05-08-1999

persconferentie over resultaten: 'blij' met meevallende cijfers

den haag - de verwachtingen van zelfs de meest positief gestemde financiële analist, zoals die de dagen voor de presentatie van de tweede-kwartaalcijfers van de koninklijke/shell groep waren gepubliceerd, werden nog overtroffen. de nettowinsttoename met 30% (tot $1.946 miljoen) en met 5% (tot $1.614 miljoen) als de voorraadeffecten en bijzondere baten/lasten buiten beschouwing worden gelaten, ten opzichte van het tweede kwartaal 1998, lag dan ook duidelijk boven het gemiddelde van de internationale concurrenten.

op een persconferentie in den haag zei koninklijke president-directeur maarten van den bergh "blij" te zijn met het resultaat, "maar ik realiseer me ook dat er nog een hoop te doen is om de beloften die we vorig jaar december deden, te realiseren." Zeker omdat er, op de stijging van de prijs van ruwe olie na, sprake was van "sterk verslechterende bedrijfsomstandigheden", zoals hij opmerkte. Zo daalden de toch al flinterdunne raffinagemarges verder, evenals die in de petrochemie. Ook was de gemiddelde gasprijs - die naijlt op de olieprijs - slecht en produceerde Shell minder olie, met name door sociale onrust in Nigeria. Daar miste Shell, volgens Koninklijke-directeur Harry Roels, in het tweede kwartaal gemiddeld 40.000 vaten olieproductie per dag omdat productieputten ingesloten moesten worden.

Kostenvermindering
Van den Bergh benadrukte dat een belangrijke stap is gezet op de structurele kostenverlaging van de Groepsoperaties. In het eerste halfjaar is daarvan $450 miljoen gerealiseerd en voor de rest van het jaar verwacht hij nog eens zo’n bedrag. In december vorig jaar zei de Groep te streven naar een kostenvermindering van $2,5 miljard, die eind 2001 gerealiseerd moet zijn.

Tegenover de pers benadrukte de voltallig aanwezige top van de Koninklijke dat er ook op het terrein van de investeringen een sterke discipline is doorgevoerd. Van den Bergh: "Het is niet meer zo dat projectvoorstellen zo omgebogen kunnen worden dat ze net aan de rendementseisen van de Groep voldoen. Ze moeten nu onderling concurreren om financiering te krijgen." Het gevolg hiervan werd in het tweede kwartaal sterk merkbaar; de investeringen bedroegen in deze periode $2,25 miljard, 26% minder dan in de vergelijkbare periode in 1998. Over heel 1999 komt het investeringsbedrag naar verwachting uit op $9-10 miljard. Vorig jaar werd nog $15,7 miljard geïnvesteerd.

Robuuste portefeuille
Op een vraag van journalisten naar prognoses over de olieprijs (als vuistregel geldt dat elke dollar per vat verlaging/verhoging van de olieprijs de Groep $425 miljoen op jaarbasis in de resultaten scheelt) omschreef Koninklijke-directeur Jeroen van de Veer de huidige situatie als "een wankel evenwicht tussen vraag, aanbod en voorraden, zodat er dus alle kans is op snelle fluctuaties."
Van den Bergh voegde daar aan toe dat de huidige relatief hoge prijs de Groepsleiding er niet toe zal verleiden om direct al de in december vorig jaar genomen uitgangspunten (‘de olieprijs schommelt de komende jaren rond de $14 per vat’ en ‘investeringen in nieuwe olie- en gasprojecten moeten ook voldoen aan de Groeps-rendementseisen bij een olieprijs van $10 per vat’) los te laten. "In het recente verleden hebben we gemerkt dat hele delen van onze portefeuille slecht uit de bus komen bij een lage olieprijs. Omdat we een terugkeer van die lage prijzen beslist niet uitsluiten, zouden we dus ook een potentiële kwetsbaarheid houden. Het blijft dan heel verstandig om je investeringen te toetsen aan een olieprijs van $10 olieprijs. Dat maakt je alleen maar extra robuust."
En: "Vergeet ook niet dat je in de upstream geen investeringen doet voor een paar jaar. Meestal zit je er vijftien of twintig jaar aan vast. En die olieprijs van boven de $19 per vat, geldt nog maar sinds een paar dagen."

Deel: ' Shell blij met meevallende cijfers '




Lees ook