De Nederlandsche Bank NV
Afdeling Externe betrekkingen en voorlichting

13 januari 1999

De resultaten van de tweede basis-herfinancieringstransactie van het eurosysteem en informatie met betrekking tot de eerste langerlopende herfinancieringstransacties

Dit is een vertaling uit het Engels van een persbericht dat de Europese Centrale Bank (ECB)
op 12 januari heeft verspreid.

De tweede basis-herfinancieringstransactie
Op 11 januari 1999 heeft het Eurosysteem de tweede basis-herfinancieringstransactie aangekondigd, die heden is afgerond. De operatie, die is uitgevoerd via transacties met wederinkoop tegen een vaste rente van 3%, heeft een looptijd van 14 dagen (13-27 januari 1999). Aan de transactie hebben in totaal 1068 banken deelgenomen, die bij de nationale centrale banken inschrijvingen tot een bedrag van EUR 563 miljard hebben ingediend. Het totale bedrag aan liquiditeiten dat aan het bankwezen is toegewezen, bedraagt EUR 48 miljard, hetgeen neerkomt op een toewijzingspercentage van 8,52%.

Het feit dat op 13 januari 1999 met betrekking tot door de nationale centrale banken in de tweede fase van de Economische en Monetaire Unie (EMU) afgesloten liquiditeitsverruimende monetaire-beleidstransacties, een bedrag van ongeveer EUR 66 miljard afliep, is door het Eurosysteem bij het toewijzingsbesluit in aanmerking genomen. Bij het gegeven dat de aflopende transacties slechts gedeeltelijk worden vervangen door de tweede basis-herfinancieringstransactie is ook rekening gehouden met het op 13 januari 1999 bij de eerste langerlopende herfinancieringstransactie toe te wijzen bedrag (zie onderstaand).

Het toewijzingsbesluit is genomen op grond van een analyse van de liquiditeitsverhoudingen in het gehele eurogebied, waarbij de nodige aandacht is geschonken aan de onzekerheden in verband met de invoering van het nieuwe stelsel. Het besluit strekt ertoe de kredietinstellingen (over het geheel genomen) in staat te stellen met geleidelijkheid te kunnen voldoen aan hun reserveverplichtingen gedurende de eerste aanhoudingsperiode, die zich uitstrekt van 1 januari 1999 tot en met 23 februari 1999.

Verwacht mag worden dat, als gevolg van de invoering van de verschillende herfinancieringstransacties van het Eurosysteem, de totale, dagelijks door de kredietinstellingen op rekeningen-courant aangehouden bedragen op 13 januari 1999 lager zullen zijn dan de reserves die dagelijks gemiddeld moeten worden aangehouden om aan de geschatte reserveverplichting voor de eerste aanhoudingsperiode te voldoen. Het effect van deze dagelijkse onderschrijding ten opzichte van het vereiste daggemiddelde zal worden gecompenseerd door de aanvullende liquiditeiten die via de eerste langerlopende herfinancieringstransactie op 14 januari 1999 zullen worden verstrekt.

De definitieve totale reserveverplichting van de kredietinstellingen zal pas begin februari bekend zijn. Als leidraad voor de markt heeft het Eurosysteem op 4 januari 1999 een schatting van rond EUR 100 miljard gepubliceerd voor de totale reserveverplichting voor de eerste aanhoudingsperiode. Op grond van de thans beschikbare informatie, lijkt het waarschijnlijk dat het definitieve bedrag eerder iets hieronder dan hierboven zal liggen.

1 De eerste langerlopende herfinancieringstransactie

De eerste langerlopende herfinancieringstransactie zal op 12 januari 1999 worden aangekondigd en op 14 januari 1999 verrekend.

Zoals in de ECB-publicatie "Het gemeenschappelijke monetaire beleid in de derde fase: Algemene documentatie met betrekking tot de monetaire-beleidsinstrumenten en –procedures van het ESCB" gesteld, zijn de langerlopende herfinancieringstransacties "liquiditeitsverschaffende transacties met wederinkoop, met een maandelijkse frequentie en een looptijd van drie maanden. Deze transacties strekken ertoe tegenpartijen van aanvullende herfinanciering op langere termijn te voorzien en worden op basis van standaardtenders uitgevoerd door de nationale centrale banken. Bij deze transacties geeft het ESCB doorgaans geen signalen af aan de markt zodat normaliter de door de markt gewenste rentevoet wordt gehanteerd." In de Algemene Documentatie wordt ook gesteld dat de ECB van tijd tot tijd het bedrag aangeeft dat bij komende langerlopende herfinancieringstransacties zal worden toegewezen.

Zoals door de Raad van Bestuur op 22 december 1998 aangekondigd, zullen de eerste langerlopende herfinancieringstransacties worden uitgevoerd via variabele-rentetenders, met toewijzing op basis van een enkelvoudige rentevoet. De invoering van de langerlopende herfinancieringstransacties brengt met zich mee dat het Eurosysteem parallelle tenders met drie verschillende looptijden (25 februari 1999, 25 maart 1999 en 29 april 1999) moet uitvoeren. De ECB heeft zich voorgenomen bij elk van deze parallelle tenders een bedrag van EUR 15 miljard toe te wijzen. Het totale bedrag dat de ECB zich voorstelt bij deze drie transacties toe te wijzen is derhalve EUR 45 miljard (vergeleken met EUR 25 miljard aan door de nationale centrale banken gedurende de tweede fase verrichte liquiditeitsverruimende transacties, die aflopen op de verrekeningsdatum van deze eerste langerlopende herfinancieringstransactie).

Opgemerkt wordt dat, om voldoende tijd ter beschikking te hebben voor het verwerken van deze parallelle transacties, de ECB de resultaten van de tenders op 13 januari 1999 om 13:15 uur ECB-tijd (Midden-Europese tijd) bekend zal maken, in plaats van om 11.15 uur, het gebruikelijke tijdstip voor alle overige reguliere tendertransacties van het Eurosysteem.

Voor de volgende langerlopende herfinancieringstransacties in de loop van de eerste drie maanden van 1999, is het bedrag dat de ECB zich voorneemt toe te wijzen eveneens EUR 15 miljard per transactie.

Nadere informatie kan worden verkregen bij de Europese Centrale Bank, Press Division, Kaiserstrasse 29, D-60311 Frankfurt am Main, tel: 00 49 69 1344 7455, fax: 00 49 69 1344 7404.

Deel: ' Resultaten tweede herfinancieringstransactie eurosysteem '




Lees ook