordt toegepast kan geregeld worden in het statuut;


- de administratieve standen : sommige bepalingen van het Vlaams Personeelsstatuut zijn strijdig met deze bepaling, terwijl de Vlaamse regeling voordeliger is voor het personeel. Dergelijke regeling hoort niet meer thuis in het APKB en dient overgelaten aan de deelstaat- regeringen.


- het ontslag zonder opzegtermijn : er wordt een rege- ling voorgesteld die in overeenstemming is met het Euro- pees Sociaal Handvest.


- de gelijkwaardigheid van de bezoldigingregels : de Vlaamse regering pleit voor gelijkwaardige bezoldiging en pensioenregeling voor bij arbeidsovereenkomst in dienst genomen personeelsleden en statutaire ambtenaren met het- zelfde of een gelijkwaardig ambt.

info : Koen Jongbloet, woordvoerder van minister Sauwens - tel. (02) 553 23 11
e-mail: persdienst.sauwens@vlaanderen.be

Deel: ' Positief Vlaams advies voor federaal ontwerp-APKB '




Lees ook