expostbus51


MINISTERIE SZW

https://www.minszw.nl

SZW:Toespraak minister De Vries

Nr. 99/120
28 juni 1999

Embargo:
28 juni 1999 tot
14.00 uur

Staatssecretaris Hoogervorst: prioriteit voor arbeidsomstandigheden in gehandicaptenzorg goed teken.

In de gehandicaptenzorg moeten we het hebben van concrete en structurele maatregelen om de arbeidsomstandigheden te verbeteren. Dat de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) in samenwerking met ABVAKABO, de FNV en CFO hier hoge prioriteit aan geven is een goed teken.
Dat zei staatssecretaris J.F. Hoogervorst van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bij de overhandiging van het onderzoek .Arbomanagement in de gehandicaptensector. en het onderzoek .Zes dingen doen in plaats van vijf. tijdens een bijeenkomst van de VGN op 28 juni in Den Haag.
Werkdruk is een van de knelpunten die aangepakt moet worden. 8% Ziekteverzuim betekent dat iedere dag zo.n 8.000 werknemers in de gehandicaptenzorg niet naar hun werk kunnen komen. Ziekteverzuim leidt onherroepelijk tot grotere werkdruk van collega.s en een te hoge werkdruk kan weer leiden tot ziekteverzuim. Een vicieuze cirkel die doorbroken moet worden, volgens de staatssecretaris. Met een goede verzuimbegeleiding valt er nog heel wat te winnen, zo zei hij.

Toespraak door staatssecretaris J.F. Hoogervorst van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bij het in ontvangst nemen van het onderzoek .Arbomanagement in de gehandicaptensector. en het onderzoek .Zes dingen doen in plaats van vijf. van de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland op 28 juni 1999 in Den Haag.

Hartelijk dank voor beide onderzoeken. Ik zal ze zeker grondig bestuderen. Helemaal onkundig van de inhoud ben ik overigens niet. Dus we kunnen zeker praten over het belang van goed arbobeleid in de gehandicaptenzorg.

Ik moet u zeggen dat de eerste indruk van het onderzoek .Arbomanagement in de gehandicaptensector. mij voor een dilemma plaatst.
Aan de ene kant zou ik de gehandicaptenzorg graag willen complimenteren met het hoge arbobewustzijn. Daar is volgens het onderzoek ook alle reden voor: arbobeleid heeft een plaats verworven op de agenda van de onderzochte instellingen. Dat is positief. Maar aan de andere kant word ik niet vrolijk van de constatering dat juist de vertaling van beleid naar concrete en structurele maatregelen de grote bottleneck is. Want van concrete en structurele maatregelen moeten we het wel hebben.

En juist daarom kies ik voor de positieve benadering. Het is een goed teken dat de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland in samenwerking met ABVAKABO, de FNV en CFO hoge prioriteit geeft aan het verbeteren van arbeidsomstandigheden.

Ik zou het pure winst vinden als aan het einde van deze conferentie alle betrokken partijen in de gehandicaptenzorg het vaste voornemen hebben om nu de slag met de weerbarstige praktijk te gaan winnen. Want daar zijn harde argumenten voor aan te voeren.

De gehandicaptenzorg is een belangrijke sector en de maatschappelijke relevantie van het werk is groot. Gehandicapten zijn aangewezen op de zorg en dienstverlening van uw werknemers.
Het is ook een grote sector. Er werken zo.n 100.000 mensen.

Dan getuigt het van inzicht om knelpunten die zich voordoen niet te omzeilen maar aan te pakken. En knelpunten zijn er.

De krapte op de arbeidsmarkt doet zich danig voelen. Bij ongewijzigd beleid zou voor de hele zorgsector het schrikbeeld opgaan dat er in 2003 zo.n 20.000 vacatures open blijven staan, zo becijferde de Nederlandse Zorgfederatie een jaar geleden.

Niet voor niets wordt alles op alles gezet om de sector voor de huidige en de toekomstige werknemers aantrekkelijk te maken. Dat is precies de achtergrond van het convenant arbeidsmarkt dat minister Borst en staatssecretaris Vliegenthart in december 1998 samen met een groot aantal partijen ondertekend hebben. .Convenant lokt mensen de zorg in. zo luidde de kop van een krantenbericht na de ondertekening van het convenant. Naast afspraken over arbeidsmarktmaatregelen en scholing moeten ook de aanpak van het ziekteverzuim en verbetering van arbeidsomstandigheden ertoe leiden dat mensen de zorg niet de rug toe keren.

U begrijpt dat ik me in zo.n aanpak kan vinden. De aantrekkingskracht van een sector wordt immers mede bepaald door de arbeidsomstandigheden. En wat dat betreft slaan de parameters voor de gezondheidszorg nu nog slecht uit. Met een ziekteverzuim van rond de 8% en een hoge instroom in de WAO ben je nog geen spekkoper op de arbeidsmarkt.

Een duidelijk knelpunt dus. Maar niet onoplosbaar.

Het onderzoek benoemt een top-vijf van risicofactoren: fysieke belasting, werkdruk, agressie, klimaat en geestelijke en emotionele belasting. De meeste maatregelen in het kader van het arbobeleid daarentegen spitsen zich toe op veiligheid. Niet onbelangrijk, maar deelnemers aan het onderzoek zien de grootste risico.s vooral op het gebied van gezondheid en welzijn. Daar valt dus nog veel te verbeteren. En er lijkt me alle aanleiding voor een serieus gesprek met de arbodienst voor verdere stappen.

