Rijks Universiteit Groningen


Promotie

Eenzijdig beeld van schrijfster Stina Aronson in Zweedse literatuurgeschiedenis


Datum en tijd maandag 21 juni 1999, 16.00 uur Promovenda P. Broomans, tel. (050)363 72 75, fax (050)363 58 21, e-mail p.broomans@let.rug.nl (werk)

Proefschrift "Jag vill vara mig själv". Stina Aronson (1892-1956), ett litteraturhistoriskt öde. Kvinnliga forfattare i svensk litteraturhistorieskrivning - en metalitteraturhistorisk studie Handelsuitgave Carlssons Bokförlag, Stockholm, Zweden, april 2000
Promotores prof.dr. A.M. Swanson, prof.dr. G.J.L.M. Bennetsen-Laureys

Faculteit letteren

Plaats Aula Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen

Broomans (Bloemendaal, 1954) studeerde Scandinavische taal- en letterkunde in Groningen. Zij verrichtte haar promotieonderzoek bij de afdeling Scandinavisch van de RUG. NWO financierde het onderzoek.

Literatuurcritici proberen in hun recensies een auteur te karakteriseren. Literatuurhistorici bepalen wie wel en wie niet wordt opgenomen in de nationale literatuurtraditie. Petra Broomans vroeg zich af in hoeverre historici zich bij deze canonisatie laten leiden door de recensies van critici. Ze beschrijft hoe de Zweedse critici en historici zijn omgegaan met de vrouwelijke auteur Stina Aronson (1892-1956). Deze gevierde schrijfster raakte na haar dood in de vergetelheid. Broomans: "Je ziet dat de critici angstvallig probeerden Aronson te karakteriseren en te plaatsen. Tussen de regels door lees je een fascinatie voor, en een verwarring door de vele gezichten van Aronson". Een manier om dit rubriceringsprobleem uit de weg te gaan was om Stina Aronsons originaliteit te benadrukken. Toch is zij niet als zodanig gecanoniseerd. De literatuurhistorici zijn er volgens de promovendus niet in geslaagd haar originaliteit, vrouwelijkheid, provincialisme en modernisme in één beeld te verenigen. "Zij hebben ervoor gekozen slechts één aspect van haar oeuvre te belichten: het provincialisme." In de vrouwenliteratuurgeschiedenis gaat het al nauwelijks anders. "Deze historici schilderen vrouwelijke auteurs af als eenzame genieën." Volgens de promovendus hinken de feministische literatuurhistorici op twee gedachten: "Enerzijds wil men zich van de nationale canon bevrijden en een nieuwe canon scheppen, anderzijds wil men het werk van de vrouwelijke auteurs in de nationale canon integreren".

Deel: ' Promotie Eenzijdig beeld van schrijfster Stina Aronson '




Lees ook