Rijksuniversiteit Groningen


Ook de huidige verstrooide stad ontwikkelt zich systematisch

"Hoe meer de openbare ruimte geplaveid wordt met weelderig vlammende natuursteen en bezaaid raakt met speciaal ontworpen bankjes en lantaarnpalen, hoe verder de terugtocht van de publieke zaak is gevorderd. Afwezigheid van ontwerp is een maatstaf voor culturele vitaliteit." Aldus Bernard Colenbrander's eerste stelling in zijn proefschrift De verstrooide stad, waarop hij 30 september 1999 promoveert.

Ondanks de recente ontwrichting, is de stad volgens Colenbrander wel degelijk te beïnvloeden door een cultureel programma dat door de overheid gestimuleerd of opgelegd kan worden. "Maar dan moet zo'n programma wel steunen op het individualisme van de sinds 1800 gevormde burgerlijke cultuur", aldus Colenbrander. In zijn boek analyseert hij de stedebouwkundige theorieën, de sociale orde en de geografische omstandigheden die de structuur van de stad bepalen. Hij doet dit aan de hand van concrete gevallen in West-Europa en Noord-Amerika. Aan de orde komen steden als Chicago, New York en Amsterdam, ontwerpers, waaronder Daniel Burnham, Thomas Adams, Andrew Jackson Downing, H.P. Berlage, Rem Koolhaas, hun ontwerpen en hun theorieën. Colenbrander toont aan dat ook de hedendaagse stad zich ontwikkelt volgens een systematisch ruimtelijk mechanisme.

Colenbrander (Kraggenburg, 1956) studeerde kunstgeschiedenis en archeologie in Groningen. Hij is werkzaam als hoofdcurator van het Nederlands Architectuurinstituut (NAi) in Rotterdam, waar het onderzoek werd uitgevoerd. Het NAi en de Rijksplanologische Dienst in Den Haag financierden het onderzoek.

Deel: ' Promotie Verstrooide stad ontwikkelt zich systematisch '




Lees ook