Nemen we bijvoorbeeld het gezondheidsrisico werkdruk. In het onderzoek .Zes dingen doen in plaats van vijf' geeft 60% van alle ondervraagden aan last te hebben van gejaagdheid en tempodruk. Het zal niemand verbazen dat een te hoge werkdruk kan leiden tot ziekteverzuim. En ziekteverzuim leidt onherroepelijk weer tot grotere werkdruk van collega.s.

Als ik het percentage van 8% ziekteverzuim in de gezondheidszorg vertaal naar de gehandicaptenzorg, leert een eenvoudige rekensom dat iedere dag zo.n 8.000 werknemers niet naar het werk kunnen komen. Werknemers op wie gerekend werd toen de roosters werden opgemaakt en afspraken werden vastgelegd. U als mensen uit de praktijk weet wat dat betekent. De zorg die geboden moet worden, is niet optimaal en dat vreet aan mensen. Zeker aan mensen die gekozen hebben voor een beroep in de gehandicaptenzorg. En zo belanden we in een vicieuze cirkel van oorzaak en gevolg.

Een cirkel die doorbroken moet worden. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat met goede verzuimbegeleiding nog heel veel te winnen valt.

Ziekteverzuim vormt niet alleen een bedreiging voor de kwaliteitsnormen die u wilt halen of een probleem van collega.s onderling. Het is ook een financieel probleem.
Verzekeraar PGGM maakte onlangs bekend de premie met maar liefst veertig procent te zullen verhogen. Ook komt er een eigen risico na een half jaar ziekte. De uitkering bij ziekte wordt door de verzekeraar naar 70 procent gebracht, zodat de aanvulling voor de rekening van de werkgever komt. Dat is misschien vervelend, maar niet in alle opzichten. Het volledig wegverzekeren van ziekterisico.s kan gemakzucht in de hand werken. En ik zie het dan ook als een duidelijke aansporing om nog meer in te zetten op het voorkomen van ziekteverzuim.

Ik heb het ziekteverzuim en de instroom in de WAO een duidelijk knelpunt genoemd. En direct daaraan toegevoegd dat het niet onoplosbaar is.

U hebt vaste grond onder de voeten en dat is belangrijk. Werkgevers en werknemers zijn het eens over de doelstellingen van het arbobeleid, volgens het onderzoek. De top-drie voor beide partijen is: terugdringen van het ziekteverzuim, vergroten van motivatie van werknemers en het verbeteren van de kwaliteit van de dienstverlening.

Iedere verandering begint met inzicht en het formuleren van beleid. De uitdaging nu is: extra energie aanboren om de arbeidsomstandigheden daadwerkelijk te verbeteren en het ziekteverzuim naar beneden te schroeven.

Die inzet vindt u ook aan de kant van het kabinet: het gaat om een substantiële verbetering van arbeidsomstandigheden. Daarom is er voor de komende jaren 160 miljoen gulden uitgetrokken voor afspraken tussen werkgevers, werknemers en de overheid om concrete maatregelen te nemen. De arboconvenanten-nieuwe stijl zoals we dat noemen.

Het .nieuwe. zit in het uitgangspunt dat het gaat om concrete, taakstellende en meetbare afspraken om een aantal arbeidsrisico.s te verminderen. Het gaat om risico.s zoals werkdruk, tillen, RSI, schadelijk geluid, OPS, allergene stoffen en kwarts. Een aantal van deze risico.s zult u voor uw sector onmiddellijk herkennen.

Een arboconvenant-nieuwe-stijl is maatwerk. De sector of de bedrijfstak moet zich optimaal kunnen herkennen in de afspraken die gemaakt worden. Dat neemt niet weg dat we in gesprekken ter voorbereiding van een convenant wel een aantal vaste agendapunten opvoeren.

De risico inventarisatie en -evaluatie (RI&E) bijvoorbeeld. Daar zijn natuurlijk een aantal vragen over te stellen. Is ze voor verbetering vatbaar, werkt men vanuit één specifiek model voor de hele sector of juist niet, hoe werkt het? De RI&E is immers niet het eindpunt van arbobeleid maar het begin.

En we zijn ook zeer geïnteresseerd in de rol van de arbodiensten. Dat is een logisch agendapunt want bij arbodiensten zit veel kennis over en ervaring met verbetering van arbeidsomstandigheden, preventie, sociaal-medische begeleiding en reïntegratie. Zijn de arbodiensten een stevige partner of kopen we hun diensten mondjesmaat in?

En natuurlijk komen de gezondheidsrisico.s uitvoerig aan bod. En vooral wat we er aan kunnen doen. Concreet en taakstellend.

Een convenant sluit je niet een, twee, drie. Het is een stevig traject van drie partijen. Het gaat om gezamenlijke ambitie en inzet. U hebt van mij de verzekering dat de sector die zich meldt een serieuze gesprekspartner zal vinden.

Op deze conferentie gaat het erom om greep te krijgen op de weerbarstige praktijk van alledag. Dat is geen geringe doelstelling. Maar de moeite meer dan waard. Voor de werknemers in de gehandicaptenzorg en voor de mensen die op hun zorg moeten kunnen rekenen.


- LET OP EMBARGO -

28 jun 99 14:00

Deel: ' Prioriteit arbeidsomstandigheden gehandicaptenzorg gunstig '




Lees ook