27-05-1999

resultaat pensioenfonds iets onder gemiddelde

het resultaat van het shell pensioenfonds over 1998 ligt met 10,5 procent iets onder de gemiddeld 12,4 procent van de nederlandse pensioenfondsen, zoals dat is berekend door world markets company (wm) in het jaarlijks onderzoek. daarbij is een groot aantal nederlandse pensioenfondsen betrokken.

ondanks de ernstige terugval op de internationale financiele markten in het derde kwartaal behaalde het fonds op basis van de eigen berekeningsgrondslagen een gemiddeld beleggingsresultaat van 10,9 procent. op de verschillende beleggingscategorieen varieerde het rendement van 8,3 procent op de vaste eigendommen en 9,5 procent op de vastrentende waarden tot 12,6 procent op de aandelen.
het rendement is in belangrijke mate bepaald door de reeds jaren geleden gemaakte keuze om het vermogen voor een groot deel te beleggen in aandelen. per ultimo 1998 was de beleggingsportefeuille voor 60 procent belegd in aandelen, die bovendien wereldwijd zijn gespreid. deze wereldwijde spreiding is deel van de langetermijnstrategie om beleggingsrisico's te matigen. met name de in vergelijking met andere fondsen grotere spreiding van belangen buiten europa hebben het resultaat voor het fonds in 1998 verhoudingsgewijs gedrukt, ondanks dat het fonds overwogen was in de goed presterende regio's europa en de verenigde staten en onderwogen in japan en overig azie. het pensioenvermogen is verder toegenomen met ruim f 1,5 miljard tot f 25,9 miljard op 31 december 1998, waardoor de solvabiliteit van het fonds opnieuw is verbeterd.

pensioenvermogen verder toegenomen
het totaal aantal fondsleden in actieve dienst bleef per saldo nagenoeg ongewijzigd en bedroeg 11.600 eind 1998. ook het aantal pensioenen in betaling daalde enigszins van 17.800 naar 17.700. het bedrag aan pensioenbetalingen bleef ongeveer gelijk op f 900 miljoen. de pensioenverplichting is toegenomen tot ruim f 17 miljard, terwijl het pensioenvermogen is toegenomen met f 1,5 miljard tot f 25,9 miljard op 31 december 1998. de dekkingsgraad - de verhouding tussen het vermogen en de verplichtingen - bedroeg eind 1998 152 procent tegen 148 procent eind 1997. de uitstekende financikle positie van het fonds was aanleiding voor de raad van bestuur om de verplichte bijdrage van de aangesloten maatschappijen en van de fondsleden voorzover zij premie betaalden, vanaf 1 juli 1998 voorlopig op nul te stellen.
in het eerste deel van 1999 profiteerde het fonds van de verbeteringen op de financiele en vastgoedmarkten. het pensioenvermogen nam verder toe tot f 27,9 miljard per half mei van dit jaar.

franchise afgeschaft
verschillende ontwikkelingen, waaronder de afspraken gemaakt in het pensioenconvenant, dat in 1997 werd overeengekomen tussen het kabinet en de stichting van de arbeid, hebben ertoe geleid dat de pensioenregeling op 1 juli 1998 opnieuw op een aantal punten is vernieuwd. door de franchise af te schaffen is met een flinke stap tegemoet gekomen aan de zogenaamde tweeverdienersproblematiek. in het vervolg wordt pensioen opgebouwd over het gehele salaris, zij het met aangepaste opbouwpercentages. voorheen bestond er een franchise van ca. f 31.000. nu wordt over het salaris tot ongeveer f 50.000 per dienstjaar 1 procent opgebouwd. voor het salaris daarboven geldt 2 procent opbouw tot aan ca. f 110.000. over het meerdere wordt onveranderd 1,7 procent opgebouwd. de opbouwpercentages vallen daarmee binnen de maximumopbouw van 2 procent per dienstjaar, die in de "Wet Fiscale behandeling van pensioenen" aan eindloonregelingen als eis is gesteld.
Vanwege het streven zoveel mogelijk toetredingsdrempels weg te nemen, is besloten werknemers met een tijdelijke arbeidscontract van langer dan een jaar en werknemers jonger dan 25 jaar als volwaardig lid tot het Fonds toe te laten.

Deel: ' Resultaat Shell Pensioenfonds iets onder gemiddelde '




Lees ook